Maak ckplus uw homepage Mail de webmaster CKPLUS


Moderne Kunst van 1860 tm heden
stromingen, stijlen, scholen en beeldende kunstenaars

Overzicht musea met (afdeling) Moderne Kunst en/ of hedendaagse kunst-klik hier
CKplus Moderne Kunst Site






Opgeven gratis maandelijkse CKplus Nieuwsbrief
Klik op uw keuze - of - doorzoek deze site met Ctrl+F

Monet


De Moderne kunst van 1860 tot 1918

Impressionisme

  • Impressionisme 1870-1910

  • Edgar Degas 1824-1917

  • Impressionisme en Van Gogh 1874

  • Claude Oscar Monet 1840-1926

  • Pissarro

  • François Auguste René Rodin

  • Vincent van Gogh portal LEES MEER, maar u verlaat nu deze site

    Neo Impressionisme

  • Georges Seurat

  • Paul Signac

    Art Nouveau

  • Art Nouveau

  • Horta

  • Alphonse Mucha

    Modernisme

  • Modernisme in Barcelona

  • Gaudi

    Symbolisme

  • Symbolisme

  • Edvard Munch

  • Odilon Redon

    Postimpressionisme

  • Postimpressionisme 2



  • Cezanne

  • Paul Gaugain

  • Henri deToulouse Lautrec

    Cloisonnisme

  • Cloisonnisme

  • Emile Bernard

    Jugendstil

  • Jugendstil

  • Art Nouveau

  • Neo Stijlen

    Weense Sezession

  • Weense Sezession

  • Gustav Klimt

    Fauvisme

  • Het Fauvisme

  • Fauvisme 2

  • Henri E B Matisse

  • Maurice de Vlaminck

    Expressionisme

  • Expressionisme

  • Expressionisme 2

  • Emil Nolde

  • Egon Schiele

    Groningse kunstenaars vereniging 'De Ploeg'

  • Groningse kunstenaars vereniging 'De Ploeg'

  • Jan Aaltink

  • Johan Dijkstra

  • Hendrik Werkman

  • Jan Wiegers
  •  Kirchner


    Die Brucke

  • Die Brucke

  • Erich Heckel

  • Ernst Ludwig Kirchner

    Kubisme

  • Kubisme

  • Kubisme

  • Kubisme 2

  • Georges Braque

  • Juan Gris

  • Juan Gris 2

  • Fernand Leger

  • Pablo Picasso

  • Pablo Picasso 2

  • Pablo Picasso 3

    Der Blaue Reiter

  • Der Blaue Reiter

  • Wassily Kandinsky

  • August Macke

  • Franz Marc

    Suprematisme

  • Malevich

  • Casimir Malevitch en El Lissitzky

    Constructivisme

  • Constructivisme

  • El Lissitzky

  • El Lissitzky 2

  • Vladimir Tatlin

  • Vladimir Tatlin2

    Amsterdamse School

  • Amsterdamse School

  • Amsterdamse School

  • Michel de Klerk

  • Van der Mey, Kramer en de Klerk

    Dada

  • Dada

  • Dada

  • Marcel Duchasmp

    Purisme

  • Purisme

  • Le Corbusier

  • Le Corbusier 2

    De Stijl

  • De Stijl

  • Theo van Doesburg

  • Theo van Doesburg

  • Bart van der Leck

  • Bart van der Leck 2

  • Piet Mondriaan

  • Piet mondriaan 2

  • Gerrit Rietveld

  • Rietveld Schröderhuis

    vanaf 1918: Het Interbellum

    Bauhaus

  • Bauhaus

  • Bauhaus 2

    Art Deco

  • art Deco

  • Art Deco 2
  • Wiegers


    Ecole de Paris

  • Ecole de Paris

  • Jean Bazaine en Serge Poliakoff

  • Marc Chagall

  • Marc Chagall 2

  • Amedeo Modigliani

  • Amedeo Modigliani

    Modernisme

  • Modernisme

  • Mies van der Rohe

    Nieuwe Zakelijkheid

  • Nieuwe Zakelijkheid

  • Max Beckmann

  • Max Beckmann 2

    Surrealisme

  • Surrealisme

  • Surrealisme 2 en overzicht schilders

  • Salvador dali

  • Max Ernst

  • Max Ernst 2

  • Alberto Giacometti

  • Alberto Giacometti 2

  • Paul Klee

  • Joan Miro

  • Joan Miro 2

    Magisch Realisme

  • Dick Ket (1902-1940)

  • Pyke Koch

  • Magisch realisme

  • Magisch Realisme 2

  • Magisch Realisme 3

  • Magritte

  • Carel Willink

  • Carel Willink 2

    ontwikkelingen vanaf 1945 tot heden

    Art Brut

  • Art Brut Jean Dubuffet

  • Jean Dubuffet

  • Jean Dubuffet 2

    Existentiële Kunst

  • Francis Bacon

  • Francis Bacon 2

  • Jean Fautrier

    Outsider Kunst

  • Outsider Kunst

  • Moore, Henry (1898 - 1986)

  • Henry Moore 2

    Abstract expressionism

  • Willem de Kooning

  • Willem de Kooning 2

  • Pollock

    CoBrA

  • CoBrA

  • Karel Appel

  • Constant (Constant Anton Nieuwenhuys )

  • Corneille

  • Lucebert

    Kinetische kunst

  • Moholy-Nagy

  • Jean Tinguely

    Pop-art

  • Pop art en Richard Hamilton

  • Roy Lichtenstein

    Op Art

  • Op art en Andy Warhol
  • Donald Judd


    1965 tot heden

    Minimalisme Donald Judd

  • Donald Judd

  • Donals Judd 2

    Conceptual Art

  • Joseph Beuys

  • Joseph Beuys 2

  • Joseph Beuys 3

    Installatie kunst

  • Barbara Kruger

    Neo expressionisme

  • Anselm Kiefer

  • Anselm Kiefer 2

    Neo Pop

  • Jeff Koons

  • Jeff Koons 2

    Nederlandse kunstenaars (kleine selectie).

  • Armando

  • Menno Baars

  • Gerti Bierenbroodspot

  • Eugène Brands

  • Henk Chabot

  • Jan Dibbets

  • Kees van Dongen

  • Sam Drukker

  • Marlene Dumas

  • MC Escher

  • Edgar Fernhout

  • Leo Gestel

  • Herman Gordijn

  • Klaas Gubbels

  • Henk Helmantel

  • Anton Heyboer

  • Jozef en Isaac Israels

  • Wim Izaks 1950-1989

  • Peter Klashorst

  • Theo Kuijpers

  • Kees Maks

  • Ans Markus

  • Piet Ouborg

  • Marte Röling

  • Ton Schulten

  • Jan Sluijters

  • Evert Thielen

  • Charley Toorop

  • Floris Verster

  • Co Westerik

  • Jan Wolkers

  • Engelstalige citaten belangrijke kunstenaars

    Overzicht musea
    * met Moderne Kunst = MK
    *met Moderne en Hedendaagse kunst = MHK
    * met Hedendaagse kunst = HK


  • Alkmaar Stedelijk Museum MK

  • Almere Museum De Paviljoens HK

  • Amersfoort Armando Museum MHK

  • Amersfoort Flehite museum MK

  • Amstelveen CoBrA museum MK

  • Amstelveen Museum Jan vd Togt MHK

  • Amsterdam de Appel HK

  • Amsterdam Fotografiemuseum MK

  • Amsterdam N I M K MHK

  • Amsterdam Stedelijk Museum MHK

  • Amsterdam Tassenmuseum Hendrikje Hedendaagse industriele vormgeving MHK

  • Amsterdam Van Gogh Museum MK

  • Appingedam Venhuizen Museum Møhlmann hedendaagse realistische en figuratieve kunst HK

  • Arnhem Museum Moderne Kunst MHK

  • Assen Drents Museum MK

  • Bergen NH Museum Kranenburgh MK

  • Breda Graphic Design Museum MHK

  • Den Bosch SM-s stedelijk MHK

  • Den Haag Beelden aan Zee MHK

  • Den Haag Fotomuseum MHK

  • Den Haag GEM voor actuele kunst HK

  • Den Haag Gemeentemuseum MK

  • Dordrecht Dordrechts Museum MK

  • Eelde Museum De Buitenplaats HK

  • Eindhoven Van Abbemuseum MHK

  • Eindhoven MU visuele cultuur van nu en later HK

  • Enschede RijksMuseum Twente MHK

  • Fijnaart Museum Van Lien Hedendaagse Kunst HK

  • Groningen Groninger Museum MK

  • Haarlem De Hallen HK

  • Heerenveen Museum Belvedere MHK

  • Heerlen SCHUNCK* (glaspaleis)MHK

  • Laren Museum SingerLaren MK

  • Leeuwarden Keramiekmuseum Princessehof MHK

  • Leiden Museum De Lakenhal Moderne en Hedendaagse kunst

  • Leiden Scheltema voor actuele kunst HK

  • Maastricht Bonnefanten MHK

  • Maastricht Marres Centrum voor Contemporaine Cultuur HK

  • Middelburg De Glazen Kast HK

  • Middelburg Zeeuws Museum MHK

  • Nijmegen Het Valkhof MHK

  • Otterlo Museum Kroller Muller MK

  • Rotterdam Boijmans v.Beuningen MHK

  • Rotterdam Chabot Museum MK

  • Rotterdam de Kunsthal MHK

  • Rotterdam Ned. Fotomuseum MK

  • Rotterdam TENT. hedendaagse beeldende kunst HK

  • Rotterdam Witte de With HK

  • Schiedam Stichting Kunstwerkt HK

  • Schiedam Stedelijk museum MK

  • Sittard Het Domein HK

  • Tilburg Museum De Pont HK

  • Uden '''Museum voor Religieuze Kunst'''MHK

  • Utrecht Centraal Museum MHK

  • Venlo Van Bommel van Dam MK

  • Venray Odapark, centrum voor hedendaagse kunst HK

  • Vledder Museums Grafiek en Glas HK

  • Waalwijk Nederlands Leder en Schoenen Museum Hedendaagse Industriële Vormgeving MHK

  • Zutphen Museum Henriette Polak MHK

  • Zwolle-Heino De Fundatie MHK





  • Impressionisme algemeen Werkstukken lees meer Impressionisme
    *1870-1910
    Impressionisme (licht gevangen in een toets van kleur)
    Impressionisme = de omwenteling van oude naar moderne kunst
    Wereld op twee manieren weergeven: objectief en subjectief
    Kenmerken impressionisme:
    - kwam voor in schilderkunst, minder in beeldhouwkunst niet in bouwkunst - reactie op academisme (heel precies schilderen) - snelle indruk in beeld brengen, invloed fotografie, toevallige composities, afsnijdingen - vormen en contouren vaag, vloeien in elkaar over - lichtval en zuivere kleuren (geen zwart) erg belangrijk, vorm minder belangrijk - plein-air schilderen (in de buitenlucht), grote penseel streken - aquarelverf, krijt als materiaal - natuur vaak als onderwerp - persoonlijke interpretatie aan werkelijkheid - bestuderen invloed van licht en kleur in momentopname - Manet, Monet, Dégas, Renoir, Pisarro bekende impressionistische schilders - Schetsmatige afwerking in beeldhouwkunst, levendig spel licht en schaduw - Rodin bekende impressionistische beeldhouwer

    Schilderkunst - alledaagse dingen (directe omgeving) - kijken, waarnemen - momentweergave - snelle manier van schilderen (weinig details) - buiten schilderen (plein-air)

    Beeldhouwkunst - vluchtige weergave - momentweergave De stijl van het impressionisme wordt bepaald door de volgende aspecten: • Een voorwerp kaatst de lichtstralen terug • Door de reflecties moest je verf snel opbrengen • Er is geen aandacht voor details en lineair perspectief

    De kenmerken van impressionisme zijn: -veel figuren -veel olieverf op doek -vaak 1 ding op de voorgrond -ruw en onprecies -korte penseelstreken -veel tegenstelling donker en licht -kleurgebruik past zich aan, aan de stemming van het schilderij Van Gogh schilderde aan het begin van zijn "impressionisme tijdperk" in Parijs vooral zijn eigen buurt. De kleurencombinaties die hij in zijn schilderijen verwerkte probeerde hij eerst uit met verschillende kleuren karton naast elkaar of bolletjes wol. De meeste impressionisten gebruikten kleuren naast elkaar en maakte hun schilderijen heel precies. Van Gogh was veel te ongedurig voor de stippen werden al gauw strepen. Zijn leermeester was de oude schilder Bizarro, van Gogh heeft Bizarro als het ware "nagedaan". Van Gogh’s vrienden waren de schilders: Gaugain, Bizarro, Cezanne en de 18-jarige Bernard. Impressionisme is ontstaan omdat de "gewone" schilder het snelle schilderwerk een impressie noemden. De impressionisten schilderden eigenlijk de realiteit op een andere manier. Er werden geen kleuren gemengd maar naast elkaar zodat je iedere keer een ander effect kreeg. Je kan ook goed zien welke tijd van de dag het is, ondanks de schilderijen vaak ruw en "onaf" zijn vormgegeven. * Fotografie => leidt tot afsnijding en een minder geposeerd beeld. * Uitvinding van de tubetjes verf => mengen kon nu op het doek en ook buiten het atelier. Belangrijke mensen: - Eduard Manet - Claude Monet => impressionistisch gebleven - August Rodin (= beeldhouder) - Dégas - Renoir - Pisarro 1) Werking licht/ sfeer schilderen, met name buiten. 2) Snelle directe schildertechniek (losse toetsen) 3) Toevallige compositie en abrupte afsnijdingen => door de fotografie 4) Allerdaagse onderwerpen 5) Schaduw vult aanvullende, contrasterende KLEUR ( dus geen zwart) Vanuit Nederland minder kleurrijk en vrolijk => vanwege het weer 2 Scholen: A) Haagse school:de 2e generatie hiervan is expressionistisch te noemen B) Amsterdamse school Breitner (maakte gebruik van z’n eigen foto’s) Baanbrekers => van impressionisme naar nieuwe: - Paul Cézanne => naar kubisme - Vincent van Gogh => naar expressionisme - Paul Gouguin => via symbolisme naar fauvisme - Henri de Toulouse => naar Jugendstil
    Neo-Impressionisme 1880 Neo-impressionisme= toepassing van kleur op wetenschappelijke basis • Als reactie op het impressionisme worden de kleuren veel fijner. • Men ontdekt dat d.m.v. primaire kleuren op afstand de kleuren mengen in het oog. • Pointillisme = stippeltechniek van primaire kleuren naast elkaar. • Het weergeven van vluchtige momenten was geen sprake meer want pointillisme vergde heel veel tijd. • Overgang tussen licht en schaduw is verdoezeld. • Heldere kleuren • Abrupte afsnijdingen " Schilderkunst - pointillisme (= stippeltechniek) - divisionisme (= ontleden van samengestelde kleuren in primaire kleuren) - rustige en evenwichtige compositie - grote aandacht voor vorm en diepere betekenis - geen zwart - invloed van Afrikaanse kunst
    Post-impressionisme 1880-1900 • Is reactie op het impressionisme. • Kunstenaar zocht voortdurend naar een gelijkmatige ordening van de vormen op het doek. Daarom maakte hij sommige vormen wat langer om zo een beter evenwicht te krijgen in de compositie. • Kunstenaar zocht evenwicht tussen koele en warme tinten • Helder en fel kleurgebruik, ongemengd en niet realistisch. • Het is belangrijk hoe je de verf op het doek aanbrengt. • Niet de werkelijkheid, maar innerlijke belevingen werden uitgedrukt • Contouren werden flink aangezet, grove hanteringwijze Aandacht voor het weergeven van gevoelens en gedachten d.m.v. onder andere primitieve weergaven Cézanne => 20e eeuw :geometrisch Van Gogh => :expressionisme Gauguin => :fantastische Seurat => :pointillisme

    Edgar Degas 1824-1917 lees meer
    *Edgar Degas 1824-1917 De schilder Edgar Degas wordt vaak onder de Impressionisten geschaard. Hij maakte echter meer gebruik van klassieke elementen en had een afkeer van buiten schilderen, waardoor hij een geheel eigen stijl creëerde, die wel gerelateerd is aan het impressionisme.

    Impressionisme 1874 lees hier alles
    *Impressionisme Benaming voor een stijlrichting binnen de schilderkunst, literatuur en muziek uit de tweede helft van de 19e eeuw. Het impressionisme beoogt de uiterlijke indruk [Frans: impression] van een kunstwerk op de toeschouwer respectievelijk de toehoorder over te brengen. Het doel was om meer door suggestie dan door precieze schildering de indrukken vast te leggen. Het impressionisme heeft iets vluchtigs over zich, het gaat meer om het gevoel, de verbeelding en het effect daarvan op de toeschouwer. Vandaar ook de voorliefde van de impressionisten voor de vermoede omtrekken in plaats van de harde lijnen of het spel van licht en schaduw op het gebied van de schilderkunst. Men wil niet langer het object zelf uitbeelden, maar het vluchtige ervan proberen te vangen. Het zijn de subjectieve waarnemingen van de kunstenaar en de weergave daarvan die centraal staan. Het impressionisme was (vooral) in het Frankrijk van 1860 tot 1890 een totaal nieuwe stijltechnische conceptie die tegenover het toen algemeen aanvaarde en officieel erkende academisch classicisme stond.

    Claude Oscar Monet 1840-1926 lees meer
    *Biografie CKV Claude Oscar Monet 1840-1926 Op 14 november 1840 werd Claude Monet op de wereld gezet, al snel zou zijn talent blijken. Een getalenteerd schilder, die mee aan de basis ligt van het impressionisme, een kunststroming die voornamelijk plaatsvond in Frankrijk na 1860. In dit werkje bekijk ik zijn leven, zijn werk en het impressionisme van dichterbij.

    Pissarro lees meer
    *Pissarro werd geboren op Saint Thomas, een eiland van de Maagdeneilanden, die tot 1917 een Deense kolonie waren. Zijn hele leven behield hij de Deense nationaliteit. Zijn vader was een welvarend koopman. De familie, van origine Frans en joods, vestigde zich enige jaren voor zijn geboorte op St. Thomas

    François Auguste René Rodin lees meer
    * François Auguste René Rodin was een Franse beeldhouwer, aquarellist en tekenaar die werd geboren op 12 november 1840 in de Franse hoofdstad Parijs. Hij leefde als kind zeer arm. Auguste Rodin stierf op 77-jarige leeftijd in november 1917 in het Franse stadje Meudon.

    Georges Seurat lees meer
    *l Georges Seurat Frans pointillistisch kunstschilder en tekenaar, geboren 2 december 1859 te Parijs – overleden 29 maart 1891 in Parijs. Het werk van Georges Seurat behoort tot het pointillisme, een schilderstijl binnen het impressionisme. Hij was samen met Paul Signac de grondlegger van het negentiende-eeuwse neo-impressionisme. Seurat kwam tot de conclusie dat er bij punten of stippen van pure onvermengde kleuren die naast naast elkaar worden geplaatst van een bepaalde afstand gezien een grotere schittering en intensiteit wordt verkregen en de ogen de stippen tot een geheel combineren en een plaatje zien. Zijn techniek van de weergave van licht door gebruik te maken van stippen en kleine penseelstreken met contrasterende kleuren werd bekend als pointillisme of divisionisme. Deze techniek werd veel gebruikt in het neo-impressionisme, waarvan Seurat een markant vertegenwoordiger is. Seurat gebruikte de techniek waarschijnlijk vanuit de gedachte dat al die streekjes een levendiger effect zouden veroorzaken dan het mengen van kleuren. Deze werkwijze creëert echter een bijzonder soort mist.

    Paul Signac lees meer
    *Paul Signac (1863-1935)Frans schilder en graficus, geboren op 11 november 1863 in Parijs. Paul Signac is een van de belangrijkste neo-impressionistische kunstschilders Hij werkte samen met Georges Seurat en creëerde pointillistische schilderijen.Signac komt uit een rijke familie en hoefde nooit voor zijn geld te werken. Opmerkelijk is, dat hij geheel autodidact is. Hij leerde zich de schilderkunst zonder lessen bij iemand te volgen aan.

    Art Nouveau lees meer
    *Art nouveau, letterlijk nieuwe kunst, groeit op het einde van de negentiende eeuw tot een belangrijke kunststroming in de architectuur en de sierkunsten*. Haar bloeiperiode loopt tot de Eerste Wereldoorlog
    HISTORISCHE INVLOED
    INLEIDING ART NOUVEAU DIASPORA
    Wereldoorlog. Art nouveau weigert de vormen van het verleden te kopiëren. Toch blikken haar ontwerpers nadrukkelijk terug naar de geschiedenis -vooral de middeleeuwen. Vormen uit de gotiek, de renaissance of de barok worden verwerkt tot eigentijdse ontwerpen. In het verwerkingsproces vervullen de volgende elementen een belangrijke rol: - de invloed van de industrie (nieuwe materialen) - de versterkte aandacht voor de natuur (skeletbouw*, florale motieven) - de ontdekking van de oosterse kunst (japanisme)

    Victor Horta lees meer
    *1861 Horta wordt geboren te Gent op 6 januari. Zijn vader is schoenmaker. 1873 Schrijft zich in aan de Academie voor Schone Kunsten te Gent, Afdeling Architectuur en blijft tussen 1874 en 1877 les volgen in het Koninklijk Atheneum van Gent.

    Alphonse Mucha lees meer
    *Alphonse Mucha werd geboren op 24 juli 1860 in Ivancice, Moravië. Als een realistische artiest met hoge verwachtingen werkte hij naar een carrière als geschiedkundig schilder. Hij had reeds verschillende opdrachten gekregen voor grote muurschilderingen en olieverf schilderijen die religieuze of historische onderwerpen moesten voorstellen. Mucha wilde echter zijn artistiek talent uitbreiden en vatte studies aan in Praag en München. Voor de financiering van deze studies kon hij rekenen op de geldelijke steun van een rijke Tsjechische heer.

    Modernisme in Barcelona lees meer
    *Modernisme Barcelona staat wel bekend als de stad van het Modernisme. Het is een prachtige stad dat bruist van leven en dat heden ten-dage nog veel jonge artiesten, architecten en designers herbergt. Velen komen van alle delen uit de wereld om in Barcelona een studie Architectuur of Design te volgen.
    Het Modernisme
    Het Modernisme was een culturele beweging van de late 19e eeuw en begin 20e eeuw die vernieuwend was in zowel literatuur, theater, architectuur als design. De modernistische stroming betekende een radicale breuk met het verleden. Deze beweging heeft in verschillende landen een andere benaming gehad. In Catalonië heet de stroming Modernisme, in de rest van Spanje Modernismo, in Frankrijk en België Art Nouveau en in Duitsland Jugendstil. In Nederland is deze stroming ook onder de naam Jugendstil bekend.

    Gaudi lees meer
    *Antoni Gaudi Gaudí werd geboren op 25 juni 1852 in Reus (Spanje) als zoon van een kopersmid. In 1873 begon hij in Barcelona zijn architectuurstudie aan de academie. Al tijdens zijn studie kreeg hij zijn eerste openbare opdracht: het ontwerpen van een straatlantaarn voor de stad Barcelona. Bij zijn ontwerpen zette hij zich af tegen de heersende bouwtradities. Hierin werd hij beïnvloed door de filosoof Pau Milà y Fontanals. Naast een grote voorliefde voor het op de Middeleeuwen geïnspireerde ambachtelijke, ontwikkelde hij een sterke voorkeur voor vormen uit de natuur.

    Symbolisme lees meer
    *Symbolisme
    De verschijning in 1886 van het Manifeste du symbolisme, in de literatuurbijlage van Le Figaro, wordt doorgaans aanzien als het begin van de symbolistische beweging. In dit artikel heeft Jean Moréas het over het bestaan van een "poésie symbolique", waarvan "vêtir l’idée d’une forme sensible" het streven is.
    Aanvankelijk wordt het symbolisme beschouwd als een overwegend literaire stroming, met in Frankrijk Jules Laforgue en Stéphane Mallarmé als voornaamste vertegenwoordigers. Ook België zal een belangrijke symbolistische literaire productie kennen dankzij auteurs als Maurice Maeterlinck, Emile Verhaeren en Georges Rodenbach.

    Edvard Munch lees meer
    *Edvard Munch De Schilder
    Edvard Much (1863-1944) woonde zijn hele leven in Noorwegen en was een belangrijk figuur in het expressionisme. Op zijn 17e begon hij met schilderen, in zijn werken komen vooral de thema's dood, obsessies, angst en twijfel naar voren. Deze thema's waren kenmerkend voor zijn eigen leven, hij verwerkte onder andere de dood van zijn zus en vader in schilderijen.
    In zijn 80-jarige leven heeft hij meer dan 20.000 stukken gemaakt, waaronder schilderijen, beeldhouwwerken en lithografiën.

    Odilon Redon lees meer
    *Odilon Redon
    Frans schilder en graficus, geboren 20 april 1840 Bordeaux - overleden 06 juli 1916 Parijs.
    Redon leerde het schildersvak bij J.-L. Gérôme en raakte geobsedeerde door de anatomie en osteologie. Hij had een zeer grote waardering voor het werk van Delacroix. Tot 1835 produceerde hij vnl. litho's (vb. de bundel dans le rêve, 1871), houtskooltekeningen en illustraties bij literair werk (van o.a. Baudelaire en Flaubert). Nadien hield hij zich meer bezig met kleurrijke schilderijen en posters.

    Postimpressionisme lees meer
    *Postimpressionisme is een verzamelnaam om een aantal verschillende stromingen te benoemen die voortkomen uit het impressionisme, zoals het pointillisme en het synthetisme of cloisonnisme. Daarnaast worden onder het postimpressionisme invloedrijke eenlingen geschaard, zoals Vincent van Gogh en Cezanne. Schilders die grote invloed hebben op volgende generaties, maar geen stroming of beweging om zich heen vormen. Het pointillisme van George Seurat (1859-1891) en Paul Signac (1863-1935) is gebaseerd op de theorie van het divisionisme. Het is het naast elkaar, in bepaalde verhoudingen, plaatsten van stipjes in primaire kleuren (geel, rood en blauw) die door optische vermenging secundaire kleuren (zoals groen, oranje of paars) vormen. Het synthetisme of cloisonnisme is een door het symbolisme beïnvloede reactie tegen het impressionisme. Deze schilders vinden dat de naturalistische uitgangspunten van het impressionisme de expressie van gevoelens, ideeën en emoties in de weg staan. Kenmerkend zijn duidelijk omlijnde, grotere vlakken. De stroming wordt ook wel 'School van Pont Aven' genoemd, naar het dorp Pont Aven in Bretagne waar de kunstenaars rond de schilder Paul Gauguin (1848-1903) zijn samengekomen.

    Cezanne lees meer
    *De postimpressionisten Cezanne
    Paul Cézanne is een schilder, die een enorme invloed heeft gehad op de twintigste eeuwse schilderkunst. Picasso werkte diens stijl verder uit tot het kubisme, Matisse bewonderde vooral zijn kleurgebruik. Cézanne wordt vaak gezien als de vader van de Moderne Kunst. In zijn eigen tijd was hij echter een buitenstaander en werd vaak onbegrepen. De invloed op Van Gogh is zeer groot geweest

    Paul Gaugain lees meer
    *Paul GauguinEen Frans schilder, beeldhouwer, keramicus en graficus en een van de leidende figuren van het postimpressionisme in de jaren 1880-1890 die veel invloed heeft gehad op de kunst van de 20ste eeuw door in zijn werk vorm en kleur tot expressieve middelen te ontwikkelen. Paul Gauguin wordt wel de vader van het expressionisme genoemd, omdat hij gevoelens wilde uitdrukken via kleur en niet meer louter de werkelijkheid wilde weergeven. Vincent van Gogh ontmoette Gauguin toen hij bij zijn broer Theo in Parijs woonde. Gauguin en vele anderen uit dezelfde kring van schilders zouden een grote invloed hebben op Van Gogh's benadering van het schilderen. Niet lang nadat Vincent begin 1888 naar Arles was verhuisd schreef Theo dat Gauguin ziek was, schulden had en depressief was. Vincent had Gauguin uitgenodigd om hem in Arles te vergezellen in de hoop een soort kunstenaarscommune te vormen in het zuiden van Frankrijk. Gauguin kwam uiteindelijk in oktober 1888 naar Arles en trok in bij Vincent in zijn 'Gele huis'

    Henri de Toulouse Lautrec lees meer
    *Henri de Toulouse-Lautrec Post-impressionisme 1864 – 1901 De Franse kunstschilder en graficus Henri Toulouse-Lautrec (1864-1901) was een telg uit een adelijke familie. Op jonge leeftijd brak Henri beide benen, die daarna nauwelijks meer groeiden. In 1882 ging Lautrec naar Parijs om zich bezig te gaan houden met de schilderkunst. Henri Toulouse-Lautrec bracht veel tijd door in het uitgaansleven rond Montmartre en dat is zichtbaar in zijn werk. De onderwerpen van zijn schilderijen en grafiek waren: de café's, de bordelen, het cabaret, het theater, het circus en de renbanen. In 1887 ontmoette Lautrec Vincent van Gogh . Zij werden vrienden en trokken geruime tijd met elkaar op tot Van Gogh Parijs verliet. Na 1896 kreeg Henri Toulouse-Lautrec, door overmatig drankgebruik, steeds meer problemen met zijn gezondheid. In 1899 stortte de kunstenaar in en werd hij in een kliniek opgenomen. Het werk uit zijn laatste jaren is duidelijk minder helder van kleur.

    Cloisonnisme lees meer
    *Emile Bernard, die een korte tijd met Gauguin in Pont-Aven samenwerkte maar een veel minder centrale rol heeft gespeeld dan Gauguin, beriep er zich op, dat hij het eerst deze synthese had toegepast - zij het ook onder de naam van ‘cloisonnisme’ - in zijn schildering Bretonnes dans la prairie. Dit ‘cloisonnisme’ is identiek met het synthetisme. Het betekent een wijze van uitbeelden waarbij de figuren in contourlijn (die als het ware het ‘cloison’ vormt) worden weergegeven, terwijl de binnenruimte met kleur wordt opgevuld, in analogie van de vervaardiging van émail cloisonné.
    Tot dit cloisonnisme had, waar het de schilderijen van Bernard betreft, in niet geringe mate Cézanne's wijze van componeren bijgedragen. Voor het synthetisme van Gauguin was Puvis de Chavannes' voorstelling Le Pauvre Pêcheur (1881) van invloed geweest: de figuur van een zielige man, die in zijn boot staat te hengelen, is hier in brede vlakken, met een contourlijn geschilderd. Ook de Japanse prent speelde een belangrijke rol bij Gauguin's twee-dimensionale vormgeving.
    Wat zowel voor de schilders zelf, voor Gauguin en Bernard, en evenzeer voor de tijdgenoten als nieuw en revolutionnair element gold was in de eerste plaats deze zeer eenvoudige trant van uitbeelden, die wij vlak-decoratief noemen. De vormgeving viel het eerst op, niét de voorstelling zelf. Precies zoals een halve eeuw eerder Delacroix' schilderijen de critici frappeerden door de impressionistische toets, en niet vanwege de inhoud

    Emile Bernard lees meer
    *Émile Bernard Franse schilder van het neo-impressionisme, geboren 28 april 1868 in Rijs¬el (Frans: Lille) - overleden 16 april in Parijs.
    Franse symbolistische kunstschilder. Na een pointillistische periode gaat hij evenals Gauguin in de zogenaamde cloisonnisme-stijl schilderen. Bij deze stijl worden grote kleurvlakken omrand door donkere contourlijnen, het bereikte effect lijkt op cloisonné.
    De schilderijen van Émile Bernard zijn in diverse musea, waaronder Museo Thyssen-Bornemisza in Madrid en het Van Gogh Museum in Amsterdam.

    Jugendstil lees meer
    * Jugendstil Een unieke kunststroming gedurende 1880 tot 1914. Een heel bijzonder kunstrichting, immers, ze bouwde nergens op voort... ze had geen vervolg... Een korte, hevige bloeitijd! Een verwachtingsvol ochtendgloren aan het begin van de nieuwe, 20e eeuw. Een optimistisch wereldbeeld Geloof in de toekomst. De Jugendstil wil emoties uitdrukken.(In die tijd werd het zieleleven belangrijk.)
    De jeugd viert het feest van de zintuigen (ruiken, voelen, zien, proeven, horen...) De zintuigen zijn een bron van geluk. Sferen vloeien ineen: muziek-water-lucht-hemel-kosmos...
    Zwierige stijl Golvende ornamentele lijnen Dynamische zweepslagen Gestileerde planten Voorliefde voor nieuwe moderne technieken

    Art Nouveau lees meer
    * Art nouveau
    De 20ste januari 1900 stierf, tachtig jaar oud, John Ruskin. Hij had, devoot discipel van Carlyle, als deze tegen de stroom van zijn tijd opgeroeid, maar, anders dan deze, nog tijdens zijn leven een soort gelijk gekregen. Bij zijn dood werd hij dan ook, zowel in de Oude als de Nieuwe Wereld, als een profeet vereerd. ‘Een zeer groot man’ noemde hem die andere profeet, die van Jasnaja Poljana, ‘hij leek op een Russische boer’, bepaald een hulde in de ogen van hem die zelf ook op zijn boeren wilde lijken.1 Gandhi bekende dat zijn leven door de lectuur van Ruskins Unto this last, waarin deze zijn maatschappelijk hervormingsplan had ontvouwd, was veranderd en Berdjajew is Engels gaan leren vooral om de grote dode in het oorspronkelijk te kunnen lezen.2 In de Mercure de France wijdde Marcel Proust hem bij zijn heengaan een bewonderende beschouwing, waarin hij hem met zoveel woorden met de oudtestamentische zieners vergeleek.

    Neo Stijlen lees meer
    *Neostijlen Al aan het einde van de 18e eeuw kwam als reactie op de barok en de rococo het neo-classicisme op. Deze stijl grijpt terug op de bouwkunst van de klassieke oudheid en de renaissance. Uitgangspunt voor het neo-classicisme waren de vijf zuilentypen, elk met een eigen uitstraling: Toscaans, Dorisch, Ionisch, Corintisch en Composiet.
    Rond 1830 werden architecten steeds meer gegrepen door de Middeleeuwen. Als gevolg hiervan ontstond een stijl die zich op de middeleeuwse gotiek baseerde: neo-gotiek. Met name in de kerkbouw vond deze stijl veel toepassing.

    Weense Sezession lees meer
    *Weense SezessionDe Weense Secession wordt gerekend tot de Jugendstil. Secession is afgeleid van secessio, Latijns voor afscheiding. In april 1897 scheidden negentien kunstenaars en architecten zich namelijk af van de gevestigde Weense kunstenaarsvereniging, het Künstlerhaus. Initiafnemers tot de stichting van een nieuwe kunstenaarsvereniging in café Griensteidl zijn Josef Hoffmann, Gustave Klimt en Joseph M. Olbrich. Klimt wordt gekozen tot voorzitter. Hij profileert zich als woordvoerder en drijvende kracht. Josef Hoffmann is vice-voorzitter en Carl Moll secretaris. Zij zijn ook als kunstenaars drijvende krachten. In 1899 wordt de richtinggevende architect Otto Wagner eveneens lid.

    Gustave Klimt lees meer
    *Gustav Klimt (1862-1918) staat bekend als schilder van prachtige vrouwen: mythologische godinnen en heldinnen, maar ook ontelbare portretten van de Weense nouveau-riche dames. Het werk van Klimt wordt beheerst door het fin-de-siècle gevoel: symbolisme, art nouveau en decadentie. Een gevoel dat tot uitdrukking komt in het schone en kunstzinnige in de wereld, 'een pure schoonheid die bij niemand minder dan een vrouw bereikt wordt' aldus Klimt.

    Het Fauvisme lees meer
    * Het Fauvisme (25, 68, 69) is de eerste richting die het zwaartepunt van de voorstelling naar het schilderen zelf, naar het lijnen- en kleurenspel verlegde en is hierdoor een van de baanbrekende richtingen geweest in de moderne schilderkunst.
    Matisse (25) gaat zelfs zover met te zeggen: 'Bij het bekijken van een schilderij moet men vergeten wat het voorstelt'. Waar het op aankomt is alleen de kwaliteit van het sentiment, zoals zich dit in het spel van de middelen uitdrukt. Voor een Fauve moet een schilderij niet alleen de heerlijkheid van het leven tot uitdrukking brengen maar het moet tevens op zichzelf een sieraad zijn in elke omgeving. Liefst ook bij elke behoorlijke belichting, en zowel van dichtbij als op grote afstand.

    Fauvisme 2 lees meer
    * Fauvisme De term is afkomstig van de uitdrukking 'les bêtes fauves' (de wilde beesten). Hiermee wordt vanaf ongeveer 1905 een groep kunstenaars in Frankrijk mee aangduid, die gebruik maakten van felle onvermengde kleuren, een heftige lijnvoering, geen modellering door middel van licht en schaduwwerking wilden en niet de illusie van ruimte nastreefden. Ze werden beïnvloed door Van gogh en gauguin en waren zelf de voorlopers van het expressionisme.
    Aanvankelijk schilderen de meesten van hen nog in impressionistische stijl. Maar tegen 1905 gebruiken zij felle onvermengde, contrasterende kleuren in grote kleurvlakken, een heftige lijnvoering, geen modellering door middel van licht en schaduwwerking. In het gebruik van zuivere kleuren (primaire, secundaire, tertiare kleuren) + zwart en wit, gingen ze tot het uiterste: toonovergangen werden gemeden. Vormen werden vereenvoudigd en vaak door zwarte lijnen afgebakend, wat de dieptewerking en dus de illusie van een derde dimensie vanzelfsprekend grotendeel teniet doet. Wat betreft de ruimte in het schilderij, werd het perspectief gewoon weggelaten of werd er een persoonlijke invulling aan gegeven. Ruimtelijk effect werd vooral bereikt met overlappen, verkleinen naar achteren en ook wel door kleurgebruik (rood, geel en oranje op de voorgrond; blauw en groen op de achtergrond). Het schilderij is geen reproductie van de zichtbare natuurlijke omgeving. Het is een beeldende kompositie waarin de emoties van de kunstenaar tijdens het waarnemen van die omgeving worden uitgedrukt. Schilderen wordt een ritmisch ordenen van lijnen en kleuren op een plat VLAK in een poging de zichtbare werkelijkheid zoveel mogelijk te vereenvoudigen. Kleur, vorm, plaatsing, verhoudingen en lege ruimte zijn bepalend voor het uitdrukken van het gevoel

    Henri Matisse lees meer
    *Henri Emile Benoit Matisse werd op 31 December 1869 in Cateau-Cambresis, in het noorden van Frankrijk geboren. Na de lagere school in Saint-Quentin, stuurdeerde hij rechten in Parijs en haalde zijn diploma. Zonder ook maar één van de Parijse musea bezocht te hebben, vertrok Henri Matisse in 1888 weer naar Cateau Cambresis, waar hij een administratieve baan bij de rechtbank wist te bemachtigen. In 1889 besloot hij een schildercursus in Saint-Quentin te volgen.

    Maurice de Vlaminck lees meer
    * Maurice de Vlaminck (1876-1958) Franse kunstenaar De Franse kunstenaar Maurice de Vlaminck (1876-1958) werd geboren in Parijs. De Vlaminck was een kleurrijk persoon. Hij was als schilder autodidact en beoefende de wielersport, terwijl hij de kost verdiende met het geven van vioollessen. Hij schreef ook romans, gedichten en enkele essays.
    Invloed In Chatou maakte Maurice de Vlaminck in 1900 kennis met de kunstschilder André Derain en besloot ook kunstenaar te worden. Andere schilders als Kees van Dongen, Max Jacob en Pablo Picasso ontmoette hij in het café Azon. Aanvankelijk werd zijn werk sterk beïnvloed door Vincent van Gogh.

    Expressionisme lees meer
    *vanaf 1905: Het expressionisme van voor de tweede wereldoorlog is in grote lijnen een duidelijke voortzetting van de experimenten van de post-impressionisten. Het ging niet meer in eerste instantie om het overtuigend afbeelden van de zichtbare werkelijkheid. Veel belangrijker was de gedachte, of het gevoel, dat uit het werk naar voren komt. De kunstenaars waren in de eerste helft van de twintigste eeuw vooral bezig de dingen om hen heen steeds maar weer op een andere manier te bekijken en weer te geven. In 1911 wordt de term Expressionisme voor het eerst met betrekking tot de beeldende kunst gebruikt. In het begin doelde men met deze term eigenlijk alleen op een groep Duitse kunstenaars die vanaf 1905 werk maakten dat onder deze noemer kon vallen. Later werden ook andere kunstenaars tot het Expressionisme gerekend

    Expressionisme 2 lees meer
    *Expressionisme Stroming in de 20ste eeuw. Had zijn hoogtepunt tussen 1905 1940, ongeveer maar leeft het ook nog in de hedendaagse tijd. Het was en reactie op het postimpressionisme, wat voor de 2e wereldoorlog was. Bij het postimpressionisme ging het er om, om een portret of landschap zo overtuigend mogelijk neer te zetten. In andere woorden het zo goed mogelijk neer zetten van de ZICHTBARE werkelijkheid. Bij het expressionisme ging het om een gedachte of een gevoel door het schilderij naar buiten te laten komen.
    - Begonnen in Duitsland> Die Brücke, Der Blaue Reiter, Die Neue Sachlichkeit.
    - Vooral in de schilderkunst was de stroming duidelijk te zien; kleur wordt gebruikt om gevoelens te weergeven.
    - Fauvisme: Fauves> Wilde dieren. Stroming van korte duur. Voorloper Paul Gauguin. Verwantschap aan het expressionisme. Kenmerken: Het gaat vooral om kleur> kleurpatronen, harde ongemengde pigmenten> intens, vlak> ook vaak geen perspectief vaak versimpelde beelden en er werd vaak ook niet natuurgetrouw geschilderd.
    Het expressionisme is begonnen in Duitsland waar vooral groepen zoals Die Brücke, Der Blaue Reiter en die Neue Sachlichkeit een grote rol in speelde. Wat je vaak in expressionistische werken ziet is dat ze vaak afwijken van de werkelijkheid. Kleur wordt ook vaak gebruikt om gevoelens te accentueren. Het perspectief wordt soms opzettelijk niet meer juist of helemaal niet toegepast. Het expressionisme kenmerkte zich door dyonische (appollinisch> Apollo, dyonische> Dyionysos) wat we al hebben geleerd bij Nederlands wat namelijk met het gevoel te maken heeft. Andere (mogelijke) vertalingen van het expressionisme zijn: extatisch, ondoordacht, geestesvervoering, onbeheerst en onrustig (zelfs soms dronkenschap!) Andere kenmerken zijn:
    - Felle kleuren
    - Grillige beelden
    - Slordig schilderwerk
    - Plat vlak> geen perspectief dus
    - Er wordt meer geschilderd vanuit het gevoel, het kind dan vanuit de ratio, de volwassene.

    Emil Nolde lees meer
    *Emil Nolde, pionier van het expressionisme Een storm van kleur In het Gemeentemuseum Den Haag kan deze lente het expressieve en kleurrijke werk van de vermaarde Duitse schilder Emil Nolde (1867-1959) worden bewonderd.(dit was in 2003) Zijn onderwerpen zijn zeer divers: het levendige Berlijnse uitgaansleven met zijn opera en theater, landschappen en zeestukken, zonnige bloemstukken, portretten van collega-kunstenaars en van zijn vrouw Ada, primitieve figuren geïnspireerd op exotische reizen, demonische fantasiefiguren met maskerachtige gezichten maar ook verfijnde bijbelse personages – en dit alles in een storm van kleur. Moeiteloos combineert hij, in grove penseelstreken, felle, intense kleuren tot schrille contrasten en komt daarmee tot emotioneel geladen schilderijen, een stijl die hij zijn leven lang zou uitdiepen.

    Egon Schiele lees meer
    *Egon SchieleOostenrijkse schilder en tekenaar, geboren in Tulln an der Donau in Neder-Oostenrijk op 12 juni 1890, overleden in Wenen op 31 oktober 1918.
    Egon Schiele behoort tot de belangrijkste vertegenwoordigers van het Oostenrijkse expressionisme (zie ook Sezession).
    Egon groeit op in een dienstwoning in het station van zijn geboortestad, waar zijn vader, Adolf Schiele, stationschef was. Als kind tekent hij, geïnspireerd door schetsen van zijn vader, locomotief- en wagonvormen met een verbazingwekkende technische precisie. De wereld van de spoorwegen, als synoniem voor het verlangen naar verre landen en reislust, fascineert Egon.

    De Ploeg lees meer
    *De Groninger kunstenaars vereniging De Ploeg werd op 14 juni 1918 opgericht. De initiatiefnemers waren de Groningse kunstenaars Jan Wiegers en Willem Reinders, samen met Jan Altink, Johan Dijkstra en H. Benes. Jan Altink bedacht de naam en zei daarover het volgende: "Omdat er in Groningen niet zoveel te doen was op kunstgebied dacht ik aan ontginnen, het omwoelen van de aarde en dus ook aan ploegen. Vandaar de naam De Ploeg".
    In de kunstwereld van Groningen waren belangrijke veranderingen in de beeldende kunst vanaf circa 1906 nauwelijks tot uiting gekomen. Met de komst van De Ploeg zou daar verandering in moeten komen. Het Groninger land was vergeleken met het westelijke deel van het land erg achtergesteld qua kunst en daar wilde deze kunstenaars duidelijk wat aan gaan doen.
    Er moest naar nieuwe mogelijkheden worden gezocht, oude tradities moesten losgemaakt en afgeschud worden om zo nieuwe wegen in de schilderkunst tot stand te laten komen. De kunst werd volgens hun té veel bepaald door de oude tradities van de vorige generatie. Ook een al langer bestaande kunstenaarsvereniging Pictura bood, hoewel die aandacht schonk aan de moderne kunst, aan kunstenaars als Wiegers, Jordens,
    Martens, Dijkstra en Altink weinig perspectief.
    De belangrijkste drijfveer achter de oprichting was ook om de kansen op expositiemogelijkheden te vergroten. De Ploeg wilde kunstenaars die werkzaam waren in verschillende kunstrichtingen de mogelijkheden bieden tot het exposeren van hun werk. Een tweede doelstelling was om het Groninger land open te stellen voor de moderne kunst. Om dit te bereiken wilde men geregeld exposities en bovendien ook manifestaties en lezingen houden.
    De hoogtepunten van De Ploeg liggen tussen de beide wereldoorlogen in, met name tussen de jaren 1922 tot 1928. In deze jaren zijn door De Ploeg dan ook de belangrijkste publikaties uitgegeven

    Jan Altink lees meer
    *Jan Aaltink Toen het expressionisme Groningen bereikt had was Jan Altink al ruim de dertig gepasseerd en met Jan Jordens en Hendrik Werkman een van de oudere leden van De Ploeg. Hij werkte tot dan toe voornamelijk in een meer naturalistisch-impressionistische wijze. Onder invloed van het expressionistisch geestdrift veranderden ook zijn techniek en palet; olieverf werd vermengd met was en benzine, de penseelvoering werd vrijer en de kleuren werden sprekender. Anders dan de meer gedreven en avontuurlijk ingestelde Wiegers, die in sommige gevallen wat kleurstelling en schriftuur betreft de heftigheid van de Duitsers benaderde, bleef het werk van Altink ingetogen van aard. Zijn in zich zelf gekeerde karakter leent zich niet voor het bruisende, onstuimige expressionisme. Bovendien weerhoudt Altinks eerbied vóór, en emotionele verbondenheid mét de te schilderen onderwerpen hem ervan zich te mengen in al te subjectieve abstraheringen en kleurfestijnen.
    Met name Altink bereikte in zijn 'plein-air'-schilderingen prachtige resultaten. Op een treffende wijze wist hij de karakteristieken van het Groninger landschap weer te geven. Om de suggestieve kracht van zijn landschappen optimaal te laten zijn, ontwikkelde Altink een aantal beeldende 'kunstgrepen' die vooral in de schilderijen gemaakt rond 1925, wat kwaliteit en produktie betreft een topjaar, goed tot hun recht kwamen. Altink plaatste de horizon in zijn landschappen bij voorkeur hoog, waardoor hij nadruk kon leggen op datgene wat zich onder de horizon bevond; het Groningerland waarmee de schilder zo'n enorme verbondenheid voelde. Het verbeelden van een hoge horizon werd wel gedaan in de Nederlandse landschapsschilderkunst, maar werd sinds Ruysdael en tijdgenoten vrij uitzonderlijk. Bij Altink werd het een uiterst functioneel onderdeel van zijn artistiek repertoire. In het schilderij 'Koopvrouw op landweg', dat hij 1925 schilderde, is dit kenmerk heel goed terug te vinden.

    Johan Dijkstra lees meer
    *Dijkstra, Johannes, kunstschilder (Groningen 23-12-1896 - Groningen 21-2-1978). Zoon van Derk Dijkstra, huisschilder, en Elizabeth Bousema. Gehuwd op 21-3-1922 met Maria van Veen. Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren.
    Dijkstra volgde na de ULO de driejarige HBS in Groningen. Zijn moeder had hem een carrière in de handel toegedacht. Intussen volgde hij de woensdag- en zaterdagmiddagcursus van Academie Minerva, de Groningse academie van beeldende kunsten. In tegenstelling tot de oorspronkelijke plannen volgde hij hier, na de HBS, de opleiding MO tekenen(1915-1919). In 1918 was hij medeoprichter van de Groningse kunstenaarsvereniging De Ploeg. Hij studeerde in 1919/1920 aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten te Amsterdam, waar hij zich o.a. in de schilderkunst bekwaamde. De lessen in monumentale kunst van R.N. Roland Holst waren essentieel voor zijn latere ontwikkeling. In 1920 vestigde hij zich, terug in Groningen, aan de Spilsluizen, waar de met hem bevriende architect Evert van Linge een atelier voor hem bouwde. Dijkstra leefde in deze periode vooral van het vervaardigen van illustraties en reclamekunst. Bovendien schreef hij, als secretaris van De Ploeg, regelmatig artikelen in verschillende kranten en tijdschriften. Hij zou zijn hele leven een actief publicist over kunst blijven. In 1926 werd hij leraar bij De Linetreckers, een tekenvereniging van Groningse studenten.

    Hendrik Werkman lees meer
    *Werkman zal in de eerste helft van het jaar 1923 geweest zijn, dat de eerste ‘druksels' van Hendrik Nicolaas Werkman zijn ontstaan. Werkman was in 1908 een eigen drukkerij in Groningen begonnen en verkeerde daarna in ernstige zakelijke moeilijkheden. Hoewel zijn vroegere drukkerij zeer goed bekend stond, had Werkman zich als commerciële drukker niet echt onderscheiden. Vanaf 1923 zou dat veranderen. Toen begon hij te experimenteren met materialen uit de drukkerij. Hij maakte bij zijn experimenten geen gebruik van de regels binnen het drukkersvak. Zo bestond er verschil in grootte van de spaties tussen letters en woorden. De ‘druksels' van Werkman worden dan ook meestal tot de prentkunst gerekend. Werkman voerde later zelf de term ‘druksels' in, ter onderscheiding van het echte ‘drukwerk' wat hij trouwens ook wel deed. Het zijn vooral de druksels en het daaraan verwante drukwerk waarmee Werkman zich aan de hand van steeds weer nieuwe ontdekkingen ontwikkelde en zich als beeldend kunstenaar uitte. Meer dan met zijn schilderijen, die hij al sinds 1917 schilderde, zou Werkman zich hiermee een plaats verwerven in de geschiedenis van de Nederlandse kunst van de eerste helft van de 20e eeuw.
    Werkman maakte, waarschijnlijk door De Ploeg, kennis met de vele internationale avant garde-tijdschriften, die rond 1920 bestonden. Hij kwam op het idee zelf ook een dergelijk tijdschrift te maken, waarin hij zowel beeldend als typografisch zou kunnen experimenteren. Eerst verspreidde hij het tijdschrift alleen in eigen kring, maar op een gegeven moment ontstond er ook een brede, internationale uitwisseling. In de jaren twintig kreeg Werkman contact met een aantal kunstenaars en uitgevers, die nu tot de groten van de toenmalige avant garde worden gerekend. Hoewel hij het zelf nooit toegeven heeft ontbrak het Werkman in zijn eerste jaren als kunstenaar niet aan internationale contacten

    Jan Wiegers lees meer
    *Jan Wiegers Jan Wiegers leerde het gebruik van de kleurenleer door zijn vriendschap met Kirchner. Ze pasten goed bij de moderne, expressionistische manier van schilderen van De Ploeg. De kunstenaars gebruikten de complementaire kleuren, de karakteristieke en harmonische combinaties. Daarbij worden de kleuren zo fel mogelijk direct naast elkaar gezet. Ze roepen sterke [ complementaire ] nabeelden op, die dus niet meer geschilderd hoeven te worden. In 1920 reisde Jan Wiegers om gezondheidsredenen af naar Davos. Tijdens zijn kuurperiode, die ongeveer een jaar duurde, kwam hij in contact met de Duitse kunstenaar Ernst Ludwig Kirchner Wiegers was al vóór het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in Duitsland geweest en had toen ook al kennis gemaakt met het werk van Duitse expressionisten als Kirchner, Schmidt-Rottluff, Heckel, Pechstein en Nolde. Ook zijn bezoeken aan Amsterdam en Rotterdam, wat voor en tijdens de oorlog belangrijke centra van moderne kunst in Nederland waren, had hem in contact gebracht met eigentijdse richtingen. Vooral zijn enthousiasme en vooruitstrevende ideeën waren het die tot de oprichting van De Ploeg hebben geleid. In de periode van 1918 tot 1920 is in zijn werk een expressionistische stijl te herkennen. In Zwitserland vindt hij de harde wijze van werken gekoppeld aan een heldere creatieve opvatting waar hij en de andere Ploeg kunstenaars naar op zoek waren. Bij zijn terugkomst in Groningen introduceerde hij zijn nieuw verkregen opvattingen en vanaf 1921 richtte de schilderkunst van De Ploeg zich dan ook in de richting van een op het Duits expressionistische lijkende

    Die Brucke lees meer
    *Die Brücke Expressionisme
    Die Brücke was een groep expressionistische kunstenaars uit de Duitse stad Dresden. Vier studenten aan de Technische Hochschule te Dresden, (Ernst-Ludwig Kirchner, Fritz Bleyl, Karl Schmidt-Rottluff en Erich Heckel), riepen in 1905 de Künstlergemeinschaft Die Brücke in het leven. Even later sloten Max Pechstein, Otto Müller, Axel Gallén-Kallela en Cuno Amiet zich bij dit viertal aan. Oorspronkelijk was het de bedoeling gezamenlijk te werken, om zich los te maken van de uitgehold geachte academische stijltheorieën. Door deze collectiviteit blijft ontwikkeling van een eigen stijl lang uit, en is het soms moeilijk de werken uit een bepaalde periode aan de kunstenaars toe te schrijven. Vooral Kirchner en Heckel werkten erg overeenkomstig.

    Erich Heckel lees meer
    *Erich Heckel 1883-1970 richt op 7 juni 1905 samen met Kirchner, Karl Schmidt-Rottluff en Bleyl Die Brucke op. zie hier Zittend Kind

    Ernst Ludwig Kirchner lees meer
    *KIRCHNER, Ernst Ludwig Duitse schilder (1880-1938) (* 6-5-1880, Aschaffenburg - † (zelfmoord) 15-6-1938, Frauenkirch bij Davos.)
    Duits schilder, aquarellist, tekenaar, graficus, beeldhouwer en textielontwerper, studeerde architectuur te Dresden, maar ging in 1903 schilderkunst studeren in München. In 1905 was hij een van de stichters van Künstlergemeinschaft Die Brücke, waarvan hij in 1906 het program formuleerde. In 1911 vestigde hij zich met Erich Heckel en Karl Schmidt-Rottluff in Berlijn. In 1912 kreeg hij samen met Heckel opdracht tot het schilderen van een 13 m hoog fresco in de kapel van de beroemde Sonderbundausstellung te Keulen (later verwoest). Kirchner was geestelijk sterk betrokken bij de spanningen voor, tijdens en na de Eerste Wereldoorlog (Der Maler als Soldat, 1915, Allen Memorial Art Mus., Oberlin, Ohio); na een totale ineenstorting werd hij in 1915 uit de dienst ontslagen en in 1917 ging hij om gezondheidsredenen naar Davos in Zwitserland, in welk land hij zich in 1918 definitief vestigde. Hij heeft sterk geleden onder de cultuurpolitiek van het Derde Rijk (in 1937 werden 600 van zijn ‘entartet’ verklaarde werken in Duitsland vernietigd; zie Entartete Kunst). Hij pleegde zelfmoord.
    Kirchner wordt beschouwd als de belangrijkste Duitse expressionist (zie expressionisme). Zijn bewondering voor de Afrikaanse kunst bracht hem ertoe in zijn werk anatomische deformaties toe te passen. Bestudering van de vroege Duitse houtsneden en van Dürers werk, alsmede de ontdekking van de Japanse houtsneden gaven hem sterke impulsen bij het ontwikkelen van een eigen stijl in zijn ruim 2000 werken omvattend grafisch oeuvre. Ondanks verscheidene stijlveranderingen schiep hij een onverwisselbaar oeuvre, waaronder wat de schilderijen betreft: boeiende en met psychologisch inzicht gemaakte portretten, eveneens van een scherpe blik getuigende straatscènes in hoekige vormen en donkere arceringen en zonder perspectief, alsmede, in Zwitserland, monumentale, kleurrijke landschappen. Onder het pseudoniem Louis de Marsalle schreef hij artikelen over zijn werk. Het Städelsches Museum in Frankfurt am Main bezit een grote collectie van Kirchners werk. In Kirchners woonhuis bij Davos bevinden zich zijn houtsculpturen en zelf

    Kubisme lees meer
    * Wat is kubisme? Het kubisme is een kunstrichting, die in het begin van de 20e eeuw (±1907) ontstaan is. Voorloper in de 19e eeuw was Paul Cézanne, die in zijn werken tussen 1882 en 1895 een bepaalde weg aangaf. Deze weg is door Georges Braque en Pablo Picasso, de twee belangrijkste vertegenwoordigers van het kubisme, verder bewandeld, nadat zij in 1907 met de werken van Cézanne hadden kennis gemaakt.
    Naam De naam kubisme wordt aan verschillende personen toegeschreven. Allereerst aan de criticus, tevens dichter, Guillaume Apollinaire. Hij gebruikte deze naam nog niet in het voorwoord in de catalogus van de tentoonstelling van Georges Braques schilderijen, die bij Daniel-Henry Kahnweiler in de Rue Vignon te Parijs van 9 t/m 28 november 1908 werden geëxposeerd. Op twee schilderijen na waren de werken van Braque geweigerd door de jury van de Salon d'Automne, waarin Matisse, Marquet en Rouault zitting hadden. Braque trok alle schilderijen terug van de tentoonstelling en Kahnweiler zegde een tentoonstelling toe. Pas in 1913 in zijn boek Les peintres cubistes gebruikte Apollinaire het woord cubist.

    Kubisme lees meer
    *KUBISME, Naam en ontstaan
    Kubisme is de beweging die in 1907 door George Braque en Pablo Picasso werd ontwikkeld. Het is Louis Vauxcelles die, op de tentoonstelling van Braque van 1908 de spotnaam 'cubes' gebruikt. Daaruit ontstond de naam kubisme. Een jonge kunsthandelaar D.H. Kahnweiler verdedigt in zijn Parijse galerij de kubisten. Als reactie op de fauven richten de kubisten alle aandacht op de vorm. De kleur is bijkomstig. De ontdekking van de primitieve kunst, de retrospectieven van Seurat en Cézanne bereiden het klimaat voor. In 1907 maakt Picasso zijn Demoiselles d'Avignon waarvan de vormen in facetten schijnen uitgehakt. Alleen de tekening zonder schaduwspel, duidt de vorm aan. Hij komt in contact met Braque en samen ontwikkelen ze een stijl, die zo nauw verwant is, dat ze sommige werken zelfs niet tekenen om zich aldus niet te onderscheiden.

    Kubisme 2 lees meer
    *Kubisme is een schilderstijl binnen de moderne kunst van het begin van de 20e eeuw. Het kubisme was het meest populair in de periode van 1906 tot 1920. De Kubisten hadden een ander kijk op het leven, ze wilden het leven niet meer afbeelden naar de werkelijkheid maar op een andere manier.
    Het woord kubisme Het woord stamt af van het Latijnse woord: ‘kubus’, dit betekent: ‘dobbelsteen’. De dobbelsteen wordt vaak gebruikt bij het maken van de schilderijen. Het is Louis Vauxcelles, een kunstcriticus, die op de tentoonstelling van de beroemde schilder Braque in 1908 de spotnaam 'cubes' gebruikt. Hij noemde de werken van Braque ‘bizarreries cubiques.’ Daaruit ontstond de naam kubisme.

    Georges Braque lees meer
    *Georges Braque (1882-1963) Franse kunstenaar De Franse kunstenaar Georges Braque (1882-1963) werd geboren in Argenteuil-sur-Seine. Braque groeide op in de havenstad Le Havre, waar hij de avondklas van de kunstacademie bezocht. Bovendien volgde hij een opleiding tot huisschilder. In 1900 vestigde hij zich in Parijs en sloot vriendschap met de kunstenaar Francis Picabia.
    Kubisme In Parijs bezocht Georges Braque de academie van Humbert en de Academie voor Schone Kunsten. In 1908 sloot hij zich aan bij de kunstenaarsbeweging de Fauves. Met Othon Friesz bezocht hij Antwerpen, waar hij havenscènes schilderde. Op de tentoonstelling van de Onafhankelijken werd hij door Guillaume Apollinaire geïntroduceerd bij Pablo Picasso. Samen met Pablo Picasso zou Georges Braque de grondlegger zijn van het kubisme.
    In 1908 schilderde hij zijn beroemde werk "Bomen bij l'Estaque". Vauxelles was de eerste, die de term kubisme gebruikte om het werk van Georges Braque te omschrijven. Later dat jaar vond de eerste solo-tentoonstelling plaats in de galerie van Daniel Henry Kahnweiler.

    Juan Gris lees meer
    *Juan gris (Madrid 23 maart 1887 - Parijs 11 mei 1927). (Pseudoniem voor José Victoriano Gonzalès). Juan Gris volgde een opleiding tot ingenieur maar ging in 1904 over tot de kunstopleiding in Madrid en verdiende zijn geld met het tekenen voor humoristische tijdschriften.
    In 1906 kwam hij naar Parijs, waar hij ging wonen in 'Bateau-Lavoir' de naam juan gris aannam en zich volledig op de schilderkunst toelegde. Hier ontmoette hij o.a. pablo picasso, Max Jacob en apollinaire. Aanvankelijk stond hij sterk onder de invloed van de jugendstil en deed vnl. illustratief werk; ook gedurende de eerste jaren van zijn verblijf in Parijs voorzag hij in zijn onderhoud door het leveren van tekeningen voor humoristische bladen. In 1911 maakte hij zijn eerste olieverfschilderingen, die met hun methodische en logische opbouw van grote invloed zouden zijn op de verdere ontwikkeling van het kubisme.

    Juan Gris 2 lees meer
    * Juan Gris werd in 1887 geboren in Madrid als dertiende van in totaal veertien kinderen. Zijn artistieke training kreeg hij, toen hij tussen de 16 en 18 jaar oud was en technisch tekenen studeerde. In zijn jeugd maakte hij vele humorvolle schetsen, die in verschillende bladen in Madrid gepubliceerd werden. Toen hij 19 was, vluchtte de jonge Juan Gris echter weg uit zijn moederland uit angst voor een militaire oproep. Hij ging naar het drukste kunstcentrum van die tijd, Parijs. Hier begon Gris zijn artistieke vaardigheden verder te ontwikkelen, terwijl hij zich in de kringen bevond van de grote kunstenaars uit de 20e eeuw en leerde van zijn tijdgenoten.

    Fernand Leger lees meer
    *Jules Fernand Henri Léger Frans kunstschilder geboren 4 februari 1881 te Argentan (Normandië) - overleden 17 augustus 1955 in Parijs. Aanvankelijk was Léger werkzaam als bouwkundig tekenaar te Parijs. Hij werd beïnvloed door Cézanne, Matisse en Rousseau. In 1908 begon hij te schilderen.

    Pablo Picasso lees meer
    *biografie Picasso
    1881 Geboorte van Pablo Ruiz Picasso in Malaga. Hij is het eerste kind van José Ruiz Blasco, van Baskische oorsprong, schilder, leraar tekenen en conservator van het gemeentelijke museum, en de Andalusische Maria Picasso Y Lopez ETCETCETC.

    Pablo Picasso 2 lees meer
    *Pablo Picasso (1881-1973) kreeg al op jonge leeftijd les van zijn vader, die tekenenleraar was. Op zijn twaalfde ging hij naar de Lonja, een kunstschool, in Barcelona en daarna, in 1897 naar de Academia Real in Madrid. In 1900 reisde Picasso voor het eerst naar Parijs. Daar ontdekte hij nieuwe mogelijkheden op het gebied van kleurgebruik, vooral dankzij het werk van Van Gogh en Gauguin. Na de zelfmoord van een goede vriend, Casagemas, in 1901 werd somber blauw de dominante kleur in Picasso’s schilderkunst, tot 1904, de Blauwe Periode. Daarna schakelde de kunstenaar over op een warmer palet met roze tinten – de Roze Periode, van 1904 tot 1906. In de zomer van 1906 verbleef hij in het afgelegen Noord-Spaanse dorp Gosol, waar hij zijn eerste stappen zette op de weg naar het kubisme. Geïnspireerd door Cézanne en Afrikaanse beelden experimenteerde hij met geometrische vormen. Eind 1906 begon Picasso aan een groot schilderij dat later bekend werd als Les Demoiselles d’Avignon, met daarop een groep prostituees met gedeformeerde lichamen en maskerachtige gezichten. De zomer van 1909 bracht hij door in het Catalaanse Horta de Sant Joan. Samen met Georges Braque ontwikkelde hij in de daarop volgende jaren het kubisme, waarbij zij het gebruikelijke perspectief verlieten en objecten vanuit verschillende gezichtspunten weergaven. In 1912 maakten Picasso en Braque hun eerste collages, waarbij zij krantenknipsels en andere materialen in hun schilderijen integreerden. In 1917 bezocht Picasso Italië en werkte hij met Sergej Diaghilev aan het ballet Parade.

    Pablo Picasso 3 lees meer
    * Pablo Ruiz Picasso werd op 25 oktober 1881 geboren in Plaza de la Merced, Malaga, in Spanje. De geboorte verliep moeizaam en het schijnt dat de baby sigarenrook in zijn neus geblazen kreeg om zijn ademhaling op gang te brengen, Picasso was de enige zoon van de familie en zijn knappe verschijning en vroeg ontwikkelde talenten deden hem algauw wennen aan lofprijzingen en liefde; dit zou zijn hele leven zo blijven. Picasso's vader, Jose Ruiz Blasco, was ook een kunstenaar - stillevens van dood wild en bosjes seringenbloesem waren zijn specialiteit -, maar om rond te komen gaf hij tekenles en was hij curator van het plaatselijke museum. Zowel Don Jose als Picasso's moeder, Maria Picasso Lopez, moedigden de artistieke ambities van hun zoon aan, toen hij al zeer jong bijzonder getalenteerd bleek te zijn. Later nam Picasso zijn moeders naam aan, omdat 'Ruiz' in zijn streek veel
    En verder alles over hem

    Der Blaue Reiter lees meer
    *Der Blaue Reiter De relatie tussen beeldende kunst en andere kunstuitingen heeft reeds lang mijn belangstelling. Toen ik enkele jaren geleden kennismaakte met de Russische schilder Wassily Kandinsky werd mijn aandacht meteen getrokken door het element synthese in zijn denkbeelden. Sindsdien verdiep ik mij in Kandinsky's 'verlangen' naar synthese en de betekenis die dit had voor zijn werk. Ik begon mijn bevindingen op te schrijven en werk momenteel aan een manuscript voor een essay over het onderwerp. Zonder over synthese en het daarmee verbonden verschijnsel synesthesie in detail te treden heb ik voor dit artikel op Dekunsten uit mijn manuscript geput. In mijn zoektocht kwam ik Der Blaue Reiter tegen, de kunstenaarsgroep die Kandinsky samen met Franz Marc oprichtte in 1911.
    Van landschap naar compositie Reeds als kind ontwikkelde Kandinsky een talent om kleuren in zich op te nemen. Ook zijn voorstellingsvermogen en visuele geheugen waren reeds in zijn jeugd sterk ontwikkeld. Dit levendige waarnemingsvermogen zou hem op zijn artistieke pad begeleiden. In 1895 zag hij in Sint Petersburg Monets Hooimijten in Giverny. Tot dat moment dacht Kandinsky dat een schilder niet het recht had om op zo'n onduidelijke manier te schilderen, maar nu ontdekte hij dat de kracht van kleuren een voorwerp overbodig kan maken. Het was zijn eerste bewuste kennismaking met abstractie in de kunst. Niet lang daarna, in 1896, verliet Kandinsky Moskou en vestigde hij zich in München

    Wassily Kandinsky lees meer
    *Wassily Kandinsky (1866-1944) Russische kunstenaar
    De Russische kunstenaar Wassily Kandinsky werd in 1866 geboren in Moskou. Kandinsky volgde een economie- en rechtenstudie aan de universiteit van Moskou en werd in 1893 door de rechtenfaculteit van deze universiteit verzocht docent te worden.
    Duitsland In 1896 verhuisde Wassily Kandinsky naar München in Duitsland, waar hij een kunststudie aan de particuliere school van Azbè begon. Kandinsky volgde onder meer onderricht bij Franz von Stuck. In deze periode raakte hij bekend met Alexej Jawlensky en Marianne Werefkin. In 1901 behoorde Wassily Kandinsky tot de oprichters van de kunstenaarsgroep Phalanx. Tussen 1903 en 1908 maakte de kunstschilder vele reizen, waarbij onder meer Nederland, Rusland, Frankrijk, Italië en Zwitserland werden bezocht. Bovendien was werk van hem te zien op de tentoonstelling van de Onafhankelijken in Parijs in 1905.
    Der Blaue Reiter
    Wassily Kandinsky vestigde zich met Gabriele Münter in 1908 in München. In deze stad trof hij de kunstenaars Alexej Jawlensky, Marianne Werefkin, Franz Marc en later ook August Macke. Een jaar later werd Kandinsky voorzitter van de kunstenaarsgroep Neue Künstlervereinigung München. In 1911 trad hij uit deze groep en richtte met Franz Marc Der Blaue Reiter op. In 1912 publiceerde hij het boek "Über das Geistige in der Kunst" en een jaar later nam hij deel aan de Eerste Duitse Herfstsalon in Berlijn.
    Tot 1909 schilderde Kandinsky vooral Russische scenes, legenden, portretten en landschappen in olieverf en tempera. Ook maakte hij houtsnedes, schreef gedichten en maakte ontwerpen voor het toneel.
    werk in Boijmans van KandinskyVan Wassily Kandinsky bezit het museum in totaal dertien werken, beginnend met een vroege, sprookjesachtige voorstelling uit 1904 en eindigend met een doek uit 1935 in de voor die periode zo kenmerkende, organisch abstracte vormentaal. Hoogtepunt in de collectie vormt Lyrisches uit 1911, waarin een ruiter, een in deze jaren door Kandinsky zeer geliefd motief, het centrale thema vormt. Met behulp van enkele expressieve lijnen en immateriële kleurwolken roept hij in dit werk, dat zich bevindt op de grens tussen abstractie en figuratie, de sensatie op van snelheid in een onmetelijke ruimte.
    Het schilderij werd vóór 1921 aangekocht door de vooruitstrevende verzamelaarster Marie Tak van Poortvliet. Mede dankzij haar contacten met de Berlijnse galeriehouder en uitgever Herwardt Walden kwam zij in het bezit van een aantal meesterwerken. Daarvan legateerde zij Kandinsky's Lyrisches, Het Lam van Franz Marc en Ober-Weimar van Feininger in 1936 aan Museum Boijmans.

    August Macke lees meer
    *August Macke (1887-1914) Duitse expressionist De Duitse expressionist August Macke werd in 1887 geboren in Meschede in het Sauerland. Hij studeerde van 1904 tot 1906 aan de kunstacademie en de kunstnijverheidsschool in Düsseldorf. In deze stad was Macke enige tijd werkzaam als ontwerper voor diverse theatervoorstellingen. In 1905 maakte Macke zijn eerste reis naar Italë. Een jaar later verbleef hij onder meer in België, Nederland en Engeland. In Parijs raakte Macke bekend met het impressionisme en het fauvisme

    Franz Marc lees meer
    *Franz Marc Museum Franz Marc werd geboren op 8 februari 1880 in Munchen. Zijn vader was schilder en zijn moeder was oorspronkelijk afkomstig uit de Elzas, maar ze was opgegroeid in Zwitserland. In tegenstelling tot velen kon hij wel rekenen op begrip vanuit het thuisfront. Toen Marc op de middelbare school zat, besloot hij om toch theologie te studeren in plaats van kunst. Op zijn 19de koos Marc er dus voor om filosofie te volgen aan de universiteit in Munchen. Hij moest wel eerst zijn militaire dienstplicht vervullen.
    In 1900, na zijn militaire dienst besloot hij uiteindelijkom in de voetsporen van zijn vader te treden en kunstenaar te worden. Hij schreef zich in op de Kunstacademie in zijn geboorteplaats. Nadat hij een deel van zijn studies had afgerond, reisde hij naar Parijs. Hij had er een diepe indruk gekregen van de kunst, namelijk het impressionisme. Hij ging weer naar Duitsland en raakte daar in een depressie.
    In 1907 trouwde hij met Marie Schnür. Het huwelijk hield echter niet lang stand. In 1909 verhuisde hij naar Sindelsdorf.
    Na enkele jaren keerde hij terug naar Parijs en vond dat hij rust had gevonden in de impressionistische schilderijen. Je ziet hier ook heel wat sporen van in zijn werk. Hij leerde Macke kennen en vond hem heel erg boeien wijs voor zijn leeftijd. In 1911 sloot hij zich aan bij de Neue Künstlervereinigung München omdat hij deze expositie, die aangevallen werd door critici had verdedigd.
    Ondertussen had Marc zijn kunst ontwikkeld tot een mengeling van romantiek, expressionisme en symbolisme. Franz Marc schilderde vooral dieren omdat hij in hen zuiverheid en eenheid met de natuur zag, iets wat de mens kwijt was geraakt.
    In een brief aan Macke schreef hij het volgende: "Blauw is het mannelijk principe - hard, verstandelijk en spiritueel. Geel is het vrouwelijk principe - zacht, blijmoedig en zinnelijk. Rood is de materie, grof en zwaar, de kleur die altijd tegenover de beide andere gesteld moet worden en overwonnen moet worden."

    Malevich lees meer
    * Kazimir Malevich Russisch schilder, geboren 23 februari 1879 Kiev - overleden 15 mei 1935 Leningrad (Sint-Petersburg). De Rus Kazimir Severinovitsj Malevitsj was een Oekraïens kunstschilder die grote bekendheid in West-Europa kreeg als docent en als theoreticus van de moderne kunstrichtingen constructivisme en suprematisme. Kazimir Malevitsj is één van de grondleggers van de abstracte-kunst. Zijn schilderij 'wit vierkant tegen witte achtergrond' (ca. 1918) staat bekend als 'het ultieme abstracte schilderij'.

    Kazimir Malevich (1879-1935). De Russische schilder Kazimir Severinovich Malevich (ook geschreven als Malewitsch, Malewitz, Malevitch of Malevitsj) werd op 11 februari 1879 [Pas in 2004 vastgesteld dat 1878 onjuist was] te Kiev geboren. Zijn vader, Severin Antonovich, werkte in een suikerfabriek en was net als Kazimirs moeder, Lyudviga Aleksandrovna, afkomstig uit Polen. Rond 1893 begon Kazimir te schilderen en toen de familie in 1896 naar Kursk verhuisde vormde Malevich met andere kunstenaars een ateliergemeenschap en leerde hij academisch gevormde schilders kennen.

    Casimir Malevitch lees meer
    * Het suprematisme van Casimir Malevitch (1878-1935). Is de naam gegeven aan de geometrische abstractie die, afgeleid van het kubisme, in 1913 vorm kreeg. De elementen van het suprematisme zijn het vierkant, de cirkel en de driehoek. De eerste manifestatie grijpt plaats in 1913 toen Malevitch een zwart vierkant op witte grond tentoonstelt, maar het manifest verschijnt pas in 1915.
    El Lissitzky (1890-1941) verenigt de opvattingen van suprematisrne en con- structivisme en houdt zich hoofdzakelijk bezig met de ruimtelijke interpretatie en integratie van zijn werk, waaraan hij de algemene naam van Proun geeft. Hij was bevriend met Moholy-Nagy (1895-1946) en had langs hem grote invloed op het Bauhaus.

    Constructivisme lees meer
    * Constructivisme Het constructivisme is een omstreeks 1913 in Rusland ontstane kunstrichting van de moderne kunst die voor schilder- en beeldhouwkunst de beperking tot puur geometrische vormen in hun compositie of constructie verlangde.
    Er werd bewust afgezien van elke inhoudelijke verklaring en subjectieve uitdrukking. Doorslaggevend is de compositie van de 'technische' vormelementen en hun verhouding tot elkaar en tot de omringende ruimte. Deze reductie houdt een beperking van de grondkleuren in en het afzien van elke individuele uiting in de penseelvoering en het opbrengen van de verf. Grafische elementen spelen in de constructivische beeldopbouw veelvuldig een rol.
    Enkele namen die de constructivisten beïnvloeden, zijn Plato, Hegel en Schoenmakers. Vooral die laatste inspireert hen met zijn stelling dat de werkelijkheid moet worden omgezet in constructies die met het verstand kunnen worden begrepen om er een voorstelling van te kunnen maken. Vandaar dat de beeldende kunst, en in het bijzonder de schilderkunst, bij hen van groot belang is. Via het beeld kan de kunstenaar de tegengestelden in de hem omringende werkelijkheid vatten en de achterliggende harmonie zichtbaar maken. Onze waarneming wordt daarbij een visionaire gebeurtenis, een fantasie die onder controle staat van de rede. Bijgevolg kunnen de objecten abstract worden voorgesteld, vrij van de grillen van de artiest, met als resultaat het autonome kunstwerk.

    El Lissitzky lees meer
    *In samenwerking met het Getty Research Institute heeft het Van Abbemuseum een Nederlandstalige website over het leven en werk van El Lissitzky ontwikkeld. Deze informatie is bij uitstek geschikt voor leerlingen CKV2 tweede fase als voorbereiding op een bezoek aan deze tentoonstelling, of als evaluatie ervan

    El Lissitzky 2 lees meer
    *El Lissitzky was in de jaren '20 een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Russische avant-garde. Hoewel hij eigenlijk architect was, kreeg hij ook in de schilderkunst, typografie en fotografie bekendheid als een vernieuwende geest en droeg hij in deze disciplines in grote mate bij tot de realisering en verspreiding van het constructivistische en suprematistische gedachtegoed. Beroemd werden vooral zijn prounen. Proun was een afkorting van de Russische woorden voor 'ontwerp ter bevestiging van het nieuwe' en werd door Lissitzky gebruikt als naam voor zijn utopie van een nieuwe verhouding tussen constructie en ruimte, die tegelijkertijd ook symbool van een nieuw op te richten maatschappelijke orde moest zijn. Begin jaren '20 begon Lissitzky met fotografie te experimenteren waarbij hij zich vooral interesseerde voor de fotomontage en het fotogram. Hij maakte het liefst arrangementen van alledaagse gebruiksvoorwerpen als lepels, tangen, glazen en kanten kleedjes op het fotopapier

    Vladimir Tatlin lees meer
    *Vladimir Tatlin (1885-1953), een abstracte kunstenaar en toegewijde materialist in de kunst, had Picasso in 1913 in zijn Parijse atelier opgezocht en kende zijn driedimensionale constructies, die hij trachtte na te streven in zijn vroegste abstracte reliëfs. Met de Russische revolutie veranderden zijn ideeën radicaal: hij raakte ervan overtuigd dat de kunst qua doel en functie voornamelijk sociaal moest zijn. Zijn standpunt ging eerder dan dat van Malevitsj de nieuwe Sovjet-kunst beheersen. Mettertijd leidde zijn aandrang dat kunst praktisch, gemakkelijk te begrijpen en sociaal nuttig moest zijn, direct tot de emigratie van de meest vitale en internationaal invloedrijke Russische avant-gardekunstenaars, de constructivisten. Hun avontuurlijke abstractie werd vervangen door een banale en niet-uitdagende kunstvorm, het sociaal-realisme.

    Vladimir Tatlin 2 lees meer
    *Vladimir Jevgrafovitsj Tatlin (Moskou, 1885-1953) geldt als grondlegger van het constructivisme. Met zijn Monument voor de Derde Internationale (1919) zette hij de paden uit voor de verdere evolutie van de constructivistische architectuur.
    multitalent
    Tatlin werd als schilder opgeleid aan academies in Moskou en Penza (1902-1910), maar ontpopte zich na zijn scholing zoals zoveel constructivisten als multitalent. Algauw manifesteerde Tatlin zichzelf als schilder, beeldhouwer, architect en theoreticus en ontwikkelde zich daarnaast als ontwerper van decors en diverse gebruiksvoorwerpen, van servies tot behang en kleding. Tussen 1929 en 1932 bouwde Tatlin zelfs een vliegmachine, die hij de naam 'de Letatlin' meegaf

    Amsterdamse School - Museum Het Schip lees meer
    *Museum Het Schip Museum Het Schip gaat over de Expressionistische Architectuur en Kunst Stroming die De Amsterdamse School heet. Deze stroming is een nederlandse variant op de Arte Deco te noemen.De filosofie van de stroming was dat buiten en binnenkant in een organisch verband door architecten en kunstenaars werden ontworpen. Alle takken van kunst hebben hieraan uitdrukking gegeven. Dus wij horen ook in het rijtje Bauhaus en van Gogh en Schiele om er een paar te noemen
    Amsterdamse School
    De Amsterdamse School was een vernieuwende architectuurstroming vol met idealen over de maatschappij. De Amsterdamse School begon als een vriendenclub die in 1916 de macht overnam in het Amsterdamse architectengenootschap Architectura et Amicitia. Hemelbestormers als De Klerk, Kramer, Van der Mey, Staal, Gratama en Wijdeveld hadden grootse politieke idealen. Zij zochten naar nieuwe vormen die pasten bij hun maatschappijvisie. Het werd tijd om met oude vormen te breken en oplossingen te zoeken die anders waren dan de aanpak van Berlage. Die had wel een eind had gemaakt aan de traditionele, op het verleden geïnspireerde vormgeving, maar zijn zakelijke, sobere aanpak was wel een erg droog alternatief. In plaats daarvan bracht de jonge Amsterdamse School uitbundig de dynamiek en de structuur van de architectuur tot uiting, met expressieve kleuren en materialen en rijke versieringen. Veel van die rijkdom staat in dienst van de ruimtelijke rol van de architectuur. Amsterdamse School-gebouwen bepalen en bespelen hun omgeving zowel buiten als binnenshuis. Tegelijk sluiten ze vaak aan op de karakteristieken van hun context, of dat nu een groots plein is, een besloten woonstraat of een idyllisch buiten

    Amsterdamse School lees meer
    *Aan het Kunsthistorisch Instituut van de Universiteit van Amsterdam hebben twee werkgroepen van gezamenlijk 27 deelnemers zich gedurende het studiejaar 1972-1973 beziggehouden met de Amsterdamse School. Wat verstaat men onder Amsterdamse School, wat zijn haar kenmerken, welke invloeden onderging zij en gingen van haar uit, en vooral: wat heeft zij voortgebracht? Naar onze mening zijn deze vragen nooit voldoende beantwoord; in de literatuur komt men meestal niet verder dan het opsommen van de meest karakteristieke monumenten, de meest in het oog springende kenmerken en de belangrijkste kunstenaars.
    Daarnaast klinkt altijd dezelfde kritiek: de Amsterdamse School is te esthetisch, te weinig sociaal gericht, enz. Wij stelden ons als doel dit beeld aan te vullen, vollediger te maken en zo nodig te corrigeren. Wij besloten ons te beperken tot Amsterdam, omdat deze stad alleen al meer dan voldoende studiemateriaal opleverde. Om zoveel mogelijk architectuur te inventariseren en te fotograferen, trokken wij alle wijken door. Ook is er een inventarislijst gemaakt van kunstnijverheid. Spoedig bleek hoe moeilijk het was om criteria aan te leggen. Wij leggen er daarom de nadruk op dat de inventarislijst geen volledigheid wil nastreven; bovendien is er geen onderscheid gemaakt tussen uitgesproken Amsterdamse-Schoolarchitectuur en architectuur waarop deze benaming slechts vaag van toepassing is. Daarbij maakten wij een index op het voor deze tijd zo belangrijke tijdschrift Wendingen, met de bedoeling een volledig overzicht van de inhoud te krijgen en deze ook voor anderen toegankelijk te maken. Deze index is te raadplegen op het Kunsthistorisch Instituut. Algemene conclusies zal men in dit artikel nauwelijks vinden; wij hebben slechts een aanzet willen geven tot een juistere waardering van een stroming die met name in Amsterdam een zo belangrijke plaats heeft ingenomen.

    Michel de Kerk lees meer
    *Michel de Klerk is in 1884 geboren op de Zwanenburgwal in een groot, arm Joods gezin. Zijn carrière begon toen hij op zijn veertiende op school werd ontdekt door architect Eduard Cuypers, die zijn tekentalent herkende toen hij zag hoe goed Michel zijn schoolmeester kon natekenen. Als leerling-tekenaar bij Cuypers raakte De Klerk bevriend met Piet Kramer en Jo van der Mey. Samen legden zij de basis voor de Amsterdamse School. Eenmaal voor zichzelf begonnen in 1911 vestigde De Klerk zijn naam vooral met een serie woningblokken in Amsterdam, o.a. voor de woningbouwverenigingen Eigen Haard en De Dageraad. Velen waren verbijsterd, en vonden iemand die zo solde met tradities en oude principes simpelweg krankzinnig. Mede omdat hij nooit schreef zagen De Klerks fans hem daarentegen als een ongrijpbaar genie, die de weg wees in de vormgeving van de moderne, dynamische en massale stad. In het eerbetoon bij De Klerks plotselinge dood, valt de wanhoop over het wegvallen van deze inspiratiebron bijzonder op

    Van der Mey, Kramer en de Klerk lees meer
    *Van der Mey, Kramer en de Klerk De voornaamste architecten van de Amsterdamse School waren Jo van der Mey, Piet Kramer en Michel de Klerk. Zij hadden alle drie bij architect Eduard Cuypers gewerkt en richtten in 1910 hun eigen bureau op. Tussen 1912 en 1916 ontwierpen zij het Scheepvaarthuis in Amsterdam. De door scheepvaart geïnspireerde gevelversieringen en maritieme motieven waren zeer fantasierijk. Ornamenten en beeldhouwkunst droegen bij aan het idee dat een gebouw een geheel moest vormen, niet alleen in stijl en constructie, maar ook in de decoratie. Het Scheepvaarthuis is het eerste en wellicht het beste voorbeeld van een dergelijk Gesamtkunstwerk van de Amsterdamse School

    dada lees meer
    *Dada of ook wel het Dadaïsme is een beweging die ontstond aan het eind van de eerste wereldoorlog, in Zürich in Zwitserland. De beweging heeft niet heel lang bestaan en was het meest actief tussen 1916 en 1920. De kunstenaars in dada waren vooral bezig met kunst, poëzie theater en grafische ontwerpen. Het dadaisme ontstond als reactie op de oorlog en op het expressionisme. Het dadaisme lijkt op het nihilisme, men is expres overgevoelig en alle standaardwaarden in de kunst worden afgewezen/afgeweerd. Het dadaïsme had grote invloed op andere stromingen, bijvoorbeeld op het surrealisme, pop art en conceptuele kunst. Het dadaïsme kwam vooral tot uiting in de vorm van collages, assemblages en gedichten volgens geheel willekeurige rijmschema's.

    Dada lees meer
    *Dadaïsme of Dada
    De beschaving is leugenachtig en deze anti kunstbeweging is daar een protest tegen * De dadaïsten wilden anti-kunst maken. * Ze dreven de spot met wat men belangrijk vond. * Ze wilden waarachtigheid terug vinden. * Ze wilden af van de tradities in de kunst. * Dus: niet traditioneel, spottend en onzinnig, gevonden voorwerpen, ready-mades, worden als kunst gepresenteerd. Is een anti-kunstbeweging als protest tegen de leugenachtige beschaving. Gedurende de eerste wereldoorlog komen kunstenaars, schrijvers, schilders, beeldhouwers, ongeveer tezelfdertijd in verscheidene landen tot dezelfde overtuiging: de beschaving preekt vooruitgang, burgerdeugd, vaderlandsliefde, zedeleer, kunst en andere mooie idealen, maar brengt vernieling voort. De kunstenaars hebben tot opdracht de leugen het masker af te rukken, en dus zullen ze zich eerst richten tegen hun eigen vak, de kunst. Zij willen deze zo grondig mogelijk belachelijk maken, en slaan sarkastisch een Larousse open om aan hun beweging een willekeurige naam te geven: dada. Het is een beweging die tussen 1915-1922 achtereenvolgens te Zürich, New York en Parijs verschijnt, en naderhand te Berlijn. In 1915 scharen zij zich te Zürich rond de dichter Tristan Tzara.

    Marcel Duchamp lees meer
    *Weinig kunstenaars slagen erin een aardverschuiving in de kunstgeschiedenis teweeg te brengen. De Fransman Marcel Duchamp (1887-1968) deed het begin vorige eeuw. Hij verplaatste als eerste de aandacht van het kunstobject naar de idee. "Fountain" was zijn meest omstreden readymade. Een urinoir op een tafel zetten en het kunst noemen. Je moet het maar durven. Marcel Duchamp deed het in New York in 1917. Hij voorzag "Fountain" vooraan van de signatuur van sanitairdeskundige R. Mutt. Daarmee maakte hij — net zoals in zijn vorige readymades, onder andere het flessenrek en het fietswiel — meteen duidelijk dat kunst een denkoefening was. De taak van de kunstenaar bestond volgens Duchamp in het bijeenbrengen van voorwerpen, ook kant-en-klare voorwerpen. Hij toonde aan dat voor het maken van kunst geen handigheid vereist was. Enkel het maken van keuzes was van belang. Die gedachte werd enkele decennia later door Robert Rauschenberg en Jasper Johns opgepikt en vormde de voorhoede van de pop-art.

    Purisme lees meer
    *Het purisme kwam voort en was tevens een reactie op het kubisme. Het was een stroming die ontstond in de verschillende disciplines schilderkunst, beeldhouwkunst en architectuur met als grondlegger de schilder Amédée Ozenfant. De kunstenaars van het purisme hadden het kubisme failliet verklaard en wilden een nieuwe kunst ontwikkelen. kenmerken Kenmerken van het purisme waren het doelmatig gebruik van middelen, overzicht en duidelijkheid, samenwerking met de technologie en zuivere geometrie. Deze onpersoonlijke en koele kenmerken leidden juist tot zeer sterk ogende composities van mechanisch opgebouwde beeldende elementen.

    Le Corbusier lees meer
    *Le Corbusier is een van de beroemdste architecten aller tijden. Bekende voorbeelden van zijn werk zijn Villa Savoye (1928-1932) Unité d'Habitation (1946-1952) en Notre Dame du Haut (1951-1955). In totaal heeft Le Corbusier vijfenzeventig gebouwen in twaalf landen gebouwd, nam hij deel aan meer dan veertig stedenbouwkundige projecten, maakte hij ruim achtduizend tekeningen, vierhonderd schilderijen en veertig sculpturen, schreef hij meer dan veertig boeken en publiceerde honderden artikelen. leerschool Le Corbusier werd in 1887 geboren als Charles-Edouard Jeanneret in La Chaux-de-Fond. In 1900 begon hij met een opleiding tot graveur en ciseleerder aan de Kunstnijverheidschool. Nog belangrijker dan zijn opleiding waren de vele reizen die hij maakte in Europa en daarbuiten.

    Le Corbusier 2 lees meer
    *Le Corbusier, in 1887 als Charles-Edouard Jeanneret-Gris geboren in La Chaux-de-Fonds, Zwitserland, studeert aan de École d`Art aldaar schilderkunst en architectuur.
    1907 werkt hij voor Josef Hofmann in Wenen, waar hij Adolf Loos leert kennen. Een andere belangrijke invloed ondergaat Le Corbusier in 1909 in Parijs, waar hij ruim een jaar werkzaam is bij het bureau van Auguste Perret, die als pionier van het bouwen in gewapend beton wordt beschouwd. In die periode zoekt hij ook de architect en stadsplanoloog Tony Garnier in Lyon op. De interesse van Le Corbusier gaat vooral uit naar de moderne bouw in gewapend beton.
    In 1917 vestigt hij zich in Parijs. Omdat hij als architect in het begin nog weinig opdrachten krijgt, houdt hij zich in die periode bezig met schilderen, vooral van stillevens.
    In 1919 richt Le Corbusier samen met de schilder Amédée Ozenfant en de dichter Paul Dermée het tijdschrift "L`Esprit Nouveau" op. Hier gebruikt hij in 1920 ook voor het eerst zijn pseudoniem.
    In 1922 ontwerpt Le Corbusier een stadsplan voor de Ville Contemporaine – een "eigentijdse stad voor drie miljoen inwoners" –, en in 1925 samen met zijn neef Pierre Jeanneret een paviljoen van twee verdiepingen voor de Exposition Internationale des Arts Décoratifs in Parijs. Dit avantgardistische paviljoen bevat ook functionele meubelontwerpen en schilderijen van Le Corbusier, Ozenfant, Fernand Légers, Jacques Lipchitz en anderen

    De Stijl lees meer
    *De Stijl
    In de jaren ’20 groepeert zich rondom het tijdschrift De Stijl een aantal kunstenaars, waaronder Theo van Doesburg, Bart van der Leck, Chris Beekman en Piet Mondriaan, die allen de bekende De Stijl-kenmerken toepassen in hun werk: de primaire kleuren rood, geel en blauw, aangevuld met wit, grijs en zwart, waarbij horizontalen en verticalen overheersen. Het is de weerslag van een zoektocht naar de essentie van de schilderkunst, gecombineerd met het idee dat de mensheid innerlijk verbeterd zou kunnen worden door een goed vormgegeven leefomgeving voor hem te scheppen. Op de tentoonstelling wordt ter illustratie een aantal exemplaren van het tijdschrift De Stijl getoond. Behalve werk van Mondriaan, Van Doesburg en Beekman zijn op de tentoonstelling maar liefst vier schilderijen van Van der Leck (1876-1958) te zien. Zijn bijzondere composities zijn een middenweg tussen de rechtlijnige principes van De Stijl en de behoefte aan een herkenbare voorstelling

    Theo van Doesburg lees meer
    *Theo van Doesburg probeerde van 1915 tot 1917 leden te werven voor een verbond van Nederlandse kunstenaars. Het doel van het verbond was om als groep naar buiten te treden in plaats van als individualistische schilders. In 1917 werd het eerste nummer van het blad "de Stijl" uitgebracht. Deze werd door Theo van Doesburg opgericht en uitgegeven om uitleg te geven over het werk van de leden van het verbond. Het blad was voor hen een middel om over nieuwe moderne kunst te discussiëren en om hun ideeën en opvattingen hierover te verspreiden. Er bestaan verschillende ideeën over het ontstaan van de Stijl. Als we naar de tijd waarin het verbond is opgericht (1917) kijken, de Eerste Wereldoorlog, kunnen we tevens naar het streven van de mensheid kijken. Het was in die tijd en chaos in Nederland en men streefde daardoor naar rust en harmonie. De Stijl streefde ernaar weer te geven wat in de algehele maatschappelijke ontwikkeling nog niet bereikt was, de ideale Harmonie.

    Theo van Doesburg lees meer
    *Theo van Doesburg is vooral bekend als oprichter en redacteur van het tijdschrift De Stijl. Van Doesburg was een veelzijdig kunstenaar - schilder, vormgever, architect, typograaf - en hij schreef verhalen gedichten en kunstbeschouwelijke artikelen. Door deze veelzijdigheid, in combinatie met zijn dynamische persoonlijkheid, fungeerde Van Doesburg als een katalysator binnen de Europese avantgarde. Hij gaf lezingen, organiseerde tentoonstellingen en zette zich, behalve voor De Stijl, in voor diverse andere tijdschriften en kunstenaarsgroepen

    Bart van der Leck lees meer
    *Bart van der Leck is geboren in Utrecht. Overleden in Blaricum. Opleiding Rijksschool voor kunstnijverheid, Amsterdam Rijksacademie van Beeldende Kunsten, Amsterdam Hij kreeg in 1898 een stipendium om aan de kunstacademie in Amsterdam te studeren. Aanvankelijk stond hij onder invloed van Isaac Israëls en schilderde hij vooral taferelen uit het dagelijkse leven. Na zijn opleiding maakte zijn aanvankelijk realistische stijl geleidelijk plaats voor de monumentale en moderne schilderkunst. Van der Leck had in het begin van de 20e eeuw al vakanties doorgebracht in het Gooi. Hij woonde allereerst in Laren en in 1907 huurde hij in Blaricum, voor vier maanden, een kamer in een boerderij. Hij bezat niet meer dan een schilderskistje en wat kleding. In die paar maanden zocht hij geen contact met andere schilders of wereldhervormers die daar waren neergestreken. Ook storrte hij zich niet in het gezelligheidsleven bij Hotel Hamdorff te Laren, in tegenstelling tot zijn collega's

    Bart van der Leck 2 lees meer
    *Bart Antony van der Leck (Utrecht, 1876-Blaricum, 1958) was een Nederlands vormgever en beeldend kunstenaar. de Stijl Van der Leck is vooral bekend geworden als een van de oprichters van De Stijl, samen met Piet Mondriaan en Theo van Doesburg. Van der Leck verliet de beweging echter al vroeg - in 1918 - omdat hij het niet met alle uitgangspunten eens was, onder andere met betrekking tot het gebruik van diagonalen en de vorm en plaatsing van kleurvlakken in het totale vlak van het schilderij. Daarnaast waren er problemen tussen Van der Leck en vooral Van Doesburg op het organisatorische vlak. Door hieruit voortvloeiende meningsverschillen besloot Van der Leck het contact met De Stijl te verbreken.

    Piet Mondriaan lees meer
    *Mondriaan, Pieter Cornelis, schilder. Eén van de grondleggers van de abstracte of non-figuratieve kunst (Amersfoort 7-3-1872 - New York 1-2-1944). Zoon van Pieter Cornelis Mondriaan, hoofdonderwijzer, en Johanna Christina de Kok. Hij was ongehuwd.
    Mondriaan kwam uit een streng calvinistisch gezin, dat tot 1880 in Amersfoort woonde en daarna in Winterswijk. Mondriaan tekende en schilderde sinds zijn veertiende jaar. Daarbij kreeg hij aanwijzingen van zijn vader en vooral van zijn oom, de schilder Frits Mondriaan en van de Doetinchemse schilder Jan Braet van Ueberfeld. Door zelfstudie behaalde Mondriaan de akten lager- en middelbaar tekenen. Van 1892-1897 volgde hij de schilder klassen van de Rijksakademie van Beeldende Kunsten te Amsterdam onder August Allebé.In Mondriaans kunstenaarschap zou men vier perioden kunnen onderscheiden, waarbij de rechtlijnigheid die ook zijn karakter typeert, opvallend is.

    Piet Mondriaan 2 lees meer
    *Piet Mondriaan (1872-1944)
    Nederlandse kunstenaar De Nederlandse kunstenaar Pieter Cornelis Mondriaan leefde van 1872 tot 1944. Hij groeide op in een streng calvinistisch milieu en kreeg zijn eerste schilderlessen van zijn oom Frits Mondriaan. Mondriaan behaalde de tekenaktes LO en MO en volgde daarna lessen aan de Rijksacademie van Amsterdam. In deze periode schilderde hij vooral landschappen in de trant van de Haagse school en de Amsterdamse school. Persoonlijke stijl Na 1897 kwam Piet Mondriaan tot een meer persoonlijke stijl, waarvan de ontwikkeling zich stap voor stap heeft voltrokken. Hij verbleef enige tijd in Brabant en Overijsel. Mondriaan raakte geïnteresseerd in het werk van de divisionisten. Vooral de schilderijen die hij in Zeeland schilderde laten dit duidelijk zien. Ontdekkingsreis Piet Mondriaan ging steeds meer over tot abstractie. Zijn ontdekkingsreis in de schilderkunst liep parallel met een zoektocht in zijn persoonlijk leven. In 1909 trad hij toe tot de Theosophische Vereniging. Deze stroming stelt de liefde voor de mens en het dier als zedelijk ideaal. In deze wereldbeschouwing spelen godsdienst, wijsbegeerte en occultisme een grote rol. Geometrische schilderijen In 1911 vertrok Mondriaan, na kennis te hebben gemaakt met het Franse kubisme naar Parijs. Drie jaar later keerde Mondriaan terug naar Nederland. In dat jaar ontstonden zijn eerste abstracte en geometrische schilderijen. De Stijl Piet Mondriaan kwam in contact met Theo van Doesburg en Bart van der Leck

    Gerrit Rietveld lees meer
    *Rietveld, Gerrit Thomas, architect en vormgever (Utrecht 24-6-1888 - Utrecht 25-6-1964). Zoon van Johannes Cornelis Rietveld, meubelmaker, en Elisabeth van der Horst. Gehuwd op 28-9-1911 met Vrouwgien Hadders (1883-1957), verpleegster. Uit dit huwelijk werden 4 zoons en 2 dochters geboren.
    Gerrit en zijn drie broers en twee zusters hadden geen gemakkelijke jeugd. Hun moeder was een fantasierijke en opgewekte vrouw, maar hun vader, ouderling in de gereformeerde kerk, een strenge en gelovige man. Diens hevige zondebesef en strikte moraal drukten zwaar op het gezin. Onmiddellijk na de lagere school ging Gerrit in de leer bij zijn vader, die een meubelwerkplaats had aan de Poortstraat in Utrecht. Hij werkte er van 's ochtends vijf tot 's avonds zeven voor een dubbeltje in de week. De hier in een historiserende stijl gemaakte massieve meubelstukken, met hun protserige uitsteeksels en sierrandjes verafschuwde de jonge Rietveld. Terugblikkend op deze tijd verklaarde hij het er alleen te hebben uitgehouden, omdat hij elke vrije minuut voor zichzelf kon tekenen. Daar stond echter tegenover dat toen zijn waardering voor het vakmanschap van de meubelmaker ontstond.

    Rietveld Schröderhuis lees meer
    *Tachtig jaar na dato is een bezoek aan het Rietveld Schröderhuis nog steeds een bijzondere ervaring. In 1924 is het huis door Gerrit Rietveld gebouwd voor Truus Schröder. Als opdrachtgeefster heeft zij grote invloed op het resultaat gehad. Dit huis is het enige gebouw dat ooit volgens de architectonische principes van De Stijl is gerealiseerd. Kenmerkend zijn de typische Stijlkleuren rood, blauw en geel, gecombineerd met wit, grijs en zwart, maar ook de relatie tussen interieur en exterieur en de eenheid tussen de losse meubels en de vaste delen van de inrichting.
    De mens moet actief in het leven staan volgens Rietveld en Schröder. Ook wonen is een bewuste daad. De inrichting van het huis weerspiegelt deze overtuiging. Voor elke activiteit moet de bewoner een handeling verrichten: de badkamer creëren door het openvouwen van een wand, de slaaphoeken afschermen door wanden te verschuiven, privacy bereiken door luiken voor de ramen te plaatsen. Het huis is letterlijk een machine om in te wonen.
    Bauhaus
    Bauhaus lees meer
    * Bauhaus 1919-1933 Geschiedenis opleidingsinstituut Bauhaus
    Het beroemde Duitse opleidingsinstituut voor kunst en kunstnijverheid Bauhaus in Weimar en later Dessau bestond slechts veertien jaar, maar werd een begrip. De kunstenaars en architecten die les gaven aan het Bauhaus, zoals Lyonel Feininger, Paul Klee, Oskar Schlemmer, Walter Gropius, Marcel Breuer en Ludwig Mies van der Rohe zorgden ook na de sluiting van het instituut voor een verdere verspreiding van de ideeën van Bauhaus.Walter Gropius richtte in 1919 het Bauhaus op in Weimar, de plaats waar de nieuwe Duitse grondwet na de Eerste Wereldoorlog werd uitgewerkt. De eerste Duitse republiek werd immers niet voor niets Weimar Republiek genoemd. De geschiedenis van Bauhaus loopt parallel aan deze historie. Bauhaus werd ontbonden in 1933, enkele maanden na de machtsgreep van Adolf Hitler

    Bauhaus 2 lees meer
    *Das Bauhaus Het Bauhaus was een van de belangrijkste ontwerpscholen van de 20ste eeuw. Met belangrijke abstracte kunstenaars als medewerkers was het Bauhaus een instituut dat aan alles waar maar vorm aan kan worden gegeven, van bouwwerken tot allerlei industrieel vervaardigde gebruiksvoorwerpen, een functioneel-esthetisch karakter wilde meegeven. In de 'Bau der Zukunft' (Gropius) moesten de architectuur, de plastische kunsten en de schilderkunst met elkaar versmelten. Als docenten waren naast Walter Gropius onder meer aan het Bauhaus verbonden: Lyonel Feininger, Johannes Itten, Gerhard Marcks, Georg Muche, Paul Klee, Oskar Schlemmer, Wassily Kandinsky en Mies van der Rohe.

    Art Deco lees meer
    *Art deco is een ontwerp- en decoratiestijl die tussen 1910 en 1940 vernieuwend was. De naam is ontleend aan de "Exposition des Arts Décoratifs et Industriels", die in 1925 in Parijs gehouden werd. De term werd vervolgens gebruikt om de verschillende ontwikkelingen aan te duiden die tussen de wereldoorlogen populair waren.
    Art Déco is een internationale decoratieve, veelkleurige, maar ook functionele en vooral vernieuwende stijl (ca.1910-ca.1940) die in de jaren '20 en '30 zeer populair was, vooral in de kunstnijverheid, vormgeving en architectuur. De term Art Déco is ontleend aan de 'Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes', een tentoonstelling die in 1925 in Parijs werd gehouden en die de nieuwe stijl in de kunstnijverheid en architectuur belichtte, maar pas in de jaren zestig, toen deze stroming evenals de Jugendstil of art-nouveau weer sterk in de belangstelling kwam.Op deze expositie was Frankrijk de grootste deelnemer. De Franse inzendingen maakten een luxueuze indruk en waren soms in kostbare materialen uitgevoerd. Het Pavillon de l'Esprit Nouveau van Le Corbusier en Pierre Jeanneret, stak scherp af te midden van alle weelderige uitstallingen: een strak gebouw van beton, glas en staal, ingericht met fabrieksmeubelen. De Amerikanen lieten het afweten. De minister van economie, Herbert Hoover, meldde dat in zijn land geen moderne decoratieve kunst is, behalve dan de niet te transporteren wolkenkrabbers. Veel andere Europese landen waren wél vertegenwoordigd, Nederland met een inzending die gedomineerd werd door de Amsterdamse School. Art Déco kwam voort uit een reactie op de Art Nouveau of Jugendstil en wordt gekenmerkt door een strakke en eenvoudige vormgeving, eenvoudige geometrische patronen, strenge vertikale lijnen, rood, zwart en zilver, abstractie en fel helder kleurgebruik. De toepassing van glimmend metaal, glas en plastics als decoratie kwam op toen men ook deze materialen als mooi ging beschouwen. Dit gebeurde onder invloed van de uitvinding van verschillende machines. Gebruikte materialen zijn vooral chroom, bakeliet, gepolijste steen en glas. Art Deco voorwerpen zijn in grote aantallen geproduceerd maar ook in enkele stuks.

    Art Deco 2 lees meer
    *De naam Art Deco is een afkorting van de naam van de in 1925 in Parijs gehouden internationale tentoonstelling "L'Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriëls Modernes", waar de nieuwe vormentaal voor het eerst aan een internationaal publiek werd getoond. De stijl ontstond na de Eerste wereldoorlog in Parijs, maar is bijna universeel toegepast, zowel in de meeste Europese landen als in de Verenigde Staten. Het toepassen van monumentale geometrische vormen, geïnspireerd door de Afrikaanse volkskunst en als logisch gevolg van de Geometrische Art Nouveau, is een van de belangrijkste kenmerken van de Art Deco.
    De Nederlandse versie van de Art Deco heeft een eigen geschiedenis. In 1910 ontstond de Amsterdams School, een expressionistische, versierende, grillig en kleurig vormgegeven stijl, die ook in het buitenland grote faam verwierf. Het Tuschinski-theater in Amsterdam is een mooi voorbeeld.
    De Haagse School vertegenwoordigde de zakelijke, sober functioneel gerichte vormgeving met zuiver horizontale en verticale belijning. Een bekend ontwerper binnen deze stijl was Hendrik Wouda.
    In 1917 ontstond de Stijl. De nieuwe beelding was gebaseerd op een zo groot mogelijke eenvoud en abstractie, vaak door gebruik van de primaire kleuren, met Piet Mondriaan als grondlegger. Zo was de basis gelegd voor de Nieuwe Zakelijkheid, die met het toepassen van moderne materialen en machines een groter publiek beoogde.

    Ecole de Paris lees meer
    * Ecole de Paris Deze term wordt aanvankelijk gebruikt om de internationale kunstenaars aan te duiden die wonen en werken in Parijs gedurende de eerste veertig jaar van de 20e eeuw. In 1944 stelt de schilder Jean Bazaine een tentoonstelling samen onder de noemer ´Jeunes peintres de tradition française´. Het is een protest tegen de Duitse bezetting. De kunstenaars die daaraan deelnemen, worden sindsdien gerekend tot de École de Paris. Het betreft zowel Franse als buitenlandse kunstenaars. Ze wonen en werken in of rond Parijs en hanteren een lyrisch abstracte stijl. De natuur en het universum zijn belangrijke inspiratiebronnen. Vooraanstaande vertegenwoordigers zijn: Jean Bazaine, Roger Bissière, Alfred Manessier en Serge Poliakoff

    Jean Bazaine en Serge Poliakoff lees meer
    *Ecole de Paris: het begin van een nieuw tijdperk Enkele kunstenaars van de Ecole de Paris
    Jean Bazaine was één van de voornaamste vertegenwoordigers van de Ecole de Paris; hij was tevens de theoreticus van de groep. Terwijl hij opnieuw aandacht gaf aan de chromatische waarden zoals die het eerst in het Kubisme en bij de fauves tot uitdrukking waren gekomen, zocht hij naar de essentie van vorm, uitgedrukt in kleur en elementaire structuren. Het ging hem er om de structurele eenheid van de mens en zijn omgeving uit te beelden. Het schilderij moest het wezen van het universum belichamen. De schilder moest zich er rekenschap van geven dat hij niet alleen met zijn ogen ziet maar met zijn hele lichaam. Het basisprincipe in zijn werk omschreef hij zelf in zijn boek 'Notes sur la peinture d'aujourd'hui', waarin hij duidelijk stelde dat het de taak van de beeldende kunst is 'de structurele eenheid tussen de mens en zijn omgeving uit te beelden'. Het gaat er niet om in hoeverre een kunstwerk abstract is, maar om de vraag of het iets van het wezen van de wereld voorstelt. De buitenwereld systematisch ontkennen, betekent zichzelf ontkennen. Bazaine onderscheidt zich van andere abstracte schilders doordat de natuur een grote rol speelt in zijn werk. Bazaine schilderde weliswaar uitsluitend in zijn atelier, maar hij tekende veel naar de natuur
    De Russische schilder Serge Poliakoff (genaturaliseerd tot Fransman) legde zich in zijn voortdurende onderzoek naar vlakverdeling en kleurharmonie onder invloed van Kandinsky en Robert Delaunay volledig op het non-figuratieve toe. Hierbij creëerde hij uit gesloten elementaire vormen en puur tonale ritmes een veld van kleur en licht, dat uitnodigt tot meditatie en ruimtelijkheid oproept, in de traditie van de iconen van zijn geboorteland; Poliakoffs kleurengamma toont verwantschap net het kleurenschema zoals we dat vinden bij Russische iconen. Zijn vlakke schilderijen ademen een natuurlijke rust

    Marc Chagall lees meer
    *Marc Chagall is één van de meest succesvolle kunstschilders van de twintigste eeuw. Zijn werk wordt vaak gezien als sterk gerelateerd aan het surrealisme. Het leven van Marc Chagall Marc Chagall wordt in 1887 geboren in Rusland. Na het volgen van een schilder studie in St. Petersburg en daarmee redelijk succes hebbend, verhuist hij in 1914 naar Parijs om zich daar in de kunstgemeenschap te begeven. Hij maakt daar onder meer kennis met het kubisme. In 1914 heeft Marc Chagall zijn eerste solo expositie in Berlijn

    Marc Chagall 2 lees meer
    * Chagall (1887-1985). Marc Zakharovich Chagall (ook geschreven Mark Shagal en Mosje Sacharovitsj Segal) werd op 7 juli 1887 als oudste van negen kinderen in een Joods gezin geboren in de Wit-Russische plaats Liosno dicht bij Vitebsk. Zijn vader Sachar Segal, die zijn naam veranderde in Chagall, was arbeider in een haringpakhuis en door zijn moeder, die aan huis een klein kruidenierswinkeltje had, was hij instaat na de joodse lagere school de openbare middelbare school te bezoeken. Marc sprak Russisch, nam viool- en zanglessen en begon te tekenen. In de winter van 1906-1907 verbleef hij met zijn vriend Victor Mekler in St. Petersburg, waar zij de academie van Rerich bezochten.
    Terug in Vitebsk bezocht hij de Svansevaschool, waar hij onderricht kreeg van Léon Bakst (1866-1924), een van de woordvoerders voor openstelling naar het Westen. In de herfst van 1910 reisde Chagall Bakst achterna, die eerder dat jaar als medewerker van Sergei Diaghilev naar Parijs was gegaan. Chagall huurde eerst het appartement van de Russische schrijver Ehrenburg. Met een kleine toelage, 125 Francs per maand, van zijn beschermer Max Moisevich Vinaver (ook geschreven Winawer), een vooraanstaand Doemalid, richtte Chagall in de winter van 1911-1912 zijn eerste atelier in het ateliercomplex La Ruche te Montparnasse in. Hij bezocht de galeries, het Louvre en de diverse tentoonstellingen.

    Amedeo Modigliani lees meer
    *Amedeo Modigliani Door toedoen van de dichter Zboronski, die zich over hem en zijn vrouw, Jeanne Hebuterne, ontfermt, kent hij een kortstondig succes. Na 1915 zal hij zich enkel nog toeleggen op de schilderkunst en enkele van zijn beste werken produceren, maar de interesse in Afrikaanse maskers en beelden blijft als een sluimerende voorbeeld setting in zijn doeken aanwezig. De ovale ogen en de verlengde nekken met toch de persoonlijkheid van de objecten. Een vloeiend geheel van elegante lijnen en gekromde vlakken

    Amedeo Modigliani 2 lees meer
    * Amedeo Modigliani Joods-Italiaanse schilder en beeldhouwer, geboren 12 juli 1884 in Livorno - overleden 24 januari 1920 te Parijs. Modigliani schilderde sterk gestileerde naakten en portretten die toch overeenkomst met het model bleef houden. Hij maakte gebruik van gestileerde en verlengde vormen als lange, ovale gezichten met uitgerekte halzen en lange ledematen, waardoor de figuren vaak een melancholieke stemming uitdrukken, de roestkleurige huidskleur en de omlijning van de vormen. Ogen, monden en neuzen staan in de gezichten niet op de 'juiste' plaats, maar vormen toch een sluitend en geloofwaardig geheel. Ondanks de verwrongen lichamen komen ze zeker niet onnatuurlijk over en hoewel hij zijn modellen heel economisch afbeeldt, herkennen we in enkele portretten zijn vriendenkring. Naast het verheerlijken van de vrouwelijke sensualiteit, slaagt Modigliani erin om zijn streng gestileerde naakten een grote psychologische diepgang te geven en ondanks de vervreemde effecten stralen zijn naakten een dusdanige zinnelijkheid uit dat de politie er één liet verwijderen uit de etalage bij Modigliani's eerste tentoonstelling.

    Modernisme lees meer
    * Internationale Stijl internationale modernisme Architectuur
    In Europa ontwikkelt zich in de jaren '20 een fundamenteel andere architectuurstijl, bekend als de Moderne Beweging. Wanneer deze in Amerika arriveert, wordt de overkoepelende term 'Internationale Stijl' gelanceerd. naam In 1932 wordt in het Museum of Modern Art in New York de 'First International Exhibition of Modern Architecture' georganiseerd. Bij deze rondreizende tentoonstelling verschijnt het boek 'The International Style', geschreven door Henry-Russel Hitchcock en Philip Johnson. De term Internationale stijl wordt gebruikt als overkoepelende naam voor de verschillende stromingen van de Moderne Beweging, met dezelfde algemene stijlkenmerken. Op deze manier werd de nieuwe stijl onafhankelijk van nationale bewegingen en werd een oplossing geboden voor de complexe variëteit aan stijlen, met dezelfde algemene kenmerken. ontwikkeling Onder druk van het Duitse regime verlaten de leiders van de moderne beweging Europa. Walter Gropius, Ludwig Mies van der Rohe en Eric Mendelsohn zijn de eersten die naar Amerika emigreren, later volgen ook Rudolph Schindler, William Lescaze en Richard Neutra. In Amerika komen de architecten in aanraking met de nieuwe bouwtechnieken, waarvan ze dankbaar gebruik maken. Vooral de Chicago School trekt veel architecten, waaronder Neutra en Schindler. Door gebruik te maken van de stalen skeletbouw, verijzen overal wolkenkrabbers, voorstedelijke businessparken en winkelcentra. De deelname van Amerika aan de Tweede Wereldoorlog en de jaren van depressie die hieraan vooraf gaan, belemmeren de doorbraak van het modernisme. Na de oorlog worden verschillende moderne architecten in het onderwijs actief, en krijgt het modernisme de kans zich te ontwikkelen. Gropius doceerde aan Harvard en beëindigde hier de beaux-arts training, waarna hij de Bauhaus training startte. Ook Eero Saarinen, Alvar Aalto, Eric Mendelsohn en Konrad Wachsmann gaven les op verschillende instituten. Laszlo Moholy-Nagy stichtte een nieuw Bauhaus: The Institue of Design. Op deze manier werd het klassieke beaux-arts onderwijs verdreven en vervangen door de ideeën van de moderne beweging.
    architecten Ludwig Mies van der Rohe en Frank Lloyd Wright kunnen worden gezien als de dragers van de moderne architectuur in Amerika. Andere bekende Amerikaanse architecten zijn Kevin Roche, Cesar Pellis, Gunnar Birkerts, Anthony Lumsden, George Howe en William Lescaze.

    Mies van der Rohe lees meer
    *Mies van der Rohe Ludwig Mies (Mies van der Rohe) is geboren op 27 maart 1886 in Aachen, Duitsland. Na stage gelopen te hebben bij zijn vader, een meester steenhouwer, verhuisde hij op zijn 19e naar Berlijn, waar hij werkte voor Bruno Paul, de hoog aangeschreven architect en meubelontwerper. Op zijn 20e kreeg hij zijn eerste eigen opdracht voor het ontwerpen van een huis voor de filosoof Alois Riehl. In 1908, op zijn 22e begon hij te werken voor de architect Peter Behrens. Hij leerde het vak van Karl Friedrich en Frank Lloyd Wright. Op zijn 26e, in 1912 opende hij zijn eigen kantoor in Berlijn. Een jaar later in 1913 trouwde hij. In 1930 was er nog geen enkel ontwerp van Mies daadwerkelijk gebouwd. Dit was te wijten aan de slechte economische en de wijzigende politieke situatie in Duitsland. Hij was vanaf 1930 directeur van de Bauhaus school tot 1933 toen hij de school, onder voor de druk van het nieuwe nazi regering, werd gesloten. In 1937 vertrok Mies naar de Verenigde Staten. Van 1938 tot 1958 was hij hoofd van de afdeling Architectuur op de Armour Institute of technology in Chigago. Later werd de naam voor deze school Illonois Institute of technology. In 1940 werd hem gevraagd een nieuwe campus voor de school te ontwerpen, een project waar hij zijn staal en glas stijl ging verfijnen. Ook kreeg hij een relatie met Lora Marx, een artieste uit Chigago, deze relatie bleef voor de rest van zijn leven.
    In 1944 werd hij een Amerikaans staatsburger en was inmiddels professioneel geslaagd. In deze periode ontwierp hij een van zijn meest bekende gebouwen, een klein weekendverblijf buiten Chigago, een transparante box met aan de buitenkant een stalenframe. Het zou zijn meest radicale minihuis zijn ooit ontworpen. Het is een enkele kamer, verdeeld in kleine vlakken, volledig omringd in glas.
    In de jaren '50 ging hij door met het ontwikkelen van dit concept met open en flexibele ruimtes op en veel grotere schaal. In 1953 ontwierp hij een conventie hal, vernieuwend hierin was de structuur dat lange afstanden samenspande. Gedurende deze periode ontwierp hij ook zijn droomgebouw, een glazen wolkenkrabber. De "Twin towers in Chigago werd in 1951 opgeleverd, gevolgd door meerdere ontwerpen in Chigago, New York, Detroit, Torent.
    Voor zijn carrière ontving Mies in 1959 in Duitsland de "Orden pour le Merite"en in 1963 in de Verenigde Staten de "Presidential medal of freedom."

    Nieuwe zakelijkheid lees meer
    *Nieuwe Zakelijkheid De nieuwe zakelijkheid van de schilderkunst is een andere dan de nieuwe zakelijkheid van de architectuur, redactie.
    Voor veel schilders is een omgang met de werkelijkheid die niet anders dan eerlijk wil zijn nog te subjectief (Davringhausen, Kanoldt, Wadsworth enz). Zij zoeken met alle middelen om die subjectiviteit zoveel mogelijk aan banden te leggen.Om te beginnen zoeken zij onderwerpen zo nuchter en zakelijk als er maar te vinden zijn bij voorkeur uit ons alledaagse burgerlijke bestaan, zoals een wastafel, allerlei technisch gereedschap. Geen wastafel en gereedschap waar het leven overheen gegaan is, maar liefst fonkelnieuw.
    Inplaats van ruige zwervers verkiezen zij bijvoorbeeld een beambte van de gas- of waterleiding. Liever dan een uitbundige bloemenweelde schilderen zij cactussen (2). Geen grootse romantische objecten, maar nette ordelijke dingen uit ons gewone leven. Deze richting heeft dan ook eerst recht aanspraak op de naam 'Nieuwe Zakelijkheid'.
    Maar met zo in onszelf te keren, vervreemden wij ons van de werkelijkheid. De oprechte belangstelling van de schilder van de Nieuwe Zakelijkheid voor zijn onderwerp is dan ook dikwijls ten dele vergeefs. Alles blijft in een vreemde onwerkelijke sfeer.
    Ons gevoel heeft een weerstand nodig, anders slaat het door in loze gebaren. Deze weerstand nu vormt het zich streng binden aan de uit te beelden objecten. Het subjectieve gevoel kan zo alleen tot uiting komen, voor zover de zakelijkheid van onze instelling op de werkelijkheid dit toelaat; wat een geladen spanning met de nauw getrokken grenzen tot gevolg heeft.
    Maar alleen het grote gevoel verwekt deze strak-koele, dikwijls geheimzinnige spanning.. .De Nieuwe Zakelijkheid vermijdt stemming als uiting van subjectiviteit. Alle burgerlijke idylle is haar vreemd.
    Voor ons liggen de Nieuwe Zakelijkheid en de nieuwe abstracte neo-classieke kunst niet zover uiteen, daar ze beide uitingen zijn van een in hoofdzaak zelfde levenshouding. Daarom beschouwen we ze dan ook als één richting

    Max Beckman lees meer
    * Max Beckmann (1884-1950) is een van de belangrijkste en meest spraakmakende Duitse kunstenaars van de 20ste eeuw. Omdat zijn schilderijen door de nazi’s als ‘entartete Kunst’ (ontaarde kunst) werden bestempeld, vertrok hij in 1937 naar Amsterdam, waar hij tot 1947 woonde en werkte.

    Max Beckman 2 lees meer
    * Max Beckman (1884-1950). De bezoekers werden geconfronteerd met reusachtige figuren die, omlijnd door donkere contouren, figureerden in dramatische ensceneringen. We leerden Beckman kennen als de kunstenaar van de 'Entartete Kunst', de oorlogsdreiging spatte van de muren.
    Deze zelfde Beckman blijkt ook een verwoed reiziger te zijn geweest. Geïnspireerd door die reizen heeft hij nogal wat landschapsschilderijen gemaakt die voor een groot gedeelte bij elkaar zijn gebracht in de tentoonstelling Landschaft als Fremde te Bielenfeld. Zijn tijdgenoot Mondriaan keerde toen hij eenmaal op zijn abstractieniveau was aanbeland niet meer terug naar landschapsschilderijen en Picasso heeft 'het landschap' nooit als een serieus onderwerp gezien. Beckman echter is gedurende zijn leven altijd doorgegaan met het schilderen naar de natuur. Naast andere thema's beslaat dit ongeveer een kwart van zijn oevre.
    In zijn jonge jaren werkte hij ter plekke, later onthield hij wat hij tijdens zijn wandelingen had waargenomen. En nog veel later toen hij eenmaal in Nederland als balling was blijven steken, schilderde hij naar aanleiding van ansichtkaarten. Zo zijn Côte d'Azur en de haven van Genua tot onderwerp gemaakt. Van het laatste schilderij is het vooral het zwarte licht dat indruk maakt, terwijl de tuinschilderijen doen denken aan de lichtheid van de douanier Rousseau.
    In de twintiger jaren reisde Beckman regelmatig naar Zandvoort en Scheveningen om daar zijn impressies van de zee te maken; deze zijn precies zoals zijn andere werk robuust en trefzeker neergezet. In tegenstelling tot de 17e eeuwse Hollandsche schilders die de horizon laag op het linnen zetten om zo onze befaamde luchten tot hun recht te laten komen, vulde hij het doek bijna geheel met zeewater. Behalve de zee bezocht hij onder andere ook Valkenburg en Laren en schilderde hij typische Hollandse uitzichten als polders met molens en fietsers aan de bosrand.

    Surrealisme lees meer
    *Het ontstaan van het surrealisme André Breton: In die tijd (1922) werd er het meest bekende woordspel van de geschiedenis gespeeld:
    ‘Le Cadavre expuis’. Een woordspel waarbij de 5 spelers hun fantasie de vrije loop moesten laten, waardoor er allemaal rare zinnen ontstaan. Breton bedacht voor hun manier van denken en spelen de term: Sur (niet) realisme (normaal). Hij zag dat de manier van spellen de mogelijkheid had dit toe te passen op de beeldende kunst. Met het spel als voorbeeld ging hij aan de slag met een aantal schilders en ze ontdekten een enorme droomwereld!
    Breton schreef over zijn ontdekkingen en ideeën in boeken, tijdschriften en manifesten. Zijn eerste manifest verscheen in 1924.
    Hij schreef daarin: ‘Het automatisme is een belangrijk middel om je denken uit te drukken. Kinderen kennen nog geen grenzen tussen verbeelding en realiteit. Hun fantasie wordt steeds minder als ze ouder worden. De enige volwassenen die ook nog grote fantasie hebben zijn: geesteszieken en krankzinnigen…’
    Volgens hem moet iedereen zich bevrijden uit de realiteit en zich overgeven aan de fantasie. Samen met surrealisten zochten ze naar de vrijheid die kinderen en krankzinnigen wel hebben

    Surrealisme 2 en overzicht schilders lees meer
    *Surrealisme in de schilderkunst
    Ontstaan surrealisme Het surrealisme zoekt een andere werkelijkheid, anders dan de realiteit, in het diepere van de menselijke geest. De nieuwe, creatieve verbeeldingskracht vindt z'n bronnen in het onderbewuste van de mens, de dromen.
    De dichter André Breton bedacht de term surrealisme in 1924: 'ik geloof in de toekomstige oplossing van tegenstrijdig lijkende toestanden - droom en werkelijkheid - in een soort van absolute werkelijkheid: een surrealiteit'. De werkelijkheid wordt geuit in dromen, vandaar dat visioenen, symbolen en dromen een grote plaats innemen.
    Siegmund Freud en de psychoanalyse vormen de basis van de surrealistische visie, die zich concentreert op het onderzoek van dat gebied tussen het bewuste en het onbewuste in de mens, het onderbewuste.
    Het surrealisme in de schilderkunst uit zich vooral door de fantasie, de aparte stijl, de kleuren en natuurlijk het onderwerp.

    Kenmerken
    Een belangrijk kenmerk is natuurlijk het onwerkelijke, het bovennatuurlijke. Surrealistische schilderijen zijn meestal moeilijk te vatten als je ze zo oppervlakkig bekijkt. Door de gruwelen in de wereldoorlogen en dankzij de ideeën van Freud, grepen de surrealisten hun schilderborstel en lieten het onderbewuste in zichzelf te voorschijn komen op het doek. Ze schilderen als het ware bestaande elementen als een hallucinatie met de nodige fantasie en verbeelding. Die irreële elementen spreken ons aan en verrassen ons, het heeft de gewenste uitwerking: ons onderdompelen in een wereld vol mysterie. Door dit mysterie kan de kijker ook een geheel eigen interpretatie opvatten van het schilderij. Een ander kenmerk, dat een bewust schokkende kracht geeft, is het in verband brengen van alledaagse dingen, op een niet alledaagse manier. Deze objecten, meestal zeer nauwkeurig geschilderd, staan vaak in geen relatie tot elkaar. Dit effect wordt onder meer verkregen door een gebruik van perspectief. De wetten van het perspectief en de zwaartekracht gelden nauwelijks meer of worden daarentegen juist versterkt.
    Vele surrealistische schilders drukken in hun kunst een klacht uit tegen de maatschappij. Onder de schilders zijn er dan ook veel utopisten die de wereld willen veranderen op hun eigen manier, en hoe kan dat beter dan via hun schilderijen mensen proberen tot inzichten te brengen.

    Belangrijke vertegenwoordigers
    René Magritte
    René Magritte was een belangrijke vertegenwoordiger van het surrealisme in België. In 1927 sloot hij zich gedurende vijf jaar aan bij een surrealistische beweging in Parijs. Zijn schilderijen staan vol visuele paradoxen. Hij schildert eigenlijk doodgewone, dagdagelijkse dingen, maar geheel uit hun context, op plaatsen waar je ze niet verwacht en combinaties die niet correct zijn. In zijn schilderijen graaft Magritte ook de betekenis van de voorwerpen die hij gebruikt goed uit.Hij speelt ook met de gedachte van woorden en voorwerpen, daarmee wordt bedoeld dat hij dan op zoek is naar de tweede gedachte die spontaan in je op komt. Dit zorgt voor een geheimzinnige sfeer. Mysterie is Magritte zijn sleutelwoord, al zijn schilderijen worden gekenmerkt door de poging om het mysterieuse op te roepen. Dit, het subtiel vervreemden van de werkelijkheid, is magisch realisme. Het magisch realisme is een soort van 'milde' vorm van surrealsme, die nooit de grens van het fantastishe overschrijdt.

    Max Ernst Max Ernst is een van de grootste vertegenwoordigers van het surrealisme (en later ook van het dadaïsme). Zijn eerste werken werden door meerdere artiesten beïnvloed, waaronder Van Gogh, Kadinsky, ...Ernst experimenteerde ook constant met nieuwe technieken (o.a. frottage) en vormden de sleutel tot het begrijpen van zijn werken.

    Juan Miro Juan Miro heeft in zijn hele kunstperiode verschillende kunststromingen meegemaakt. Maar uiteindelijk ziet men hem toch als een groot voorbeeld voor het surrealisme. Zijn schilderijen worden vooral gekenmerkd door het gebruik van felle maar toch simpele kleuren. In 1924 tekende hij dan ook het surrealistisch manifest.

    Salvador Dali

    Paul Klee

    John Langdon meerbepaald het werk "The Persistence of Influence" (zie John Langdon Schilderijen) John Langdon laat zich in zijn werk inspireren door grootmeesters in de schilderkunst. "The Persistence of Influence" is gebaseerd op Dali's "The Persistence of Memory".

    Spilliaert, Léon

    Marcel Duchamp
    Marcel Duchamp heeft in heel zijn leven allerlei kunststromingen meegemaakt. In een kunstwerk gebruikte hij vooral verschillende kunstvormen tegelijkertijd. Zo is La mariée mise à nu par ses célibataires, même een kunstwerk waar hij zowel surrealisme als Dadaïsme in heeft verwerkt. De schilder brengt hier allerlei alledaagse dingen naar voor (zoals de chocolademolen op de voorgrond). Ze worden dan nog eens in perspectief gezet waardoor ze nog duidelijker gemaakt worden. Het zijn allemaal momentopnamen en dingen die in de realiteit tevoorschijn komen, maar toch hebben ze niets met elkaar te maken.

    Van Tuerenhout, Jef
    Jef Van Tuerenhout vond het niet leuk om op zijn werken een '-isme' te plakken. Maar als hij echt moest kiezen dan zei hij: "ik ben surrealistisch getint, maar ik hoor liever : magisch realisme." Hij zei: ik ben geen '-isme' ik ben gewoon Jef Van Tuerenhout. Mijn schilderijen zijn realistisch maar hebben iets magisch. Ik behoor niet tot een stroming. Ik ben gewoon mezelf. Toen Paul Delvaux overleed sprak men wel over Jef Van Tuerenhout als de laatste Belgische surrealist.

    Salvador Dali lees meer
    *Salvador Felipe Jacinto Dali y Komenech werd geboren in 1904 op 11 mei in Figueras, Spanje. De Spaanse streek maakte toen een enorme bloeiperiode door.Zijn vader was een notaris uit Cadaques en de familie leidde een rijk leven in het dorp Figueras. Oorspronkelijk heette zijn oudere broer Salvador, alleen hij overleed 3 jaar voor de geboorte van Dali. Salvador was enig kind totdat zijn zusje Ana Maria werd geboren. En voor Dali betekende het, dat hij alles kon doen wat hij wilde, hij werd volkomen verwend.
    Elke dag ging hij naar school in Figueras. In 1914-1918 ging Dali naar de Academie van de broeders van de orde der maristen in Figueras. Op de academie bestudeerde hij de geheimen van licht en donker van de meesters uit de Renaissance. Voor zijn 6e levensjaar toont hij al talent als kunstenaar. Toen Dali 7 jaar oud was wilde hij Napoleon zijn. In die periode ontdekte hij ook Cadaques en zijn prachtige baai. Deze ontdekking was het begin wan zijn levenslange fascinatie en liefde voor Cadaques. De vreemd gekleurde rotsen en de verlaten stranden zijn onderwerp geweest van vele van Dali’s studies.
    In 1917 kreeg Dali officieel les. Professor Juan nunez nam hem op de Escuela Municipa de Grabado onder zijn hoede. Salvador Dali wijdde zichzelf aan zijn passie voor schilderen. Hij ontdekte de Impressionisten en schilderde het linnen in bonte kleuren. Maar het grootste deel van de tijd was hij bezig zijn imago op te bouwen. Hij wilde een zeer herkenbaar persoon worden. Daarom had hij lang haar en bakkebaarden en hij droeg een lange cape met een bont gekleurde vlinderjas. Hij liet zijn snor staan met een krul aan beide kanten. Het was alsof hij wist dat hij een belangrijk persoon zou gaan worden naast zijn schilderwerk. Van kleins af aan leed Dali aan grootheidswaan en had een uitzonderlijke fantasie.
    Na zijn eerste tentoonstelling, in Figueras, wat een groot succes was, ging Dali naar de School voor schilderkunst, beeldhouwkunst en tekenkunst in Madrid, daar voelde zijn vader weinig voor. Op de academie kwam hij voor het eerst in aanraking met een compleet andere levensstijl dan die waaraan hij gewend was op het platteland. Salvador was eerst verbijsterd, maar al gauw werd hij opgewekt. Hij ontmoette vele nieuwe mensen en maakte veel nieuwe vrienden. Een van zijn vrienden waren Lorca en Luis Buñuel. Dali ontdekte door Juan Gris het kubisme. Luis Buñuel speelde een grote rol in de gevechten tegen religie en de maatschappij. Hij probeerde mensen te choqueren met de boeken die hij schreef en de films die hij maakte. Samen met Dali maakte hij de films ‘Un chien Andalou’ en ‘L’age d’Or’. Beide films waren vrij scandaleus.In Catalonie

    Max Ernst lees meer
    *Max Ernst Duits schilder en beeldhouwer, geboren 2 april 1891 geboren in Brühl bij Keulen - overleden in 1 april 1976 Na W.O. I werd hij één van de leiders van het dadaïsme in Keulen. Belangrijkst is hij echter als surrealist. Sinds de jaren vijftig schilderde hij vooral kleurrijke, lyrische, abstracte schilderijen.
    Zijn oeuvre, dat zeer omvangrijk was, getuigt van veel fantasie en een grote intelligentie. Steeds terugkerende objecten in zijn werk zijn vogels, het woud, de vrouw en de 'gestorven' stad
    Ernst gebruikte ook een veelvoud van technieken in zijn werk: de (foto)collage, de frottage (een eigen uitvinding, geïnspireerd door het automatisme), de decolcomanie, de linoleum snede, de tekening; hij deed ook aan beeldhouwkunst was natuurlijk ook schilder. Ernst was ook, in beperkte mate, schrijver (al dan niet in samenwerking met Hans Arp); zijn 'Écritures' werden in 1970 in Parijs uitgegeven. Veel van zijn werk is verloren gegaan.

    Max Ernst 2 lees meer
    *Niemand was zo goed in de zakken van de werkelijkheid binnenstebuiten te keren als Max Ernst, zei Tristan Tzara. Van verschillende kunstenaars wordt beweerd dat ze de beste of de invloedrijkste van deze eeuw zijn. In één opzicht geldt dat voor Ernst: hij ontwikkelde een hele reeks technieken die de traditionele schilderkunst, grafiek en zelfs sculptuur moesten vervangen. Collage, frottage, raclage, grattage, assemblage, dripping en décalcomanie zijn uiteindelijk tot het standaardrepertoire gaan horen van de twintigste-eeuwse kunstenaar.

    Alberto Giacometti lees meer
    *Alberto Giacometti (1901-1966). Voor het eerst in ruim twintig jaar is het veelzijdige oeuvre van deze beeldhouwer, schilder en tekenaar in Nederland te zien. Naast zijn beroemde werken van fragiele mensfiguren zijn nooit eerder in Nederland getoonde sculpturen, schilderijen en tekeningen te bewonderen. De tentoonstelling die in nauwe samenwerking met de Fondation Alberto et Annette Giacometti exclusief voor de Kunsthal is samengesteld, laat de ontwikkeling van Giacometti´s werk zien en past in een succesvolle reeks waarmee de Kunsthal toonaangevende beeldhouwers uit de twintigste eeuw presenteert. Eerder vonden tentoonstellingen van Isamu Noguchi (2003), Henry Moore (2006) en Jean Tinguely (2007) plaats.
    Veelzijdig oeuvre Vanaf 1922 vestigt Alberto Giacometti zich in Parijs, waar hij studeert bij Antoine Bourdelle aan de Académie de la Grande-Chaumière. Onder invloed van beeldhouwers als Jacques Lipchitz en de maker van Rotterdams Verwoeste stad Ossip Zadkine, maakt hij kennis met het kubisme en experimenteert hij met compositie. Als hij zich van deze voorbeelden losmaakt, ontdekt hij de Afrikaanse kunst die voor veel kunstenaars van zijn tijd als een belangrijke inspiratiebron geldt. De invloeden van zijn klassieke opleiding, het kubisme en de primitieve kunst leiden tot zijn eerste grote vrouwelijke figuren waaronder Femme cuillère. Tot aan 1935 maakt Giacometti Surrealistisch werk en is hij een van de toonaangevende kunstenaars van deze stroming. Daarna richt hij zich steeds geconcentreerder op het thema dat hem zijn hele leven zal bezighouden: de weergave van het menselijk lichaam.

    Alberto Giacometti 2 lees meer
    *Alberto Giacometti Lang, statig, elegant, maar ook zo dun en fragiel dat je bang bent dat ze breken. De hele grote of juist hele kleine dunne beelden van Alberto Giacometti van mannen en vrouwen die lopen of stijf stilstaan zijn wereldberoemd. In de Kunsthal in Rotterdam is naast deze beroemde en vooral ook opvallende mensbeelden echter nog veel meer werk te zien van deze - zo blijkt - zeer veelzijdige Zwitserse kunstenaar. Giacometti (1901-1966) heeft een oeuvre achtergelaten dat niet alleen bestaat uit beeldhouwwerken, maar ook veel schilderijen, tekeningen, etsen en gravures. De Kunsthal laat hier nu van 18 oktober 2008 tot en met 8 februari 2009 een mooie overzichtstentoonstelling van zien. Hoewel het oeuvre van Giacometti zeer veelzijdig is, benadrukt de tentoonstelling vooral ook de onderlinge samenhang tussen het werk, waarin het weergeven van de mens duidelijk de rode draad vormt. De overzichtstentoonstelling van Alberto Giacometti is de laatste in een reeks van tentoonstellingen van beroemde beeldhouwers uit de 20e eeuw in de Kunsthal in Rotterdam. Eerder waren al overzichtstentoonstellingen van Henry Moore en Jean Tinguely te zien. De huidige overzichtstentoonstelling van het werk van Giacometti laat naast de bekende dunne mensbeelden vooral ook werk zien dat nooit eerder in Nederland te zien was. In een ruime en lichte opstelling met enkele kleinere ruimtes, valt op het eerste gezicht vooral de diversiteit van de tentoonstelling op. Zo zien we naast de hele grote en hele kleine mensfiguren veel bustes, maar ook (kleur)potloodtekeningen, etsen, gravures en schilderijen.
    Diversiteit en samenhang
    Giacometti is door de jaren heen beïnvloed door verschillende kunststromingen, met name door het kubisme, Afrikaanse kunst en het surrealisme. In de tentoonstelling zijn al deze invloeden terug te vinden. Knap en interessant van de tentoonstelling is echter dat er duidelijk wordt geprobeerd om te laten zien hoe al deze invloeden uiteindelijk samenkomen in Giacometti's werk. De tentoonstelling concentreert zicht dan ook vooral op de onderlinge samenhang tussen de verschillende werken, gemaakt in verschillende periodes. Een goed voorbeeld hiervan zijn de drie verschillende beelden van vrouwen die Giacometti maakte over een periode van 30 jaar, van 1927 tot 1957. De beelden maken alle drie deel uit van heel verschillende kunststromingen. Door deze drie figuren juist naast elkaar te zetten wordt duidelijk dat ondanks dat ze veel van elkaar verschillen, ze ook juist veel overeenkomsten vertonen, bijvoorbeeld in grootte en vorm

    Paul Klee lees meer
    *Paul Klee (1879-1940)
    Duitse kunstenaar De Duitse kunstenaar Paul Klee werd in december 1879 geboren in Münchenbuchsee. Paul was de tweede zoon van Hans en Ida Klee-Frick. In 1880 verhuisde de familie Klee naar het Zwitserse Bern. Paul Klee bezocht de middelbare school in Bern en studeerde daarna aan de tekenschool van Heinrich Knirr en kunstacademie in München.
    Italië In 1901 reisde Paul Klee met de beeldhouwer Hermann Haller naar Italië. Klee bezocht de steden Rome, Napels en Florence. De vroegchristelijke en byzantijnse kunst maakten grote indruk op hem. Vijf jaar later trad hij in het huwelijk met de pianiste Lily Stumpf. Het echtpaar vestigde zich in München.
    Invloed primitieve kunst
    In 1911 ontmoette hij August Macke, Wassily Kandinsky en Franz Marc. Paul Klee liet zich beïnvloeden door primitieve kunst, door kindertekeningen en tekeningen van geestelijk gestoorden.
    Op de tweede tentoonstelling van de kunstenaarsgroep Der Blaue Reiter was Paul Klee vertegenwoordigd met zeventien schilderijen. Deze tentoonstelling vond plaats in de boekhandel van Hans Golz in München. Tijdens een reis van veertien dagen door Tunis in 1914 met de kunstschilders August Macke en Louis Moilliet kwam er een doorbraak in het kleurgebruik van Paul Klee.

    Joan Miro lees meer
    *De Spaanse schilder Miro werd geboren op 20 april 1893 in Barcelona. Hij studeerde aan de School voor Schone Kunsten en de Academia Galí. Zijn werken zijn één van de meest originele van de twintigste eeuw. Met veel fantasie en verbeelding geeft hij uiting aan zijn motieven die een afspiegeling zijn uit het rijk van het geheugen en het onderbewustzijn

    joan Miro 2 lees meer
    *Joan Miró (1893-1983) wordt door veel kunstcritici gezien als een van de meest veelzijdige beeldende kunstenaars van de 20-ste eeuw. Miró’s werk omvat schilderijen, sculpturen, textielwerkvormen, theater en monumentale beelden. Wandelend door het museum Fundació Joan Miró te Barcelona, waar een enorme collectie van Miró’s werk is tentoongesteld, kun je er eigenlijk niet omheen dat Miró misschien wel meer dan één kunstenaar is. Juan Miró was heel trots op zijn moederland Catalonië, dat tevens meer beroemde kunstenaars heeft voortgebracht zoals: Pablo Picasso, Salvador Dalí en Antonio Gaudí. In de volgende opdrachten gaan wij proberen wat meer inzicht te krijgen in de technieken en achtergronden mbt. de abstracte kunst van Juan Miró aan de hand van zijn werk zoals oa. tentoongesteld in het museum Fundació Joan Miró te Barcelona.

    Dick Ket (1902-1940) lees meer
    *Dick Ket werd geboren in Den Helder en studeerde enige tijd in Arnhem. Zijn zwakke gestel (hij leed aan een hartkwaal) noopte hem ertoe bij zijn ouders te blijven wonen, die naar Bennekom waren verhuisd. Ket ontwikkelde een heel eigen, realistische stijl die zich uitte in geschilderde en getekende stillevens en zelfportretten. Voor deze onderwerpen hoefde hij het huis niet uit. Op het zelfportret in het Rijksmuseum (Rijksprentenkabinet) is ook zijn vader afgebeeld. Ket kende aan veel van zijn werk een diepere betekenis toe, die niet altijd te herleiden is. Dick Ket stierf op 37-jarige leeftijd in Bennekom

    Pyke Koch lees meer
    *Pyke Koch werd op 15 juli 1901 geboren in Beek bij Nijmegen. In 1920 begint Koch aan een studie rechten aan de Rijksuniversiteit te Utrecht. In 1927 breekt hij deze studie af en begint te schilderen. In 1927 voltooide hij zijn eerste schilderij en een jaar later neemt hij voor het eerst deel aan een expositie. In de jaren die volgden experimenteerde Koch met verschillende vormen van realisme. Vooral de Duitse expressionistische film was een grote inspiratiebron voor Pyke. Na 1930 slopen de eerste surrealistische trekken in zijn werk. Zelf deelde Koch zijn werk in bij dat van de magisch realisten

    Magisch Realisme lees meer
    *De term magisch realisme wordt zowel in de schilderkunst van b.v { Kynethologie } als de literatuur gebruikt. Het is een richting in de kunst waarin een poging wordt gedaan de werkelijkheid te verbinden met een andere of hogere werkelijkheid, waardoor hallucinerende beelden of droomeffecten ontstaan

    Magisch Realisme 2 lees meer
    *Het Magisch Realisme is een kunststroming die in de jaren dertig van de vorige eeuw in Nederland ontstond. Al jarenlang was het politiek onrustig in Nederland en ook op het gebied van de kunsten was er veel gebeurd. De traditionele realistische schilderstijl was eind 19e eeuw verdrongen door stijlen zoals het Kubisme, Expressionisme en Constructivisme waarin het experiment steeds meer centraal kwam te staan en men meer abstracter ging werken.
    Toch zorgde de aanblijvende politieke onrust en de daarbij ontstane economische onzekerheid ervoor dat men terug verlangde naar vroeger, naar rust en traditie. In de kunstwereld werd ca. 1930 teruggegrepen op de traditionele realistische stijl. Een nieuw realisme ontstond; Het Magisch Realisme. De Nederlanders Carel Willink, Raoul Hynckes, Dick Ket en Pyke Koch zijn de bekendste schilders van deze stroming. De schilderijen van deze kunstenaars lijken de werkelijkheid weer te geven, maar deze werken zijn toch heel anders dan realistische voorstellingen. Doordat de kunstenaars met elementen uit de werkelijkheid hun eigen fantasiewereld weergeven blijven de voorstellingen voor de beschouwer altijd een beetje mysterieus. Veelal wordt er door de Magisch Realisten gewerkt met zware luchten, een grote leegte of een bijzondere belichting. De Magisch Realisten behoren tot de moderne kunstenaars. Moderne kunst is kunst die gemaakt werd tussen ongeveer 1850 en 1960

    Magisch Realisme 3 lees meer
    *Vervreemdend en geheimzinnig
    Het magisch realisme doet denken aan het surrealisme. De sfeer in het werk is vaak vervreemdend, terwijl in eerste instantie alle elementen lijken te kloppen. Het doet denken aan een droomwereld, maar mensen en omgeving zijn niet vervormd of fantastisch. Waar zit het hem dan in?
    Het magisch realisme kende zijn hoogtepunt in de jaren '30 van de twintigste eeuw. In die tijd ging het niet goed met Nederland. Er was sprake van grote armoede, werkeloosheid en in buurland Duitsland probeerde Hitler een voet tussen de politieke deur te krijgen. Een volgende oorlog zou niet ver weg zijn.
    Geheimzinnig Kunstenaars als Carel Willink, Dik Ket, Pyke Koch en Raoul Hynckes laten de sfeer van deze tijd duidelijk naar voren komen in hun werk. De kunstenaars maken een bijna fotografische weergave van taferelen die een geheimzinnig aandoende sfeer oproepen. Die bijna magische sfeer wordt versterkt door het gebruik van vreemd perspectief, een spel van licht en kleur en de technisch perfecte afwerking. Het onderwerp verwijst vaak naar dood, dreiging en verval. De werken doen heel realistisch aan, maar zijn pure fantasie.

    Magritte lees meer
    *Magritte ziet het levenslicht in Lessen in Henegouwen op 21 november 1898. Hij is de oudste van drie kinderen. Zijn jeugd wordt getekend door veelvuldige verhuizingen, financiële onzekerheid door de commerciële tegenslagen van zijn vader, en de dramatische zelfmoord van zijn moeder in 1912. Al vanaf zijn twaalfde volgt hij schilderles bij een schoolmeester. Hij houdt van de Fantômas-films en leest de boeken van Edgar Allan Poe en Maurice Leblanc. Nog voor hij in 1914 in Brussel gaat wonen, ontmoet hij op de kermis van Charleroi het meisje dat hij enkele jaren later in de hoofdstad zal weerzien en dat zijn muze en echtgenote zal worden: Georgette Berger (vanaf 1922 Georgette Magritte).
    Op de academie van Brussel ontmoet de jonge schilder Victor Servranckx en Pierre-Louis Flouquet. Hij volgt hen op de weg van het constructivisme en sluit zich aan bij de groep rond het tijdschrift 7 Arts. In deze periode maakt Magritte zijn eerste afficheontwerpen en decoratieve werken. In 1922 wordt hij bevriend met de pianoleraar van zijn broer Paul: E.L.T. Mesens, een dandy die dweept met de nihilistische esthetiek van het dadaïsme. In 1923 toont een andere vriend, de dichter Marcel Lecomte, hem een reproductie van Liefdeslied (1914) van Giorgio de Chirico. Dit schilderij is een openbaring en het beginpunt van zijn surrealistische oeuvre met, in 1926, De verdwaalde jockey. In Brussel komt een surrealistische groep tot stand. Naast Magritte bestaat de ‘harde kern’ uit Paul Nougé, Camille Goemans, E.L.T. Mesens, Marcel Lecomte, André Souris en Louis Scutenaire. In 1928 ondertekent de voltallige groep het voorwoord van Nougé in de catalogus van Magrittes tentoonstelling in galerie L’Epoque. Eigenaar van deze galerie is Paul-Gustave Van Hecke, de echtgenoot van modeontwerpster Norine, voor wie Magritte reclameopdrachten uitvoert.
    Ik verfoei mijn verleden en dat van anderen. Ik verfoei berusting, geduld, het professionele heldendom en alle obligate verheven gevoelens.
    Maar al in 1927 zijn Georgette en René Magritte naar een voorstad van Parijs verhuisd. Magritte maakt kennis met André Breton, Paul Eluard en de Parijse groep surrealisten, en werkt mee aan de laatste aflevering van La Révolution surréaliste, waarin zijn baanbrekende tekst Les Mots et les images (Woorden en beelden) verschijnt. In 1929 komt het emblematische schilderij Woordbreuk der beelden tot stand, met de voorstelling van een pijp en daaronder de tekst ‘Ceci n’est pas une pipe’ (Dit is geen pijp). Een conflict met Breton en de weerslag van de economische crisis doen de Magrittes besluiten naar Brussel terug te keren. René opent samen met zijn broer Paul een reclamebureau, Studio Dongo. Hij schildert ook zeer veel in die jaren. Begin 1936 vindt zijn eerste individuele tentoonstelling in de Verenigde Staten plaats, in de Julien Levy Gallery in New York. In hetzelfde jaar stelt hij ook tentoon in Brussel, Londen, Den Haag... In 1938 organiseert de Julien Levy Gallery zijn tweede individuele tentoonstelling in New York, en wordt in Londen, in de door E.L.T. Mesens geleide London Gallery, een retrospectieve selectie van zijn werk gepresenteerd. Talrijke projecten samen met Man Ray, Yves Tanguy, André Breton en Paul Eluard bezorgen Magritte een plaats in de internationale surrealistische beweging. Hij staat in die jaren dicht bij de Belgische communistische partij. Aan de vooravond van de oorlog ontwerpt hij een antifascistische affiche, Le vrai visage de Rex (Het ware gelaat van Rex), waarop hij Léon Degrelle samen met Hitler voorstelt.

    Carel Willink lees meer
    *Carel Willink – Biografie
    1900 Albert Carel Willink werd op 7 maart in Amsterdam geboren als de oudste van de twee zoons van Jan Willink en Wilhelmina Altes.
    1913-1918 Volgde middelbaar onderwijs aan achtereenvolgens het Instituut van der Hoof en de eerste vijfjarige HBS aan de Keizersgracht in Amsterdam.
    etc

    Carel Willink 2 lees meer
    *Albert Carel Willink De Nederlandse kunstschilder carel willink werd geboren op 7 Maart 1900 in Amsterdam al oudste van twee zoons, waar zijn vader Jan Willink een garagebedrijf had.
    Gestimuleerd door zijn vader, zelf amateurschilder, kreeg Carel Willink al vroeg belangstelling voor beeldende kunst. Zij bezochten musea en tentoonstellingen en schilderden soms samen landschappen. Enkele jeugdwerken zijn bewaard gebleven.Na de HBS doorlopen te hebben, ging Willink in 1918 bouwkunde studeren aan de Technische Hoogeschool in Delft, maar in november 1919 brak hij de studie af. Om zich verder in het schilderen te bekwamen, probeerde hij toegelaten te worden tot de academie in Düsseldorf. Toen dat niet lukte, trok hij in 1920 naar Berlijn.
    Aan de Staatliche Hochschule, waar hij toegang kreeg, hield hij het slechts enkele weken uit. Daarna nam hij les op de particuliere academie van Hans Baluschek, een schilder van stadsgezichten in een gematigd realistische trant, die zijn leerlingen veel vrijheid gunde.
    Hoewel Willink bekend is geworden als magisch realist schilderde carel willink tot 1924 onder invloed van schwitters, klee, chagall, kandinsky en kunstenaars van Der Sturm, abstracte constructivistische werken en collages.
    De belangstelling voor de moderne stromingen die Willink al in Nederland had ontwikkeld, kreeg nieuw impulsen in Berlijn, in het begin van de jaren twintig een van de belangrijkste centra van avant-gardekunst. Naast het reeds gevestigde expressionisme manifesteerde zich een uiterst militant, maatschappijkritisch dadaïsme, terwijl ook het Russische constructivisme van El Lissitzky en de Italiaanse pittura metafisica van Giorgio de Chirico onder de kunstenaars in Berlijn furore maakten. Willinks werk uit de jaren 1920-1924, dat zeer gevarieerd is en afwisselend abstracte en figuratieve elementen bevat, bewijst dat hij ontvankelijk was voor de invloeden van de genoemde moderne stromingen. Zijn betrokkenheid bij de avant-garde kwam voorts tot uiting in zijn deelneming aan de tentoonstellingen van de Novembergruppe in Berlijn en zijn medewerking aan buitenlandse tijdschriften zoals Het Overzicht (Antwerpen) en Zenit (Belgrado). Daarin werden niet alleen werken afgebeeld maar ook curieuze, dadaïstisch aandoende prozateksten van zijn hand gepubliceerd.
    In 1923 teruggekeerd naar Amsterdam, ging Willink op deze voet door. Aan moderne kunst kreeg de realist willink echter een steeds grotere hekel. Onder meer op aanraden van zijn literaire vriend Eddy du Perron koos hij daarom in 1927 definitief voor het realisme. Onder invloed van de metafysische schilderijen van giorgio de chirico kwam Carel Willink tot een geheel eigen stijl in het magisch-realisme.

    Art Brut Jean Dubuffet lees meer
    *Kunst legt zich niet zo maar te slapen in een door ons opgemaakt bed; ze vlucht zodra we haar naam uitspreken: ze blijft liever incognito. Ze komt het best tot haar recht wanneer ze vergeet hoe ze heet. Door zijn sterke anticulturele standpunten kreeg Jean Dubuffet snel interesse in het onderzoeken van nieuwe kunstvormen, veraf van officiële producties.De term Art Brut verschijnt vanaf 1945, wanneer Jean Dubuffet zijn eerste prospectiereizen naar marginale werken in Zwitserland en Frankrijk onderneemt. Twee jaar later stelt de handelaar René Drouin de kelder van zijn galerij ter beschikking, op de Place Vendôme in Parijs; deze wordt omgevormd tot de Foyer de l’art brut. In deze ruimte, ingehuldigd met Les Barbus Müller, worden vervolgens tentoonstellingen gehouden, gewijd aan Wölfli, Crépin, Aloïse, Salingardes, Forestier, Juva en Hernandez .
    In de herfst van 1948 wordt de Foyer de l’art brut overgebracht naar een paviljoen geschonken door uitgever Gaston Gallimard en wordt het de Compagnie de l'art brut, met als stichtende leden Jean Dubuffet, André Breton, Jean Paulhan, Charles Ratton, Henri-Pierre Roché, Michel Tapié en Edmond Bomsel. De schilder Slavko Kopac neemt de rol van conservator van de Collection op zich

    Jean Dubuffet lees meer
    *Jean Dubuffet (Le Havre, 31 juli 1901 - Parijs, 12 mei 1985) was een Frans kunstenaar die onder andere grote beeldhouwwerken maakte. Hij staat bekend als de propagandist van de term Art Brut. Jean Dubuffet bezocht de kunstacademie in zijn geboorteplaats Le Havre en ging in 1918 naar Parijs.
    In 1924 gaf hij zijn kunstzinnige aspiraties op om leiding te gaan geven aan het wijnbedrijf van zijn familie. Jean Dubuffet bleef in het familiebedrijf werken tot 1942, toen hij besloot dat kunst weer de eerste prioriteit moest worden.
    In 1944 en 1946 vonden tentoonstellingen van zijn nieuwe werk plaats in Parijs. In 1947 waren zijn schilderijen ook te zien in New York. Jean Dubuffet schilderde in een wilde stijl en gebruikte niet alleen verf. Hij verwerkte ook asfalt en gebroken glas in zijn schilderijen. Jean Dubuffet had een grote belangstelling voor tekeningen van kinderen, geestelijk minder begaafden en gedetineerden.
    Hiervan legde hij een grote verzameling aan. Hij noemde deze kunst Art Brut. Later werd het werk van Dubuffet en dat van zijn volgers aangeduid met deze term. Aan het begin van de jaren vijftig ontstond een belangrijke serie figuren onder de noemer Corps de dames. Later schilderde Jean Dubuffet ook landschappen en stadsgezichten.
    Veel aandacht van de pers ging uit naar het brute karakter van deze schilderijen. De rebelse humor van Dubuffet kreeg te weinig aandacht. In het midden van de jaren vijftig ontstond de serie "Tableaux d'Assemblages", waarbij hij gestructureerde en gekleurde doeken in stukken sneed, om deze vervolgens als een mozaïek weer aan elkaar te plakken. Aan het begin van de jaren zestig vonden zowel in Parijs als New York grote overzichtstentoonstellingen van Jean Dubuffet plaats. Later kreeg zijn werk ook de aandacht in Amsterdam en Londen.
    In de jaren zestig begon Jean Dubuffet met plastics te werken, waardoor zijn werk nog driedimensionaler werd.Er ontstonden zowel schilderijen met reliëf als losstaande objecten. Er volgden spoedig opdrachten voor grote openbare objecten en theaterdecors. Aan het einde van zijn leven publiceerde Dubuffet enkele boeken over Art Brut en zijn eigen

    Jean Dubuffet 2 lees meer
    *Jean Dubuffet en Art Brut
    Een geheel anders geaarde bijdrage vanuit Parijs werd geleverd door de belangrijke Franse kunstenaar Jean Dubuffet, ook wel 'de intellectuele barbaar' genoemd. Dubuffet vormde met zijn werk en zijn theorieën in zijn eentje een soort aan Cobra verwante beweging, geworteld in het Surrealisme. Uitgaand van de informele techniek zoals Fautrier die gebruikte, ontwikkelde Dubuffet een stijl die is afgeleid van de niet tot de officiële kunst behorende uitingen van figuratieve kunst. De belangstelling van Dubuffet werd gestimuleerd door de vooroorlogse interesse van Klee en de surrealisten voor het werk van geestesziekten, alsook door de omvangrijke naoorlogse tentoonstellingen van het werk van patiënten in een psychiatrisch ziekenhuis in Parijs in 1946 en 1950. In de jaren veertig van de twintigste eeuw begint Dubuffet met het verzamelen van kunstuitingen van de geestesziekten die hij Art Brut noemt, door anderen ook wel bestempeld als 'Outsiderkunst'. Hoewel Dubuffet zelf geen echte 'outsider' was, wordt de kunst die hij maakte in de periode van 1945 tot 1955 toch vaak in één adem genoemd met Art Brut. Dit, omdat in zijn werk de nadruk wordt gelegd op de intuïtieve oerbron van de kunst. Andere schilders die tot Art Brut behoren zijn: Madge Gill, Adolf Wölfi, Andy Nasisse. In de beeldhouwkunst werd de Art Brut beoefend door Couzijn (zie het Nieuwe Beeldhouwen), de Belg Roel D'Haese[24], de Brit Paolozzi (zie Britse Pop Art), de Amerikaan Tajiri (zie Cobra), de Duitser R. Müller e.a. Zij maakten veelal afschrikwekkende objecten en monsterachtige wezens in ruw metaal. Dubuffet geloofde dat deze kunst, voortkomend uit primitieve samenlevingen, dichter bij de waarheid kwam dan de meeste zogenaamde serieuze schilderkunst. Volgens hem hadden deze primitieve samenlevingen een veel dieper respect voor elk wezen dan de westerse mens, die zichzelf als alleenheerser in de wereld beschouwt. De westerse burgerlijke cultuur heeft zichzelf overleefd, werkelijke creativiteit is alleen nog te vinden in volkskunst, bij primitieve volkeren of bij het onbedorven kind. Voor hen is er niet zo'n scherp onderscheid tussen de mens en andere bestaansvormen als een boom, een plant, een rivier. De beheersing van de natuur neemt in het westerse denken een belangrijker plaats in dan de eenwording met de natuur. In Dubuffet's gevarieerde, complexe werken, die erop gericht zijn de mogelijkheden van materialen en spontane expressie te onderzoeken, kan men het droomachtige en het automatisme dat typerend voor de surrealisten is, herkennen. 'Ik streef naar een kunst die rechtstreeks geënt is op ons dagelijkse bestaan, een kunst die uitgaat van dit dagelijks bestaan, die de adem is van ons werkelijke bestaan en onze werkelijke aard'.

    Francis Bacon lees meer
    *Welkom in de biografie Francis Bacon had een raadselachtige imago, vol tegenstellingen en extremen, dat hij zelf nadrukkelijk had opgebouwd. Het maakte hem ongrijpbaar, net als zijn schilderijen, en dat is wat Bacon wilde. Leven en werk waren voor de kunstenaar onlosmakelijk met elkaar verbonden. Hoewel Bacon altijd zei dat zijn schilderijen onafhankelijk van zijn persoon beoordeeld moesten worden, is zijn biografie soms verhelderend voor het begrip van zijn werk.

    Francis Bacon 2 lees meer
    *Francis Bacon (1909-1992) Engelse kunstschilder De Engelse kunstschilder Francis Bacon (1909-1992) was een van de belangrijkste en meest geprezen kunstenaars uit de twintigste eeuw. Bacon ontwikkelde een geheel eigen stijl, waarin surrealistische elementen zijn terug te vinden.
    Erkenning Bacon heeft geen kunststudie gevolgd. Aanvankelijk was hij als interieurontwerper werkzaam. Aan het begin van de jaren dertig begon hij te schilderen. Pas rond 1940 kreeg de kunst zijn eerste prioriteit. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog kreeg hij de erkenning die hij verdiende. Zijn werk werd uitgekozen voor een tentoonstelling voor de UNESCO. Reeds snel werd zijn werk door de grote musea aangekocht. Zo kocht het museum voor moderne kunst in New York reeds in 1948 een schilderij van Bacon. Een jaar later kreeg Francis Bacon in Londen zijn eerste eenmans-expositie.
    Eenzame figuren De schilderijen van Francis Bacon worden meestal bevolkt door eenzame figuren, waarvoor meestal zijn vrienden poseerden. Ook maakte hij veelvuldig gebruik van foto's. Naast zijn eigen foto's verwerkte Bacon in zijn schilderijen ook afbeeldingen uit medische boeken en tijdschriften en het werk van de bekende fotograaf Muybridge, die bewegingsstudies maakte met behulp van fotografie. Hierdoor ontstonden vreemde effecten.

    Jean Fautrier lees meer
    *Existentiële Kunst Jean Fautrier

    Jean Fautrier geboren: 1898 Parijs gestorven: Chatenay-Malabry Franse schilder bekend uit het art-informel. jean fautrier woont vanaf 1908 in londen en studeert daar aan de Royal Academie en de Slade School of Art.
    In 1917 keert fautrier terug naar Frankrijk waar hij aanvankelijk weinig succes oogst als schilder, maar wordt gesteund door andre Malreux en Jean Paulhan.Als ober en skileraar in de Franse Alpen voorziet hij in zijn levensonderhoud van 1934-1939 waardoor hij weinig tijd overhoud voor de schilderkunst. In 1945 beleeft hij zijn eerste succes met zijn serie Otages(gijzelaars). In 1950 vindt hij het drukprocede Originaux multiples uit.

    Outsider Kunst lees meer
    *Outsider Kunst
    Definitie en kenmerken van Outsiderkunst
    De controverse over de exacte definitie is al zo oud als het fenomeen zelf; de praktische definieerbaarheid verschuift daardoor steeds.
    Art Brut
    Jean Dubuffet , ( geassisteerd door o.a. André Breton ! ) gebruikte sinds 1945 de term Art Brut voor de werken die hij had verzameld; later zijn deze overgenomen door de collection de l'Art Brut te Lausanne, Zwitserland. Art Brut ( letterlijk "Ruwe Kunst" of Raw Art ) verwees naar unieke werken uitgevoerd door personen die gevrijwaard zijn gebleven van de artistiek culturele invloeden. Kunst dus in zijn meest directe en ongeremde vorm. De Art Brut-scheppers in hun puurste vorm beschouwen zichzelf niet als kunstenaar en vinden van zichzelf ook niet dat ze kunst produceren. Hier is alleen sprake van een vloeiende verbinding van het brein met de afbeelding, e.d. Volgens Dubuffet speelt bij deze personen het mimetisme weinig of geen rol .

    Neuve Invention
    Dubuffet realiseerde zich al snel dat er veel scheppers van kunst waren die wel contact hadden met de "reguliere" maatschappij maar door de aard en origine van hun werken eigenlijk onder te brengen waren in de Art Brut. De scheppers van deze werken werkten dikwijls onopvallend in hun vrije tijd, sommigen waren excentieke autodidacten en sommigen hadden zelfs contacten met galerien. De Compagnie de l'art brut besloot een Annex Connection op te richten voor deze werken die qua uitvoering waren onder te brengen bij Art Brut door de expressie van bizarre gevoelens, emoties en ideeën.

    Outsider Art
    Roger Cardinal, de Engelse kunsthistoricus lanceerde in 1972 de term Outsider Art, een term die momenteel geacht kan worden zowel de Art Brut als Neuve Invention te omvatten.
    Omdat Outsider Art niet over de strikte defenitie van Art Brut beschikt word de term echter nogal ruimhartig gebruikt. Het is simpelweg niet genoeg om autodidactisch, amateuristisch of naief te zijn; Outsiderkunst is gelijkwaardig aan Art Brut in zijn essentie en bedoeling . Dikwijls gaat het om psychiatrische patiënten, makers van ‘fantastische’ bouwwerken of anderszins ‘excentrieke’ scheppers, maar noodzakelijk is dat beslist niet.

    Moore, Henry (1898 - 1986) lees meer
    *Moore, Henry (1898 - 1986)
    Wetenschap probeert te verklaren. Kunst doet dat niet. In kunst gaat het niet om verklaringen, maar om inspiratie. Kunst is er om mensen te laten begrijpen in wat voor een prachtige wereld wij leven. Ik zie niet in waarom in onze wereld realistische en abstracte kunst niet gelijktijdig naast elkaar zouden kunnen voortbestaan, zelfs in een kunstenaar. Het is niet zo dat de ene opvatting juist is en de andere niet.
    De wereld van de vormen leren we kennen door ons eigen lichaam. Van de borst van onze moeder, van onze botten, van het in botsing komen met dingen leren we wat zacht en hard is.Voor een beeldhouwer in onze tijd is het belangrijkste probleem de ruimte. Vorm en ruimte horen niet alleen bij elkaar, ze zijn in wezen één. Zonder vorm geen bewustzijn van de ruimte.Ik heb een tijdlang haast fanatiek geloofd in het direct hakken van een beeld zoals sommige oudere beeldhouwers als Brancusi, Modigliani en Epstein deden. Het is iets geweldigs, maar op den duur kom je tot de ontdekking dat je bij dergelijke kruistochten altijd iets over het hoofd ziet. .Wat een beeld goed maakt is een goede geest.
    Wat ik nastreef is de intrinsieke emotionele betekenis van de vorm.
    Een gat kan op zichzelf evenveel vormbetekenis hebben als een vaste massa. Beeldhouwen in lucht is mogelijk.

    Henry Moore 2 lees meer
    *Henry Moore Engelse beeldhouwer Geboren: 30 juli 1898 Castleford Yorkshire Gestorven: 31 augustus 1986 Much Hadham Hertfordshire Engels beeldhouwer, tekenaar en graficus.
    Henry Spencer Moore is vooral bekend door zijn monumentale, geabstraheerde beelden van menselijke figuren. Moores beelden worden gevormd door zijn zuivere gevoel voor massa en volume, vlak en contour, holten en bollingen en een eenheid van conceptie. De grote stenen en bronzen beelden van Moore geven de tot zijn elementaire grondvorm teruggebrachte mens weer; in zijn werk zijn drie hoofdthema's te onderscheiden, nl. 'moeder en kind', 'liggende figuur' en 'familie', oergestalten, waar een haast magische zeggingskracht van uitgaat. Als tekenaar werd hij gefascineerd door de door de aarde omsloten mens, zoals hij die zag in de Londense ondergrondse en in schuilkelders.

    Willem de Kooning lees meer
    *Willem de Kooning (1904-1997), één van de grootste kunstenaars van de twintigste eeuw, keert terug naar zijn geboortestad: Rotterdam. Met ruim vijftig schilderijen en tekeningen biedt de Kunsthal in de imposante daglichtzaal een retrospectief overzicht van de King of Canvas. De tentoonstelling bevat voorbeelden uit verschillende perioden van De Kooning: de vroege zwart-wit schilderijen, de vrouwen en vooral de beroemde monumentale doeken uit de jaren zestig en zeventig. Als tweeëntwintigjarige verstekeling vertrekt De Kooning in 1926 naar New York. Na een leven vol tegenslag en bittere armoede legt hij hier de basis voor de moderne kunst. Na Parijs wordt New York het centrum van de wereld en in 1945 is Amerika klaar voor een home-made-artist: De Kooning wordt voortaan beschouwd als American Master. Ondanks zijn internationale faam heeft De Kooning zijn Rotterdamse herkomst nooit verloochend.

    Willem de Kooning 2 lees meer
    *Willem de Kooning zag zijn kunst als een happening. Het is action painting, vond de Amerikaanse schilder van Nederlandse komaf. 'Het fascineert me iets te maken, zonder te weten wat het wordt.' Tegelijk resoneren in zijn kunst de oude meesters. Voor geen hedendaagse schilder werd meer betaald dan voor zijn doeken.
    'ALLES is reeds in de kunst', schreef Willem de Kooning, 'als in een grote kom soep. Alles is er reeds in. Je hoeft er alleen je hand maar in te steken en je vindt iets. Maar iets dat er al was. Als in een stamppot.'
    De Kooning, 'de ongekroonde keizer onder de kunstschilders', werd geboren op 24 april 1904 in de Rotterdamse Zaagmolenstraat. Toen hij 22 was, reisde hij als verstekeling naar New York aan boord van een vee-transportschip, 'om rijk te worden' en omdat hij plaatjes van mooie vrouwen had gezien. Hij had er allerlei baantjes, van timmerman tot reclameschilder, tot hij zich in 1934 in de New-Yorkse kunstenaarswijk Greenwich Village tussen de bohémiens vestigde en zich 'kunstschilder' ging noemen.
    De Kooning ontmoette er Jackson Pollock. Samen hebben ze 'gezopen als ketters' in de New-Yorkse Cedar Street Tavern of de Artists Club. De grote doorbraak kwam toen Pollock van de ene op de andere dag door enkele artikelen in Life een beroemdheid was. Het werd een prestigeslag tussen die twee. Pollock 'had het ijs gebroken', vond De Kooning. Hij was de abstract expressionist pur sang. Pollock blies de Amerikaanse kunst nieuw leven in. Hij gaf zijn tijdgenoten, ook De Kooning, het vertrouwen om risico's te durven nemen.

    Pollock lees meer
    *Pollock werd in het jaar 1912 geboren, het jaar waarin de euro nog geen kluit waard was en tevens de Titanic was gezonken. Vanaf zijn 2de levensjaar kon men al merken dat Pollock een aanstormend talent was. Met behulp van het revolutionaire programma Ms Paint van de nog revolutionaire innovatie van de personal computer, maakte Pollock zijn eerste kladjes. Deze werken waren wel nog in zwart-wit aangezien de uitvinding van het kleurenscherm pas later kwam. Jammerlijk werd zijn talent verstoort door de Eerste Wereldoorlog, waardoor hij geen penselen meer had, en de opkomst van persoonlijke hygiëne, waardoor hij zonder bruine verf kwam te zitten. Na 4 jaar van hart- en ledematenverscheurende oorlog, kon Pollock eindelijk terug naar school gaan. Iedere vrijdagnamiddag kon hij dan zijn kunststijl bijschaven omdat het dan knutseldag was. Uiteindelijk beslisten zijn ouders om hem op zijn twaalf jaar naar de Royal Acadamy for Paint Artworks (RAPA) te sturen

    CoBrA lees meer
    *CoBrA CorneilleConstant, Karel Appel, Asger Jorn Alechinsky
    CoBrA, een gevaarlijke slang? Een cobra is wel degelijk een gevaarlijke giftige slang. Maar het woord CoBrA staat ook voor de afkorting van de Franse namen van de steden: Copenhague, Bruxelles en Amsterdam. Uit deze drie steden kwamen de kunstenaars die op 8 november 1948, tijdens een groot internationaal kunstenaarscongres in Parijs, de CoBrA groep oprichtten. Een opgerolde slang wordt het symbool van de beweging.
    In het Parijse café Notre Dame ondertekenden Asger Jorn (uit Kopenhagen), Joseph Noiret en Christian Dotremont (uit Brussel) en Constant, Corneille en Karel Appel (uit Amsterdam) het manifest: 'La Cause était entendue' (De zaak was beklonken). Dit manifest, opgesteld door Dotremont, was een reactie op een verklaring van de Franse surrealisten die 'La Cause est entendue' (De zaak is beklonken) heet. Dotremont maakte in zijn betoog duidelijk dat zij het niet meer eens zijn met deze Franse kunstenaars. De CoBrA kunstenaars wilden een nieuwe weg inslaan: zij wilden zonder vooropgezet plan en met veel fantasie werken. In september 1951 werd de CoBrA beweging officieel weer opgeheven. In de korte tijd van haar bestaan bracht CoBrA een vernieuwing in de moderne kunst in Nederland teweeg.
    Wie zijn de CoBrA kunstenaars?De kern van de CoBrA groep bestond uit de al genoemde kunstenaars die het manifest hebben ondertekend. Al gauw sloten zich vele kunstenaars bij deze kern aan. Uiteindelijk zijn meer dan veertig kunstenaars lid of zijdelings betrokken bij CoBrA. Niet alleen schilders, maar ook beeldhouwers, dichters, fotografen en filmers voelen zich aangetrokken tot de ideeën van CoBrA. Hier volgt een lijst van de meest voorkomende namen in alfabetische volgorde: uit Denemarken: Mogens Balle, Ejler Bille, Henry Heerup, Egill Jacobsen, Carl-Henning Pedersen. uit België: Pierre Alechinsky, Hugo Claus, Reinhoud d'Haese. uit Nederland: Eugène Brands, Lucebert, Jan Nieuwenhuys, Anton Rooskens, Theo Wolvecamp. Ook kunstenaars uit andere landen dan de oorspronkelijke drie doen mee: Jean Michel Atlan (Algerijë), Jacques Doucet (Frankrijk), William Gear en Stephen Gilbert (Schotland), Karl Otto Götz (Duitsland), Shinkichi Tajiri (Amerika).

    Karel Appel lees meer
    *Karel Appel Nederlandse schilder, beeldhouwer, tekenaar en dichter, geboren 25 april 1921 Amsterdam - overleden 3 mei 2006 in Zürich, Zwitserland. Karel Appel wordt beschouwd als een prominent exponent van het expressionisme uit de tweede helft van de twintigste eeuw. Zijn naam zal ook altijd verbonden blijven aan de CoBrA-groep (Copenhagen, Brussel, Amsterdam), die de schilderkunst drastisch vernieuwde. Karel Appel schildert, ook volgens eigen zeggen, nooit de abstractie, al benadert zijn werk dat wel sterk. Er zijn altijd herkenbare figuren te ontdekken, of dit nu mensen, dieren of zonnen zijn. Behalve schilderijen maakt hij gouaches, litho's en fel gekleurde beelden en reliëfs van hout, aluminium en polyester.

    Constant (Constant Anton Nieuwenhuys ) lees meer
    *De Cobra-schilder Constant Anton Nieuwenhuys, bekend onder de naam Constant, is maandag op 85-jarige leeftijd in Utrecht overleden. Zijn weduwe heeft dat bekend gemaakt.Nieuwenhuys was al lange tijd ziek. Nieuwenhuys was in 1948 betrokken bij de oprichting van de kunstenaarsbeweging Cobra, afgeleid van de naam van de hoofdsteden Kopenhagen, Brussel en Amsterdam.
    Hij werd in 1920 geboren in Amsterdam en bezocht daar in de jaren ‘39 tot ‘42 de Kunstnijverheidsschool en de Rijksacademie. Eind jaren veertig richtte hij met onder anderen Karel Appel en Corneille de Nederlandse Experimentele Groep op die vlak daarna overging in Cobra.
    Nieuwenhuys schreef in de naoorlogse jaren veel manifesten en artikelen waarin hij pleitte voor een nieuwe maatschappij met moderne kunst. Hij had daarbij de belevingswereld van kleine kinderen als ideaal, omdat alleen die volgens hem spontaan hun gevoelens kunnen uiten. Hij vond een schilderij niet alleen een bouwsel van kleuren en lijnen, ‘maar een dier, een nacht, een schreeuw, een mens, of dat alles samen.’ Vanaf de jaren zestig bracht Constant zijn ideeën over een nieuwe samenleving samen in het project New Babylon. Met dit project had hij in New York in 1999 een overzichtstentoonstelling. Nieuwenhuys heeft zijn werk in vele Europese steden geëxposeerd.

    Corneille lees meer
    *Corneille (1922, Luik) ‘Ellende kan ik voor mijn werk niet gebruiken. Oorlog, daar ben ik niet op gebouwd.' Corneille wordt op 3 juli 1922 als Guillaume Corneille van Beverloo uit Nederlandse ouders in Luik (België) geboren.Als 17-jarige verhuisde hij naar Haarlem en in 1940 verhuisd Corneille naar Amsterdam, waar hij van 1940 tot 1943 studeert aan de Kunstnijverheidsschool en een cursus tekenen en etsen volgt aan de Rijksacademie voor beeldende Kunsten. Als schilder is hij autodidact en werd hij op weg geholpen door Karel Appel, die hij op de academie leerde kennen. Aanvankelijk ging Corneille in zijn kunst uit van de realiteit; hij schilderde stillevens, landschappen en figuren. In 1946 had hij zijn eerste solotentoonstelling in Groningen. etc

    Lucebert lees meer
    *Lucebert: tekenaar, schilder, fotograaf In de tweede helft van de jaren veertig, tijdens zijn zwerversbestaan, was Lucebert erg productief als dichter en als tekenaar. Op elk stuk papier dat hij in handen kreeg, schreef hij gedichten of maakte hij tekeningen. Aan het zwerversbestaan kwam rond 1952 een einde toen Lucebert Tony Koek ontmoette, de vrouw met wie hij later zou trouwen. Samen betrokken ze een zolderkamer in Amsterdam. Het jaar daarna, in 1953, verhuisden de twee naar het kunstenaarsdorp Bergen, waar ze een tijdje in het tuinhuis van de zus van Gerrit Kouwenaar konden wonen. In 1954 ontving Lucebert zijn eerste uitkering voor kunstenaars, en daardoor was hij in staat om in Bergen te blijven wonen. Om financiële redenen is Lucebert pas vanaf 1957 in staat om over te gaan op het schilderen. Hij begon steeds beter te verkopen, en was daardoor in staat om verf en linnen aan te schaffen. In de periode 1957-1962 maakt Lucebert veel schilderijen. In een interview met Jens Christian Jensen verklaarde Lucebert deze hoge productiviteit aan de hand van zijn tekeningen: door het maken van al die tekeningen in de jaren voor 1957 voelde het alsof hij zich jarenlang kon voorbereiden op het schilderen. Door de ervaring die hij had met het tekenen, wist hij precies wat hij wilde op het linnen.

    Moholy-Nagy lees meer
    *In 1923 werd Moholy-Nagy door Walter Gropius gevraagd om bij het Bauhaus te komen werken. Hier nam hij eerst de leiding van de rnetaalwerkplaats op zich, en later, na het vertrek van Johannes ltten, van de voorbereidingscursus. Hoewel er in de tijd waarin Moholy-Nagy aan het Bauhaus werkte geen aparte fotoklas was -deze kwam pas met de komst van Walter Peterhans in 1929-, geldt hij als een van de pioniers van dit medium, en werd hij dé vertegenwoordiger van de Bauhaus-fotografie. Deze reputatie had hij niet in de laatste plaats te danken aan zijn boek Malerei, Fotografie, Film, dat in 1925 als achtste deel in de serie Bauhausbücher verscheen. Daarmee was het de eerste tekst die aan het Bauhaus over fotografie gepubliceerd werd. Moholy-Nagy probeerde hierin onder andere de schilderkunst en de fotografie duidelijk af te bakenen.

    Jean Tinguely lees meer
    *Jean (Charles) Tinguely (1925-1991) Zwitsers beeldend kunstenaar, beeldhouwer, schilder en tekenaar, geboren 22 mei 1925 Fribourg Zwitserland - overleden 30 augustus 1991 Bern Zwitserland. Tinguely is bekend van zijn constructies die werken als machines, maar geen zinvolle functies hebben. Hij was een vertegenwoordiger van de kinetische kunst en werd beïnvloed door het dadaïsme en de mobiles van Calder. Van schroot vervaardigde hij door motoren aangedreven metaalsculpturen, waarvan de onderdelen ronddraaiden en heen en weer slingerden en zich steunend, stampend en knarsend voortbewogen.
    Biografie Van 1940 tot 1945 studeert Tingueley aan de Kunstnijverheidsschool van Basel.

    pop art en Richard Hamilton lees meer
    *POPART (ca. 1950)
    Vanaf het midden van de 20e eeuw werd de westerse wereld overspoeld door een welvaartsgolf. De massaproductie, de media en de reclame zorgden voor een kritiekloze consumptie waardoor een proces van uitschakeling van de eigen creativiteit, en een vervreemding t.o.v. echtheid en zuiverheid ontstond.
    Een aantal Britse kunstenaars poogden de maatschappij wakker te schudden en tot bezinning te brengen door in hun kunst gebruik te maken van de door hen veroordeelde populaire consumptieartikelen.
    Het is twijfelachtig aan te nemen dat deze aanvankelijk nobele doelstelling de ontwikkeling van de popart (= popular art) is blijven bezielen aangezien deze beweging uiteindelijk zelf uitgroeide tot een consumptiekunst, vooral in de VS.Het was dan ook niet verwonderlijk dat de popart, door alle realiteit van media en consumptiemaatschappij tot middel van kunst te kiezen, de (conventionele) kunstliefhebber behoorlijk tegen de schenen schopte. In die zin kan popart dan ook, na dada, beschouwd worden als een soort antikunst die de grenzen tussen leven en kunst en tussen kitsch en kunst deed vervagen, en die bewust anti-esthetisch gericht was.
    Richard Hamilton (1922-)
    Toen deze Britse kunstenaar samen met de groep ‘Independent’ in 1956 de tentoonstelling ‘This is Tomorrow’ organiseerde, werd hiermee de aanzet gegeven tot de Britse popart. Op deze expositie toonde Hamilton zijn eerste popcollage ‘What Is It that Makes Today’s Homes so Different, so Appealing?’

    Roy Lichtenstein lees meer
    *Roy Lichtenstein (1923-1997) Amerikaanse popart-kunstenaar De Amerikaanse popart-kunstenaar Roy Lichtenstein (1923-1997) werd in New York geboren. Van 1939 tot 1940 studeerde hij aan de Arts Students League in New York. Van 1940 tot 1949 studeerde hij, met een onderbreking van drie jaar omdat hij zijn militaire dienstplicht moest vervullen in Europa, aan de Ohio State University in Columbus.
    Reclame en stripverhalen Na zijn studietijd was Lichtenstein tot 1951 docent aan de universiteit van Ohio. In 1951 had hij ook zijn eerste solotentoonstelling in galerie Carlebach in York. Tot 1957 werkte Roy Lichtenstein als ontwerper en etaleur. In zijn vrije werk maakte hij parodieën op de Amerikaanse kunst van de jaren twintig. Van 1957 tot 1960 doceerde Roy Lichtenstein aan de New York State University in Oswego. In deze periode maakte hij korte tijd abstracte schilderijen, maar in 1960 ontmoette hij Claes Oldenburg en begon te experimenteren met stijlelementen uit reclame en stripverhalen. In deze tijd introduceerde hij de rasters, stippen, zwarte contourlijnen en felle kleuren, waarmee hij beroemd werd.

    Op art en Andy Warhol lees meer
    *Beeldtaal als kunst Kunst gaat toch over het verbeelden van je zielenroerselen? Het maken van een uniek werk, waarin jouw ‘handschrift’ herkenbaar is. Het afgebeelde hoeft niet herkenbaar te zijn. Abstracte vormen geven je werk iets poëtisch. Of niet? De Pop Art kunstenaars weten wel beter. Weg ermee!
    Aan het einde van de jaren '50 van de twintigste eeuw ontstaat er tegelijkertijd in Amerika en Engeland een nieuwe stijl: Pop Art. Kunstenaars zetten zich af tegen de heersende ideeën over kunst. Het dagelijks leven vormt hun inspiratiebron en uitgangspunt. Onderzoek naar de moderne westerse beschaving in al haar verschijningsvormen. Wegwerpartikelen, televisieprogramma’s, strips, film, reclames: de beeldtaal van de massamedia is pas echt interessant.
    Andy Warhol
    Engels kunstenaar Richard Hamilton (1922) zegt dat hij streeft naar kunst die "begrijpelijk, vergankelijk, vervangbaar, goedkoop, massaal reproduceerbaar, jong, geestig, sexy, publiciteitsgericht, glamorous en een commercieel succes" is. Andy Warhol (1928-1987) gaat nog een stapje verder dan Hamilton. Hij laat zijn drukwerk uitvoeren door assistenten en al zijn onderwerpen staan van tevoren al vast. Hij gebruikt alles dat populair is als onderwerp: van Marilyn Monroe tot Campell’s soepblikken. Op afbeelding 10-45 gebruikt hij Elvis in ‘Triple Elvis’ (1963). Zijn 3 Elvissen beter dan één? Herhaling vormt een wezenlijk kenmerk van zijn kunst. Niet alleen in het werk zelf, maar ook in de reproduceerbaarheid ervan. Een kunstwerk hoeft niet meer uniek te zijn. De kunstenaar neemt zelf geen kwast ter hand. Hij laat zijn assistenten zeefdrukken maken

    Donald Judd lees meer
    *De Amerikaanse beeldhouwer Donald Clarence Judd werd in 1928 geboren in Missouri (USA). Hij studeerde schilderkunst en kunstgeschiedenis.In de jaren vijftig van de 20ste eeuw schreef Judd kunstkritieken en doceerde hij aan het Brooklyn Institute of Arts and Science in New York.

    Donald Judd 2 lees meer
    *Na zijn diensttijd besloot Judd kunstenaar te worden. In de jaren 1950 studeerde hij bovendien kunstgeschiedenis om later geld te kunnen verdienen door les te geven. Omstreeks 1960 begon Judd te experimenteren in het gebied tussen schilderen en beeldhouwen. Hierdoor kon hij driedimensionaal werken en was hij bevrijd van de beperkingen van het platte vlak.
    Judds handelsmerk is helderheid, soberheid, rechthoekigheid en perfecte maatverhoudingen. Voor zijn sculpturen gebruikt hij vooral industriële materialen als staal, aluminium en plexiglas. Achter zijn werken zit geen betekenis; ze representeren niets. Het geheel is, volgens hem, interessanter dan een onderdeel. Vandaar dat details of een focuspunt, waar de aandacht op gevestigd wordt, ontbreken. Judd laat zijn sculpturen door vakmensen uitvoeren. Daardoor hoeft hij zich alleen te richten op techniek en effecten die met materialen bereikt kunnen worden.
    Deze grote sculptuur Untitled 1984 van Donald Judd is opgebouwd uit segmenten van langgerekte rechthoeken. Hoewel Judd in dit werk trouw gebleven is aan een aantal basisprincipes van de Minimal Art, zoals de enkelvoudige identieke elementen en de modulaire opbouw, wijkt het daarvan in andere opzichten sterk af.
    Met een lengte van negen meter en een hoogte die juist wel is aangepast aan de menselijke maat, heeft het werk een voor Judd ongebruikelijke schaal. Door dit extreme formaat ontstaat een zeer vergaande relatie met de ruimte.
    Ook het intense gebruik van kleur is nieuw in Judds oeuvre, waardoor de sculptuur sterk van de strenge soberheid van eerder werk verschilt. Deze heldere kleuren, die in een schijnbaar willekeurige ordening zijn aangebracht en in het aluminium zijn ingebrand, doorbreken de monumentaliteit van het blok, waardoor het lichter lijkt. Door kleur en materiaal zoveel mogelijk te laten versmelten, dringt Judd de illusionistische werking van de kleur zoveel mogelijk terug

    Joseph Beuys lees meer
    *in 'Grond' neemt het kantoormeubilair van Beuys' galeriehouder René Block een belangrijke plaats in. Vier houten constructies dienen het meubilair tot ruggesteun. Met hun kern van koperen platen hebben zij de betekenis van batterijen, waarin geestelijke energie ligt opgeslagen. De titel 'Grond' is gebruikt in de betekenis van basis, een grondslag voor activiteit. In weerwil van de gebruikelijke associaties heeft Beuys met kantoormeubilair een monument opgericht als teken van een door de creativiteit te bepalen toekomst. Op één van de koperen platen is de 'Aufruf zur Alternative' bevestigd, een artikel uit de Frankfurter Rundschau, waarin Beuys opriep tot verandering van de maatschappij.

    Joseph Beuys 2 lees meer
    *Joseph Beuys
    (1921-1986) Duitse kunstenaar en grondlegger van de actie als zelfstandige kunstvorm. Zijn acties waren steeds verrassend en origineel. Zij hadden als doel aandacht te vragen voor de relatie tussen kunst en leven en voor de menselijke creativiteit die van ieder individu een kunstenaar kan maken. Hij muntte uit in tekenen en maakte daarin grote naam.
    Daarnaast maakte Beuys ook een soort ruimtelijke presentaties, die aanvankelijk environments werden genoemd en later installaties , onder meer in de vorm van vitrines. Daarin mengde hij verwijzingen naar mythologie en kunstgeschiedenis met de symboliek van beschutting (door gebruik van vilt) en van voeding (door gebruik van vet). Hij droeg aanzienlijk bij aan het herstel van het zelfvertrouwen bij de beoefenaars van de door Tweede Wereldoorlog besmette Duitse kunst

    Joseph Beuys 3 lees meer
    *Ruim vierduizend kunstwerken van Joseph Beuys (1921-1986) zijn vanaf zondag te bezichtigen in een kasteel bij Kleef, dat zich heeft ontfermd over de immense Beuys-verzameling van de gebroeders Van der Grinten. Is de grote sjamaan en activist nu definitief bijgezet? 'Als Beuys er niet meer bij staat om uitleg te verschaffen, dan wordt het waardeloos.'
    ONDER ZIJN ENE voet heeft de man een korte, koperen ski gebonden, onder zijn andere schoen kleeft een lap vilt. Zijn gezicht is ingesmeerd met honing, waarop zich een laagje goudstof heeft vastgezet. In zijn armen houdt hij een dode haas, die hij liefdevol toespreekt. Drie uur lang. Hij loopt met het kadaver langs kunstwerken, om zich uiteindelijk op een krukje te laten zakken en door te murmelen. Joseph Beuys laat zien Hoe men de dode haas de schilderijen verklaart. Van zijn gemurmel tegen het beest dat-niet-meer-is, verstaat het publiek niets.
    Het is een van Beuys' beroemdere Aktionen; ze stamt uit 1965 en werd vastgelegd op een video. En het ziet er al met al een beetje luguber uit. Beuys-vorsers hebben het later aldus uitgelegd: de verintellectualiseerde mens was niet meer - of nog niet - in staat de tekst van Beuys te begrijpen. Dit in tegenstelling tot de haas, want die beschikt over het geheim van het oorspronkelijke leven

    Barbara Kruger lees meer
    *Barbara Kruger Barbara Kruger 1945, Newark, New Jersey, Verenigde Staten
    Barbara Kruger woont en werkt in New York en Los Angeles. Ze volgde opleidingen beeldende kunst en vormgeving in New York. Als grafisch vormgever werkte ze voor verschillende tijdschriften. Deze achtergrond is cruciaal in haar werk als beeldend kunstenaar.
    De beeldtaal uit de massamedia heeft zeer krachtige communicatiemogelijkheden. Barbara Kruger eigent zich de clichés en technieken toe die in de massamedia worden gebruikt. Ze hanteert dezelfde strategieën, maar om haar eigen seksuele, sociale en politieke, altijd kritische boodschappen over te brengen. De boodschappen die in de massamedia moeten aanzetten tot consumptie, vervangt ze door kritische, agressieve oneliners zoals I shop therefore I am , I am not trying to sell you anything of When I hear the word culture I take out my check book. Ze stelt vragen over het functioneren van macht en het effect ervan op de menselijke conditie: hoe wordt macht opgebouwd, gebruikt en misbruikt. Steeds terugkerende thema’s in haar subversieve en bevragende werk zijn feminisme, consumptie, individuele autonomie en verlangen. Ze ontwierp posters voor een vrouwenrechtendemonstratie in 1989 in Washington, schreef een in vele talen vertaald feministisch pamflet en publiceerde over discriminatie van minderheden en aids-patiënten.
    Krugers werk wordt getoond in musea en galerijen, maar ook op reclamepanelen, bushokjes, posters, T-shirts en plastic tassen en in stations, parken of andere plekken in de publieke ruimte. Op het eerste gezicht krijg je een reclameboodschap te zien. Dat wat je leest, strookt echter niet met de gebruikelijke reclameboodschappen. In haar recente werk gebruikt Kruger naast geschreven tekst ook geluid en naast fotografie ook videoprojectie. De confrontatie met de toeschouwer wordt nog indringender en nog meer claustrofobisch; haar werk komt nog dichter bij het publiek. Krugers concept is zowel publiek als politiek

    Anselm Kiefer lees meer
    *De Duitse kunstenaar Anselm Kiefer (1945) haalde de hele mythologie en geschiedenis van Duitsland overhoop om het zwijgen van zijn landgenoten te doorbreken. ROGIER ORMELING In het schilderij Icarus – Märkisches Sand (1981) heeft Icarus de gedaante aangenomen van een gevleugeld schilderspalet dat boven Brandenburg vliegt. Het palet stort echter niet, zoals Icarus, neer vanwege de zon, maar vanwege de hitte van het landschap dat door de oorlog in brand staat. Op briljante wijze laat Kiefer zien dat op Duitse bodem zó’n uitslaande brand heeft gewoed dat een Duitse kunstenaar destijds geen andere keuze had dan zich met de geschiedenis bezig te houden. Hoe graag de kunst ook autonoom en transcendent wil zijn, aan de zwaartekracht van de geschiedenis kan ook zij niet ontkomen. Samen met collega’s als Baselitz, Immendorf, Penck, Polke en Richter verwierp Kiefer daarom in de jaren zestig de heersende abstracte, puur formalistische moderne kunst. Zulke autonome kunst verwijst immers vooral naar zichzelf en hield zodoende in Duitsland slechts het grote zwijgen in stand, het taboe op het ter sprake brengen van het nazi-verleden

    Anselm Kiefer 2 lees meer
    *Anselm Kiefer (1945) Duitse kunstenaar
    De Duitse kunstenaar Anselm Kiefer werd in maart 1945 geboren in Donaueschingen. Kiefer studeerde aanvankelijk rechten aan de universiteit van Freiburg, maar gaf deze studie in 1966 op om kunstenaar te worden. Vervolgens studeerde Anselm Kiefer aan de kunstacademies in Freiburg, Karlsruhe en Düsseldorf.
    De "daily practice" van Gerhard Richter De Duitse kunstenaar Gerhard Richter werd in 1932 geboren in Dresden. Hij is een van de invloedrijkste schilders van zijn generatie. Schijnbaar moeiteloos wisselt Richter tussen abstract en figuratief werk. Bovendien bleek hij inventief in het bedenken van methodes om zijn verf op het canvas te krijgen. Hoewel Gerhard Richter zichzelf als een kunstenaar beschouwt en niet als kunsttheoreticus, heeft hij tijdens zijn loopbaan vele interessante en vernieuwende stukken geschreven. Samen met Hans-Ulrich Obrist werkte Gerhard Richter zeven jaar aan de totstandkoming van "The daily practice of painting: writings 1960-1993". Vele tekstfragmenten uit dit boek werden speciaal voor dit doel vertaald in het beter internationaal toegankelijke Engels. Obrist gebruikte naast publieke uitspraken, zoals interviews, brieven aan vrienden en dagboeken, waarin Gerhard Richter verslag doet over zijn werk. Bovendien werden 87 illustraties opgenomen uit het archief van Richter.
    Gerhard Richter: 100 pictures
    Gerhard Richter wordt door velen gezien als de belangrijkste Duitse kunstschilder van zijn tijd. In 1996 maakte deze Duitse kunstenaar een kunstenaarsboek waarin hij op een onconventionele wijze een bloemlezing uit zijn oeuvre toont. Na een kort terugblik op de schilderijen die Gerhard Richter in zijn atelier bewaarde volgt het werk uit de jaren 1995 en 1996. In deze jaren schilderde Richter hoofdzakelijk abstracte doeken en een aantal persoonlijke schilderijen, zoals een doek waarop zijn vrouw Sabine geportretteerd werd als madonna met kind. "100 pictures" is een bijzonder boek van een bijzondere kunstenaar.

    Jeff Koons lees meer
    *Jeff Koons (1955) Amerikaanse kunstenaar
    De Amerikaanse kunstenaar Jeff Koons werd in januari 1955 geboren. Koons studeerde aan het Maryland College of Art en het Art Institute in Chicago. Na zijn studie vestigde Jeff Koons zich in 1976 in New York, waar hij al snel opviel. De eerste werken van Koons bestonden uit tl-buizen en huishoudelijke artikelen. Daarnaast ontstonden opblaasbare konijnen en bloemen. Koons trad veelal in de voetstappen van popartkunstenaars. In zekere zin is zijn werkwijze vergelijkbaar met die van Andy Warhol, dit vooral door zijn experimenten met verschillende media.
    Equilibrium tanks De eerste solotentoonstelling van Koons vond in 1985 plaats in New York. De belangrijkste thema's op deze tentoonstelling waren evenwicht en overleven. Naast zijn "Equilibrium tanks", een soort aquaria waarin zich zwevende basketballen bevinden, toonde hij afgietsels van een reddingsvest en een rubberboot.
    Banaal Door sommigen wordt de kunst van Jeff Koons als banaal ervaren. Feit is, dat Koons altijd op zoek lijkt te zijn naar de grens: waar houdt de kunst op en begint de kitsch. Voor de serie "Banality" (1988) maakte Koons gebruik van dezelfde techniek, waarmee doorgaans kitsch objecten van aardewerk worden vervaardigd. Een relletje na de aankoop van "Ushering into banality" door het Stedelijk Museum in Amsterdam resulteerde in naamsbekendheid van Jeff Koons in Nederland.

    Jeff Koons 2 lees meer
    *Jeff Koons Jeff Koons is geboren in 1955 in York, Pennsylvania. Hij werkt en leeft hoofdzakelijk in New York. Jeff Koons is een Amerikaanse object- en conceptkunstenaar, en wordt ook wel beschouwd als een belangrijke kunstenaar van het postmodernisme, die kitsch in beeld bracht. Hij wordt ook wel tot de Commodity-art gerekend

    Armando lees meer
    *Armando (Amsterdam 1929) behoort tot de belangrijkste na-oorlogse Nederlandse kunstenaars. Hij wordt nationaal en internationaal gewaardeerd als beeldend kunstenaar, schrijver, film- en documentairemaker en violist. Zijn werk, met als basis zijn persoonlijke ervaring van de Tweede Wereldoorlog in Amersfoort, handelt over existentiële en universele thema's die hij beschrijft in termen van macht en onmacht, daders en slachtoffers, herinnering, vergankelijkheid en melancholie. Fascinatie voor geweld en kwaad bepaalt zijn werk van meet af aan. Verbaasd over de verraderlijke schoonheid van dit geweld, werkt Armando zijn thematiek in elke discipline die hij beoefent op unieke wijze uit. Gedreven door het verlangen naar inzicht in het kwaad en naar de beheersing van de technieken om zijn thematiek vorm te geven, verkent hij de mogelijkheden van ieder medium tot het uiterste.
    Het werk van Armando omvat series monumentale schilderijen , pasteus en doorwerkt in zwart en wit met hier en daar sporen van kleur, subtiele, poëtische tekeningen en grafiek. Vanaf 1989 ontstaan sculpturen die door natuurkrachten gevormd en gebeukt lijken. Proza en poëzie van Armando nemen een eigen plaats in. In een zeer specifieke taal wordt het onzegbare, omgeven door veel wit, verwoord. Documentaires waarin zowel daders als slachtoffers het woord krijgen, films, toneel- en theatervoorstellingen completeren een oeuvre waarvan zowel beeldend als literair werk meermalen is bekroond. Als violist van het Armando Kwartet drukt Armando het gevoel van weemoed en melancholie, dat een plek heeft in al zijn werk.

    Menno Baars lees meer
    *

    Gerti Bierenbroodspot lees meer
    *Haar werk transponeert op metafysische wijze concrete gegevens uit de werkelijkheid. Een werkelijkheid die haar oorsprong heeft in reizen die zij maakte naar Italië, Griekenland en Egypte. Zou vanwege haar iconografische concentratie op archeologische vondsttypen en haar kennis van de oudheid, een classicistisch realist genoemd kunnen worden. Haar schilderijen vertegenwoordigen echter geen archeologische waarden in de zin van reconstructietekeningen. Bij nader inzien blijkt dat zij de realistische archeologische gegevens ondergeschikt heeft gemaakt aan een metafysisch gehalte.

    Eugène Brands lees meer
    *Vaak wordt Eugène Brands in één adem met de CoBrA-beweging genoemd. Toch behoorde hij maar heel kort tot deze beweging. Na de roemruchte gezamenlijke tentoonstelling in het Stedelijk Museum te Amsterdam, in november 1949, nam hij reeds afscheid van CoBrA. Met zijn zeer persoonlijke opvattingen over de schilderkunst was Eugène Brands - een groot schilder, een beminnelijk mens - nu eenmaal veel meer een solist.In de jaren zestig verruilde Brands langzamerhand de figuratie weer voor abstractie. Hij heeft meegemaakt dat in de kunstwereld "materie-schilderen" veel aandacht kreeg. Dat was niet zijn schilderen. Zelf brengt hij de verf meestal dun op, als een tintensluier, bijna immaterieel.

    Henk Chabot lees meer
    *

    Jan Dibbets lees meer
    *Jan Dibbets is één van de toonaangevende en invloedrijke Nederlandse kunstenaars met een internationale reputatie in wiens werk licht, kijken, perspectief en ruimte terugkerende elementen zijn. Zijn werk bevindt zich in de talloze collecties waaronder die van De Pont en het Van Abbe Museum.

    Kees van Dongen lees meer
    *Kees van Dongen (1877-1968). Cornelis Theodorus Maria van Dongen werd op 26 januari 1877 geboren te Delfshaven, een dorp dat in 1886 door Rotterdam werd opgeslokt. In 1889 ging Kees zijn vader helpen bij het werk in een mouterij, een bedrijfje dat de grondstof voor de jeneverstokerijen leverde. Uiteindelijk ging Kees in 1892 tekenlessen volgen bij de schilder J.C. Heyberg aan de kunstacademie te Rotterdam. Op de academie ontmoette hij zijn latere vrouw Juliana Augusta Preitinger (-1946), roepnaam Guus. In 1895 ging Kees uit huis en verdiende hij de kost met het maken van tekeningen voor o.a. Het Rotterdamsch Nieuwsblad

    Sam Drukker lees meer
    *

    Marlene Dumas lees meer
    *'EK IS NIE van hier nie, maar ook nie van daar nie', zegt Marlene Dumas in Miss Interpreted (Marlene Dumas), de documentaire die zojuist aan haar leven en werk is gewijd. Ze is geboren in Zuid-Afrika, ze woont inmiddels ruim twintig jaar in Nederland en stelt haar schilderijen en tekeningen over de hele wereld tentoon, maar haar enige 'hier en daar' is haar atelier: 'Mijn studio is mijn huis, mijn land.' De meest intieme momenten in de documentaire zijn dan ook die waarop de kunstenares aan het werk is. Je ziet haar ruime atelier in een voormalig fabriekje aan de Amsterdamse Prinsengracht, een rechthoekige ruimte met een betonnen vloer die bedolven is onder stapels foto's, knipsels uit kranten en tijdschriften, boek- en plaatwerken, en kwasten en verf

    MC Escher lees meer
    *

    Edgar Fernhout lees meer
    *

    Leo Gestel lees meer
    *Leo Gestel (1881-1941) minnaar van het liefelijke Leie-land Zijn leven en zijn werken zijn in de laatste kwarteeuw door velen in beeld gebracht via tentoonstellingen, boeken en catalogi. Na 1980 kwam de (her)waardering voor deze veelzijdige schilder pas echt op gang. Het leek een soort wedergeboorte. Tijdens zijn leven was Gestel een gevierd kunstenaar en verscheen al de eerste monografie over hem, geschre- ven door zijn vriend Willem van der Pluym. Dat was in 1936. Na Gestels overlijden in het oorlogsjaar 1941 moest er tot 1946 worden gewacht voordat er een overzichtstentoonstelling van zijn werk kon worden gemaakt. Immers onder de oorlog was zijn werk "entartet" verklaard.

    Herman Gordijn lees meer
    *Van 1950 tot 1955 volgde hij een opleiding aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten te Den Haag. In 1960 vestigt hij zich in Amsterdam. Gordijn's werk wordt gerekend tot het Lyrisch Realisme.In de jaren ‘60 en ‘70 is hij naast schilder en graficus ook zeer productief als decor- en kostuumontwerper voor toneelgezelschappen. Van 1969 tot 1987 is hij docent aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Gordijn werd ook bekend door zijn monumentale portretten in opdracht, zoals van H.M. Koningin Beatrix, de actrice Charlotte Köhler en de acteur Ton Lutz. Over zijn werk verschenen meerdere (televisie) documentaires en boeken.

    Klaas Gubbels lees meer
    *Klaas Gubbels is zonder enige twijfel één van de belangrijkste levende Nederlandse beeldend kunstenaars. De door hem geschapen beelden zijn reeds generaties lang voor velen iconen geworden: serieuze, maar lichtvoetige voorstellingen die hoewel herkenbaar, steeds de randen van het realisme aftasten. Met een bewonderenswaardige standvastigheid heeft Gubbels sinds de jaren vijftig een indrukwekkend oeuvre opgebouwd waarin koffiekannen, tafels, flessen, schaakborden en een enkele maal een vrouwenfiguur of stoel figureren

    Henk Helmantel lees meer
    *Henk Helmantel (1945) is sinds 1967 werkzaam als kunstschilder in zijn geboortedorp Westeremden. Hij heeft zich gedurende al die jaren voornamelijk beziggehouden met het schilderen van stillevens en interieurs van middeleeuwse (kerk)gebouwen in realistische stijl. Er vonden zeer veel solo- en groepstentoonstellingen plaats in binnen- en buitenland. Verder verschenen er vele recensies en een aantal brochures en boeken. Een heel speciale opdracht die hij zichzelf stelde was de volledige reconstructie van "De Weem", een in 1912 afgebroken middeleeuwse pastorieboerderij. Hierbij werd hij geholpen door vaklieden en vrijwilligers. De herbouw vond plaats in de jaren 1974/1975, 1981, 1985 en 2004. In het schuurgedeelte van "De Weem" is een expositieruimte gecreëerd om de eigen collectie schilderijen te tonen. De exposities van eigen werk vinden plaats van mei tot en met september. (zie ook "de Weem")

    Anton Heyboer lees meer
    *Anton Heyboer werd op 9 februari 1924 op het Indonesische eiland Java geboren. Vijf maanden later verhuisde hij met zijn oudere zusje en ouders naar Haarlem. Er volgde een periode van verhuizingen. In 1925 naar Delft, in 1929 naar Voorburg. Van 1933 tot 1938 verbleef de familie Heyboer op Curacao. Later verhuisde men wederom naar Haarlem. "Heyboer: ik heb een prima jeugd gehad. Niet, vergeleken met normaal, wat men een gezellige jeugd noemt. Maar een vrij wilde jeugd. Op onbewoonde eilanden enzo. Wat wil je als kind nog meer?" Enz.

    Jozef en Isaac Israels lees meer
    *Jozef Israëls is reeds een gevierd en populair schilder van de Haagse School wanneer zijn zoon Isaac wordt geboren. Al snel blijkt het tekentalent van de jonge Israëls en het is dan ook niet verrassend dat hij in de voetsporen van vader treedt. Maar het traditionele schildersmilieu is hem te benauwend. Isaac ruilt Den Haag in voor Amsterdam, waar hij in zijn schilderijen een compleet andere weg inslaat dan zijn vader – niet voor niets wordt Isaac de Hollandse impressionist genoemd

    Wim Izaks lees meer
    *Wim Izaks is geboren in Eibergen in 1950. Op 22-jarige leeftijd besloot hij de kunstopleiding te gaan volgen aan de Akademie voor Kunst en Industrie (AKI) te Enschede. Hij viel er op door zijn impulsieve en gedreven manier van schilderen. In 1975 maakte hij een lange reis door Afrika, waarvan hij een verslag maakte in woord en beeld. Een reeks foto's, schilderijen en grafiek werd tentoongesteld in het Rijksmuseum Twenthe in 1978 ter gelegenheid van zijn afstuderen. Hij maakte meer dan duizend schilderijen en grote aantallen tekeningen, gouaches en grafiekbladen. Zijn stijl was over het algemeen zeer expressief, waardoor de kunstkritiek hem indeelde bij de 'wilde schilderkunst'. Toch was zijn werk ook vaak uiterst beheerst, zoals de linosnedes en de late schilderijen bewijzen. Hij exposeerde in verschillende musea en galeries. Daarnaast gaf hij les aan de AKI. In 1989 kwam er onverwacht een einde aan zijn turbulente leven.

    Peter Klashorst lees meer
    *Peter Klashorst (1957) studeert in 1981 af aan de Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam. De jaren 80 zijn een periode waarin er in Europa een nieuwe beweging ontstaat, die van de \"wild Painting\" kunstenaars. Klashorst\'s schilderstijl wordt onmiddellijk verwelkomd door deze beweging. 1987 begon Klashorst na gesprekken op Tenerife met de Tsjechische kunstenaar Jiri Georg Dokoupil het in Amsterdam gevestigde kunstenaarscollectief After Nature, dat zich afzette tegen het heersende abstract expressionisme. Bekend en berucht waren hun gezamenlijke performances op straat, in de natuur en tijdens kunstmanifestaties. In 1995 viel de After Nature groep weer uiteen. In de tussentijd had deze groep ook het Amsterdams Instituut voor de Schilderkunst (AIS) opgericht, waar zij open schilderworkshops organiseerden.

    Theo Kuijpers lees meer
    *'Als ik een goed schilderij heb gemaakt, kan ik hooguit enkele dagen nagenieten. Dan begint het hele scheppingsproces weer van voren af aan. Telkens weer.' Theo Kuijpers,

    Kees Maks lees meer
    *De Amsterdamse schilder Kees Maks (1876-1967) wordt gerekend tot een van de belangrijkste moderne, figuratieve kunstenaars van het begin van de twintigste eeuw. Terwijl in het begin van de twintigste eeuw de avantgardistische schilderkunst haar invloed deed gelden in Europa, keerden veel kunstenaars in het interbellum terug tot een meer neo-klassieke figuratie, die bekend werd als 'Retour a l'ordre'. Met name in Parijs verwierven deze figuratief werkende kunstenaars, waaronder Kees van Dongen, faam. In Nederland is ten onrechte nooit veel belangstelling voor dit soort kunst geweest. De overzichtstentoonstelling van Kees Maks hoopt dit beeld te nuanceren.

    Ans Markus lees meer
    *Antje Geertje (Ans) Markus (Halfweg, 29 januari 1947) is een Nederlands kunstschilderes. Markus is bekend om haar schilderijen van vrouwen in windsels. Markus is autodidact en haar stijl is realistisch. In 1981 houdt ze haar eerste expositie en vanaf halverwege de jaren 80 komt het grote succes. Begin jaren 90 verhuist Markus van Udenhout naar Amsterdam. In 1995 opent ze haar eigen atelier en expositieruimte op het Prinseneiland. Met haar 25-jarig jubileum als kunstschilder verschijnt in 2003 het overzichtsboek Tot op de Huid: 25 jaar schilderkunst van Ans Markus.

    Piet Ouborg lees meer
    *Piet (Pieter) Ouborg werd op 10-03-1893 in Dordrecht geboren en overleed op 03-06-1956 in Den Haag. In Dordrecht volgt hij een opleiding als onderwijzer met akten voor Engels en Frans. In 1913 ontvangt hij de materiaalprijs groot f 200,- uit het door het Dordrechts Museum beheerde Ary Scheffer-fonds. Volgde een opleiding voor een lagere teken akte in Surabaia en tijdens zijn eerste Europese bezoek wordt de akte MO tekenen behaalt. Als schilder is hij autodidact.
    Piet Ouborg werkte van 1916 tot 1938 als onderwijzer en tekenleraar in Nederlands-Indië (Java, Serang(1916), Sumatra, Padang-Pandjang(1916-1919), Java, Soerabaia(1920), Malang(1921 en 1925), Batavia (1926-1931) en Bandoeng (1925 en 1931-1938). Vandaar uit volgde hij nauwlettend de ontwikkelingen in de Europese kunst. Tegelijk maakte de exotische Indische omgeving diepe indruk op hem. Samen met de kunstenaar Jan Frank maakt hij tochten om te schilderen en om authentieke maskers op te sporen; hier ligt de basis van zijn collectie. In 1923 en in 1931 keert hij voor een verlofbezoek terug naar Nederland en 1938 keert hij definitief terug naar Nederland, kiest dan een woonplaats in Haarlem en later in Amsterdam en vestigt zicht in 1939 te Den Haag waar hij weer les in kunstgeschiedenis en tekenen gaat geven

    Marte Röling lees meer
    *Vijf jaar geleden overleed de geliefde van kunstenares Marte Röling. Negen dagen na zijn dood begon ze aan een schilderij met hem als onderwerp. Inmiddels zijn het er vijfenvijftig, te zien in Museum De Fundatie in Zwolle. ,,Ik kwam op Henks portretten toen ik zijn botten zag gloeien in de oven. Ik wilde hem meteen gaan schilderen. Ik grijp je, dacht ik. Of je wilt of niet. Ik wil je zíen."

    Ton Schulten lees meer
    *Emotie en Betovering Ton Schulten werd geboren als zoon van een bakker in Ootmarsum. Hij groeit op in een katholiek middenstandsgezin met zes kinderen. In 1956 startte hij op de Academie voor Kunst en Industrie te Enschede waar hij in 1962 cum laude afstudeerde in de richting grafisch ontwerper en vormgever. Na carrière gemaakt te hebben in de reclamewereld besluit Schulten in 1989 zich geheel te gaan wijden aan de schilderkunst.

    Jan Sluijters lees meer
    *Jan Sluijters 1881-1957 Behalve landschappen en familietaferelen schilderde Sluijters opvallend veel kunstenaressen en vrouwelijke artiesten. Moderne vrouwen die hun leven in eigen hand namen en een eigen carrière hadden. De vrouwen slaan niet bedeesd en zedig de ogen. neer, zoals gebruikelijk in die tijd, maar hebben een zelfverzekerde houding, soms brutaal, erotisch geladen. De schilder liet zich overigens niet leiden door het klassieke schoonheidsideaal, hij portretteerde jonge en oude vrouwen, blanke en zwarte, arme en rijke.

    Evert Thielen lees meer
    *Evert Thielen (Venlo 1954) bezocht na zijn middelbare school de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Van 1980 tot 1993 werkt hij mee aan onderzoeken rond de schildertechniek van "Het Lam Gods" van Van Eyck aan het Koninklijk Instituut van het Kunstpatrimonium in Brussel. Na verschillende tentoonstellingen in binnen- en buitenland volgde een grote opdracht voor een veelluik van het concern Sara Lee/Douwe Egberts te Utrecht. (1995)

    Charley Toorop lees meer
    *Toorop, Annie Caroline Pontifex (Charley), kunstschilderes (Katwijk 24-3-1891 - Bergen (Nh) 5-11-1955). Dochter van Jean Theodoor (Jan) Toorop, kunstschilder, en Annie Hall. Gehuwd op 1-5-1912 met Hendrik Fernhout, filosoof. Uit dit huwelijk werden 2 zoons en 1 dochter geboren. Dit huwelijk werd op 22-7-1924 door echtscheiding ontbonden. De jeugd van Charley Toorop werd overschaduwd door de crises die het huwelijk van haar ouders vanaf het begin kenmerkten. Haar vader, de dynamische Jan Toorop, die in 1858 in Poerworedjo op Java geboren was uit een Europese vader en een moeder van Chinees-Brits-Indische afkomst, ontmoette tijdens zijn studiejaren in Brussel zijn toekomstige echtgenote, de uit een gegoede Engelse familie geboren Annie Hall, met wie hij in 1886 in het huwelijk trad. Het overlijden van hun eerste kind in 1887 kort na de geboorte bracht een verwijdering teweeg tussen de echtelieden, waarin de geboorte van hun dochter Charley in 1891 geen wezenlijke verandering bracht. Na een verblijf in Katwijk, waar het gezin Toorop vanaf 1899 de voor hen door bouwmeester H.P. Berlage gebouwde villa 'De Schuur' bewoonde, vertrok Annie Toorop na een tijdelijke scheiding van haar man in 1902 met haar dochtertje naar Engeland, waar zij tot het rooms-katholieke geloof overging en haar dochter Charley liet dopen. In 1905 bekeerde ook de vader Jan Toorop zich tot dit geloof.

    Floris Verster lees meer
    *Floris Verster (eigenlijk Floris Verster van Wulverhorst) kreeg lessen van George Hendrik Breitner en was leerling aan de Haagse academie. Hij woonde en werkte in Den Haag (1879-81), Brussel (1882) en daarna in Leiden. In 1891 introduceerde Jan Toorop hem bij de avant-gardistische kunstenaarsgroepering Les Vingts in Brussel. Hij exposeerde daar nog in hetzelfde jaar. Na 1893 is de Toorops invloed zichtbaar in Versters schilderijen.
    Verster schilderde landschappen, mensen en vooral stillevens. Zijn vroege werk is beïnvloed door Haagse School. Rond 1886 werd zijn verfgebruik ruwer en het werk kleurrijker. Tussen 1880 en 1890 schilderde hij grote stillevens van tere bloemen op donkere achtergrond. In zijn werk was verval een vaak terugkerend thema

    Co Westerik lees meer
    *Co Westerik houdt zich, als kunstenaar, al zijn hele leven bezig met het menselijk lichaam en de eigenschappen van de menselijke natuur. Je kunt hem een scherpe en strenge observator van de mens noemen. Hieruit ontstaan realistische voorstellingen waarin hij op alledaagse dingen en mensenvlees inzoomt. En hierdoor ontstaat een rare mengeling van figuratieve schilderkunst en de opzettelijke, expressionistische vertekening van de werkelijkheid.

    Jan Wolkers lees meer
    *Als dubbeltalent in de (Nederlandse) kunsten is Jan Wolkers een uitzonderlijk fenomeen. Hij kan worden vergeleken met Lucebert (schrijver en schilder), Armando (schrijver, schilder en musicus), met Herman Brood (musicus en schilder), de laat- negentiende eeuwse schilder en schrijver Jacob van Looy en in mindere mate ook met Jeroen Krabbé (acteur, regisseur, schilder). Voor Wolkers geldt meer dan voor Armando dat zijn beide talenten ongelijk waren verdeeld. Als schrijver beschikte hij ontegenzeglijk over meer originaliteit dan hij op het visuele vlak liet zien.

    Engelstalige citaten te plaatsen van belangrijke kunstenaars - de meeste zijn vanaf 1900 lees meer
    *Het zijn citaten van die kunstenaars die in onze ogen van belang zijn geweest in de ontwikkeling van de moderne kunst. We willen zo zicht geven op de ontwikkeling van kunst vanuit de ogen van de kunstenaars!
    Bij elke kunstenaar wordt eerst kort een introductie gegeven met belangrijke gegevens. De citaten zelf worden zoveel mogelijk met bronvermelding verantwoord.
    Aan het verzamelen, de selectie en de groepering van de kunstenaarscitaten hebben we ruim drie jaar gewerkt; vanaf mei 2010 zijn we gestart de eerste groepen citaten online te plaatsen. De komende jaren wordt de website met nieuwe citaten en kunstenaars uitgebreid. We denken dat de website zo waardevol materiaal biedt voor scholieren CKV, studenten binnen het kunstonderwijs, en voor de gewone kunstliefhebber. De verzamelde citaten bieden inzicht over de kunst zelf en over haar ontwikkeling; ze zijn daarnaast illustratie en naslagmateriaal.
    De website is bewust Engelstalig gehouden om zo een internationaal publiek te bedienen; gelukkig kent in Nederland iedereen redelijk tot goed Engels.
    De citaten zijn verzameld en gegroepeerd door kunstenaarsduo 'Benfo': Ben Vollers / Fons Heijnsbroek; het Engels wordt verantwoord en geredigeerd door Anne Porcelijn.
    - Joseph Albers - Hans (Jean) Arp - William Baziotes - Max Beckmann - Joseph Beuys - Georges Braque - Paul Cézanne - Marc Chagall - Giorgio de Chirico - John Constable - Camille Corot - Eugène Delacroix - Theo van Doesburg - Jean Dubuffet - Marcel Duchamps - Caspar D. Friedrich - Arshile Gorky - Adolph Gottlieb - Philip Guston - Marsden Hartley - Barbara Hepworth - Hans Hofmann - Jasper Johns - Asger Jorn - Wassily Kandinsky - Ellsworth Kelly - Ernst L. Kirchner - Paul Klee - Yves Klein - Franz Kline - Willem de Kooning - Lee Krasner - Fernand Léger

    Alkmaar Stedelijk Museum LEES MEER
    *Stedelijk Museum Alkmaar
    Het Stedelijk Museum Alkmaar heeft een bijzondere en representatieve collectie expressionistische kunst, waaronder de Bergense School. Met werken van onder meer Gerrit van Blaaderen, Arnout Colnot, Dirk Filarski, Leo Gestel, Else Berg, Frans Huysmans, Harrie Kuijten, Jan Sluijters, Charley Toorop en de gebroeders Piet en Matthieu Wiegman. Het betreft portretten, stillevens, landschappen en reisimpressies uit de periode 1900 - 1955. Deze collectie is normaal gesproken slechts gedeeltelijk te zien. In de toekomst wil het museum meer ruimte maken in de vaste opstelling om een groot deel van deze schilderijen permanent aan het publiek te kunnen tonen.
    Catalogus
    "Moderne kunst 1900 – 1955 - uit de collectie van het Stedelijk Museum Alkmaar" geschreven door drs. Lies Netel, ISBN 9071123677, uitgave 2006. Verkrijgbaar in de museumwinkel voor € 29,95. Dit boek over de volledige collectie moderne kunst van het Stedelijk Museum Alkmaar is tevens een standaardwerk over het expressionisme in Noord-Holland.
    Kunstenaars
    Else Berg / Gerrit van Blaaderen / Arnout Colnot / Bernard Essers / Henri le Fauconnier / Edgar Fernhout / Dirk Filarski / Leo Gestel / Adriaan Gouwe / Johannes Graadt van Roggen/ Jan van Herwijnen / Henri ten Holt / Frans Huysmans / Germ de Jong / Toon Kelder/ Harrie Kuijten / Thé Lau / Adriaan Lubbers / Piet Mondriaan / John Rädecker / Wim Schuhmacher/ Jan Sluijters / Charley Toorop / Tjipke Visser / Jan Wiegers / Matthieu Wiegman / Piet Wiegman / Piet van Wijngaerdt

    Almere Museum De Paviljoens LEES MEER
    *Zowel voor de programmering van tentoonstellingen als het verzamel- en opdrachtenbeleid is de basisgedachte te herleiden naar de internationale ontwikkelingen in de beeldende kunst sinds de jaren zestig in relatie tot maatschappelijke stedelijke ontwikkelingen en in het bijzonder New Town Almere met het omringende nieuwe Flevolandschap.

    Amersfoort Armando Museum LEES MEER
    *De collecties van het Amando Museum bestaan uit een eigen collectie; kerncollectie genoemd, en twee bruikleencollecties in beheer gegeven door respectievelijk Armando en door de Armando Stichting.
    Kerncollectie Het Armando Museum bezat, tot de brand van 22 oktober 2007, eenentwintig schilderijen en een grote sculptuur. Er zijn dertien schilderijen verloren gegaan. Acht schilderijen zijn gespaard gebleven omdat ze nog in het externe depot van het museum stonden. Van het werk 4 x 8 zwarte bouten op zwart 6-61 zijn alle bouten teruggevonden; het werk is gerestaureerd. De huidige kerncollectie bestaat uit 20 schilderijen, 51 tekeningen en 1 sculptuur.
    Bruikleencollecties De twee bruikleencollecties van het Armando Museum bestaan enerzijds uit een groot aantal schilderijen en beelden van Armando en anderzijds uit een klein aantal schilderijen van de Armando Stichting. Deze collecties worden bewaard in het externe depot van het Armando Museum

    Amersfoort Flehite museum LEES MEER
    *Zowel in de vaste collective als in de exposities is veel aandacht voor modern kunst

    Amstelveen CoBrA museum LEES MEER
    *Cobra veroorzaakte in Nederland een revolutie; een doorbraak in de moderne kunst die tot op de dag van vandaag doorwerkt in kunstopvattingen en kunstuitingen. Het Cobra Museum voor Moderne Kunst Amstelveen maakt het erfgoed van de internationale Cobrabeweging zichtbaar en houdt het gedachtegoed van de kunstenaars van de beweging levend. Het museum beoogt hét expertisecentrum te zijn op dit gebied. Dé plek waar in de geest van Cobra, experiment en expressie in de kunst worden benadrukt.
    Het museum formeert een kernachtige Cobraverzameling, met kunstwerken en documentair materiaal, waarmee diverse presentaties worden gemaakt. Ook worden aan Cobra gerelateerde exposities samengesteld, bijvoorbeeld van individuele Cobraleden, van tijdgenoten en van aanverwante stromingen. De tentoonstellingen worden regelmatig aangevuld met een palet aan culturele en educatieve activiteiten waarmee het inzicht in de kunsthistorische en maatschappelijke betekenis van de kunstbeweging wordt verbreed.
    De Cobrabeweging staat voor creatieve vrijheid en experiment, gedrevenheid en vitaliteit en maatschappelijk engagement. Het Cobra Museum voor Moderne Kunst ziet het als een evenwichtige taak hedendaagse kunst te tonen waarin die kernwaarden en de geest van Cobra zijn te herkennen. In het Cobra Museum voor Moderne Kunst gaan de kunst van Cobra, moderne en hedendaagse kunst hand in hand.

    Amstelveen Museum Jan vd Togt LEES MEER
    *Nederlandse industrieel Jan van der Togt behoorde tot die genereuze verzamelaars van eigentijdse kunst, die hun verzameling voor het publiek toegankelijk hebben gemaakt. Op zijn initiatief werd een stichting gevormd met het doel een openbaar museum te bouwen waarin zijn collectie voorgoed bijeen zou blijven.
    Museum Jan van der Togt opende in 1991 zijn deuren. Het is gevestigd in een stijlvol gebouw, voorzien van de nieuwste vindingen op het gebied van museumarchitectuur en trekt een steeds groeiend aantal bezoekers door zijn boeiende vaste collectie en een afwisselend programma van (verkoop) tentoonstellingen van nationale en internationale kunstenaars.
    Naast tentoonstellingen uit de vaste collectie, organiseert Museum Jan van der Togt ook éénmanstentoonstellingen van bekende en minder bekende, maar altijd interessante beeldend kunstenaars. Om maar enkele gevestigde namen te noemen: Eugène Brands, Karel Appel, Corneille, Hugo Claus en Sam Francis. Maar ook aankomende talenten krijgen de kans hun werk in een museaal kader te presenteren.
    Juist deze combinatie van een vaste collectie met verrassende wisseltentoonstellingen maakt Museum Jan van der Togt tot een trefpunt van kunst, kunstenaars, kunstverzamelaars en kunstminnaars

    Amsterdam de Appel LEES MEER
    *De Appel is een internationaal georiënteerd kunstencentrum in Amsterdam. De Appel presenteert hedendaagse kunst in al haar verschijningsvormen. Het is een podium voor onderzoek en presentatie van hedendaagse beeldende kunst door middel van tentoonstellingen, publicaties en begeleidende activiteiten zoals debatten en lezingen.Daarnaast functioneert de Appel als een platform voor de productie van performances door beeldend kunstenaars en andere makers afkomstig uit dans of theater. De Appel is geen museum, want er wordt geen kunst verzameld of actief beheerd, en het is ook geen galerie met een commercieel oogmerk.
    Sinds 1994 verzorgt de Appel eveneens het 8 maanden-durende Curatorial Programme. In dit opleidingsprogramma worden jonge opkomende curatoren uit diverse werelddelen professionele vaardigheden aangeleerd en ervaringen aangeboden die zij als voedingsbron kunnen gebruiken in hun verdere professionele carrière. Het compacte programma omvat theoretische seminars, workshops, ‘field trips’, opdrachten en leervolle confrontaties en heeft een speciale thematische focus op ‘context-responsive curating’ en de presentatie van kunst in de publieke ruimte.

    Amsterdam Fotografiemuseum LEES MEER
    *Foam is dé plek in Amsterdam voor fotografie in al haar gedaanten: van documentair tot mode, van eigentijds tot historisch. Een museum met een internationale allure. Naast grote tentoonstellingen waarin het werk van (wereld)beroemde fotografen gepresenteerd wordt, toont Foam ook jong talent in kleinere, snel wisselende exposities.
    Foam is een museum voor fotografie, passend bij de stad Amsterdam: inspirerend, toegankelijk, niet gecompliceerd, maar wel kritisch. Maar Foam is meer dan een museum. Je vindt Foam aan de Keizersgracht, maar soms ook op andere plekken. In Foam Magazine, op straat, in het buitenland of op tournee. Foam is een continue bron van inspiratie, te beleven op verschillende snelheden. Grootschalige tentoonstellingen worden afgewisseld met kleine, snel wisselende exposities. Foam voert felle discussies over fotografie, maar geeft je ook de mogelijkheid tot concentratie en studie. Foam presenteert een breed aanbod aan beeld, zonder oog voor het detail te verliezen. Je ziet de grote namen, maar het is ook een laboratorium voor de ontplooiing van onbekend talent

    Amsterdam N I M K LEES MEER
    *Sinds het ontstaan van het Nederlands Instituut voor Mediakunst in 1978 is een omvangrijke collectie video- en mediakunst verzameld waaraan voortdurend nieuwe werken worden toegevoegd. Naast de eigen collectie beheert het Instituut ook de videocollecties van Stichting De Appel, Lijnbaancentrum te Rotterdam en het Instituut Collectie Nederland. De collecties van het Groninger Museum, de Jan van Eyck Academie en het Kröller Müller Museum zijn ter inzage. NIMk's distributiecollectie omvat inmiddels meer dan 2000 werken, variërend van de eerste experimenten tot recente producties van bekende (inter)nationale kunstenaars en opkomend talent. Daarnaast beheert het NIMk een archief met ruim 1000 titels videodocumentatie en kunstwerken, uit ruim 30 jaar eigen activiteiten en projecten. Verder is een referentiecollectie van 6500 titels beschikbaar ter inzage in de mediatheek.

    Amsterdam Stedelijk Museum LEES MEER
    *1934 werd het Museum voor Moderne Toegepaste Kunst opgericht en in het gebouw van het Stedelijk Museum ondergebracht. Hiermee kreeg de collectionering van gebruiks- en siervoorwerpen een officiële grondslag. Na de Tweede Wereldoorlog ging dit museum op in het Stedelijk. De collectie op dit terrein omvat momenteel in aantallen verreweg het grootste deel van de totale museumcollectie. Het betreft onder meer: meubels, textiel, apparaten, voorwerpen van hout, glas, keramiek, metaal en kunststof, sieraden, typografie en affiches. Er bestaan talrijke dwarsverbanden met andere collectie-onderdelen, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van keramiek en stoffen van Picasso en meubels van Donald Judd het directoraat van Rudi Fuchs (1993-2003) bleef de voorgaande verzamellijn een aandachtspunt. Dat bleek onder meer door de verwerving van belangrijke werken van Amerikanen als Judd, LeWitt en bovenal Nauman (een neon- en een videosculptuur). Daarnaast legde Fuchs het accent op Duitse en Oostenrijkse kunst met o.a. Baselitz, Förg, Herold, Lüpertz, Mik, Rainer en Struth. Ook werd de Engelse kunst nauwlettend gevolgd (o.a. Gilbert & George, Gordon en Hirst). Fuchs stond vooral bekend om zijn experimentele collectie-opstellingen, waarin werk uit verschillende stromingen en periodes met elkaar in een spannende dialoog werd gebracht basis van een in 2006 nieuw geformuleerd collectieplan is richting gegeven aan de aankopen voor de komende tijd. Daarbij staan aankopen van hedendaagse kunst centraal. Met verwervingen van onder meer Thomas Hirschhorn, Mike Kelley en Francis Alÿs tekent dit nieuwe aankoopbeleid zich al duidelijk af

    Amsterdam Tassenmuseum Hendrikje lees meer
    *Tassenmuseum Hendrikje toont de geschiedenis van de westerse tas vanaf de late Middeleeuwen tot heden. De collectie geeft een fascinerend beeld van de ontwikkeling van de tas door de eeuwen heen in functie, vorm, materiaal en decoratie. Het museum is sinds 2007 gevestigd in een schitterend historisch pand uit 1664 pand aan de Herengracht, direct achter het Rembrandtplein. In dit pand zijn twee stijlkamers met plafondschilderingen en schoorsteenpartijen uit de 17de en 18de eeuw te bezichtigen. Behalve de historische permanente opstelling worden in het museum tijdelijke tentoonstellingen georganiseerd. Ook zijn er regelmatig exposities van hedendaagse tassenontwerpers

    Amsterdam Van Gogh Museum LEES MEER
    *Het Van Gogh Museum werd geopend in 1973. Het gebouw, ontworpen door de architect Gerrit Rietveld, huisvest de grootste collectie werken van Vincent van Gogh ter wereld. De verzameling bevat ruim 200 schilderijen, 500 tekeningen en 700 brieven van de kunstenaar, alsmede diens verzameling Japanse prenten De collectie was oorspronkelijk in bezit van Theo van Gogh (1857-1891), Vincents jongere broer. Bij Theo's dood ging de verzameling over in handen van zijn weduwe, Johanna van Gogh-Bonger (1862-1925). Zij verkocht een aantal werken, maar hield een ensemble bijeen dat representatief is voor Van Goghs oeuvre. Na haar overlijden kwamen de kunstwerken in bezit van haar zoon, Vincent Willem van Gogh (1890-1978). Op initiatief van de Nederlandse Staat droeg hij de collectie in 1962 over aan de Vincent van Gogh Stichting. Als permanent bruikleen vormen zij de kern van de verzameling van het Van Gogh Museum. Daarnaast bezit het museum een omvangrijke collectie werk van andere 19de-eeuwse kunstenaars: tijdgenoten en vrienden van Van Gogh waaronder Paul Gauguin en Henri de Toulouse-Lautrec, maar ook oudere meesters die hij bewonderde, zoals Léon Lhermitte en Jean-François Millet. Een groot deel van deze werken was bijeengebracht door de broers Van Gogh. Het museum heeft deze verzameling verder uitgebreid door middel van aankopen en door bruiklenen van andere culturele instellingen. Het Van Gogh Museum werd geopend in 1973. Het gebouw, ontworpen door de architect Gerrit Rietveld, huisvest de grootste collectie werken van Vincent van Gogh ter wereld. De verzameling bevat ruim 200 schilderijen, 500 tekeningen en 700 brieven van de kunstenaar, alsmede diens verzameling Japanse prenten Naast het werk van Van Gogh bezit het museum een rijke collectie van andere 19de-eeuwse kunst, waaronder Impressionisme en Postimpressionisme. Werk van vrienden en tijdgenoten van Van Gogh, maar ook van zijn voorbeelden en navolgers

    Appingedam Venhuizen Museum Møhlmann hedendaagse realistische en figuratieve kunst HK lees meer
    *Museum Møhlmann is gevestigd in "De Muzeheerd", een Rijksmonument aan de rand van het historische stadje Appingedam, op ongeveer een kwartier rijden van de stad Groningen. Deze 47 meter lange kop-hals-rompboerderij met geschakelde bijschuur is in fasen gebouwd tussen 1840 en 1870. Het geheel is nog deels omgracht en ligt op een kavel van een kleine halve hectare met een oprijlaan en (slinger)tuin waar eveneens 14 bomen als monument zijn aangewezen. Op dit paradijselijke perceel is in de grote schuur en de bijschuur het museum ondergebracht.
    Het Museum herbergt drie vaste collecties: de Canto Collectie, de Møhlmann Collectie I (werken van hedendaagse realisten en figuratieven) en de Møhlmann Collectie II (werken van de schilder zelf). Daarnaast worden op jaarbasis zo'n drie tentoonstellingen georganiseerd, waaronder de jaarlijks terugkerende Onafhankelijke Realisten Tentoonstelling. Al met al zijn er doorlopend rond de 400 kunstwerken te zien

    Arnhem Museum Moderne Kunst LEES MEER
    *Het MMKA wil een museum zijn dat bekend staat als museum voor kwaliteit en experiment. Op basis van de sterke punten in de collecties ontwikkelt het museum ieder jaar een herkenbaar inhoudelijk programma met een helder ritme.
    Het presentatiebeleid - de tentoonstellingen - is primair gericht op 'vormen van realisme' en 'Arnhemse productie'. Het realisme is de belangrijkste kwaliteitskern van de bestaande collecties. Dit is van oudsher de pijler waarop het museum is gebouwd en onderscheidt het museum bovendien in het concurrentieveld met overige musea. Met regelmaat zijn in het museum ook objecten of tijdelijke tentoonstellingen, gericht op oude kunstnijverheid en beeldende kunst van voor 1900 te zien.
    Het museum wil daarnaast nadrukkelijk functioneren als podium voor jonge en actuele kunst en vormgeving uit Ar nhem. Het wil een stimulerende, faciliterende en initiërende rol te hebben in het tonen van de creatieve biotoop. Het MMKA programmeert ook, gerelateerd aan de hiervoor genoemde profilering, internationale beeldende kunst. In 2008 zal een actieve rol gespeeld worden bij de organisatie van de internationale Sonsbeek tentoonstellingen.
    Voor aankopen worden scherpe keuzes gemaakt. Aankoopgelden worden primair ingezet voor de versterking van de collectie Beeldende Kunst.
    In 2014 zal het museum van locatie veranderen. Het museum is een van de partners die in het Rijnboogproject, een stadsontwikkelingsproject voor het gebied tussen Rijn en binnenstad, met een aantal andere culturele partners samen zal gaan in het kunstencluster. In Rijnboog wil het MMKA opgewaardeerd worden tot een grootschalig nieuw museum met zalen voor een permanente presentatie van de kerncollectie (realisme) en zalen voor tijdelijke tentoonstellingen binnen het hiervoor genoemde profiel. Daarbij zal ruimte zijn voor specifiek Arnhemse ontwikkelingen op het gebied van mode, design en beeldende kunst. Naast traditionele kerntaken (verzamelen, conserveren, presenteren, informeren) heeft dit museum van de toekomst ook een productiefunctie, met bijvoorbeeld ‘artists in residence’. Er zullen ‘cross-overs’ zijn, het museum zal meer nog dan nu een plaats zijn voor debat, de plek voor scholing, de plek om te loungen met uitstekende horeca en een aantrekkelijke winkel. MMKA zal ‘spin in het web’ zijn, als aanjager en makelaar fungeren en een schakel vormen in de keten van artistieke productie.

    Assen Drents Museum LEES MEER
    *Het tijdperk 1885-1935 wordt gekenmerkt door stormachtige ontwikkelingen in alle gebieden van de beeldende kunst en kunstnijverheid. Rond 1900 werden veel kunstenaars gedreven door het idee dat voor de nieuwe, twintigste eeuw nieuwe visuele uitdrukkingsmiddelen nodig waren, waardoor de kunst weer een integraal deel zou kunnen worden van de samenleving.
    In de schilder-, beeldhouw- en prentkunst werd steeds meer afstand genomen van de zichtbare werkelijkheid, terwijl in de toegepaste kunst de neo-stijlen uit het verleden werden afgeschud en op zoek werd gegaan naar een eigentijdse, meer functionele manier van vormgeven. Daarnaast bleven vele kunstenaars zich echter met volle overtuiging baseren op de verworvenheden van de traditie, die hen ruim voldoende mogelijkheden bood zich artistiek te onderscheiden

    Bergen NH Museum Kranenburgh LEES MEER
    *Het museum heeft de beschikking over een groot aantal kunstwerken. Deze zijn afkomstig uit de collectie van het Noordhollandse Kunstcentrum en de Gemeente Bergen. Daarnaast vormen schenkingen en langdurig bruiklenen van particulieren en kunstenaars een waardevolle aanvulling op deze collectie.
    Het betreft hier overigens niet alleen werken van kunstenaars die worden gerekend tot de 'Bergense School', maar ook van schilders, beeldhouwers en grafici die onafhankelijk van deze groep in Bergen en omgeving werken of hebben gewerkt.
    De vaste opstelling van het museum toont de bezoeker een representatief beeld van de ontwikkelingen in de beeldende kunsten van 1900 tot heden in en rondom Bergen. In tijdelijke tentoonstellingen wordt daarnaast vanuit diverse invalshoeken, de collectie nader belicht.

    Breda Graphic Design Museum LEES MEER
    *Het Graphic Design Museum neemt als nationaal museum voor grafische vormgeving landelijk een bijzondere positie in: een nieuw museum dat een relatief jong fenomeen tot onderwerp heeft met raakvlakken naar de sociale, economische en kunstgeschiedenis, maar ook naar de actuele ontwerppraktijk. Samenwerking, afstemming en synthese zijn daarom speerpunten van het museaal beleid - ook met betrekking tot de vorming van een collectie.
    Representatief
    De collectie van het museum wordt sinds 2006 actief opgebouwd. Het doel is een representatieve collectie over Nederlands grafisch ontwerpen vanaf 1890 op te bouwen. Daarnaast wordt er aandacht besteed aan actuele ontwikkelingen in het ontwerpvak en aan de effecten van de digitalisering en democratisering van ontwerpprocessen en media op het grafisch ontwerpen. Het museum kan zowel archieven als verzamelingen beheren. Wij beschikken over passende klimaatbeheersing en depots. Er wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een digitaal depot, ten behoeve van digitaal ontwerpmateriaal en ontwerpen voor digitale media.

    Den Bosch SM-s stedelijk LEES MEER
    *Wat de collectie betreft specialiseert SM's - Stedelijk Museum 's-Hertogenbosch zich uitsluitend in moderne en hedendaagse keramiek en sieraden. Dat is vrij uniek. Het museum ontleent zijn profiel aan de presentatie van deze twee verzamelgebieden temidden van alle andere uitingen van beeldende kunst en vormgeving. Juist de verbinding met het tentoonstellingsprogramma geeft de verzamelingen een plaats in het hele kunstenspectrum.
    Achter dit collectiebeleid schuilt de opvatting, dat materiaal noch techniek de kwaliteit van een kunstwerk bepalen. Het zijn op de eerste plaats concept en visie van de kunstenaar of ontwerper die hiervoor verantwoordelijk zijn.
    Zowel de keramiek- als de sieradencollectie is in deelcollecties verdeeld, terwijl het verzamelbeleid er bovendien op gericht is om dwarsverbanden te leggen. Zo zijn bijvoorbeeld Pablo Picasso, Jean Cocteau, Georges Braque, Ettore Sottsass jr, Alessandro Mendini, Gijs Bakker, Bruno Ninaber van Eyben en Daniël Kruger met werk vertegenwoordigd in zowel de keramiek- als de sieradencollectie.

    Den Haag Beelden aan Zee LEES MEER
    *In 1966 kochten Theo en Lida Scholten hun eerste beeldje, thans omvat de collectie van museum Beelden aan Zee bijna 1000 beelden en enkele honderden penningen. Het merendeel van de werken dateert uit de tweede helft van de twintigste eeuw. Er zijn grote en kleine beelden, gemaakt door bekende en onbekende beeldhouwers, afkomstig uit de hele wereld en uitgevoerd in de meest uiteenlopende materialen. De mens – het mensbeeld – is het leidmotief in de collectie van Beelden aan Zee die werken bevat van uiteenlopende beeldhouwers als Andreu Alfaro, Armando, Atelier van Lieshout, Stephan Balkenhol, Zadok Ben-David, Fernando Botero, Caspar Berger, César, Tom Claassen, Wessel Couzijn, Tony Cragg, Eugène Dodeigne, Sigurdur Gudmundsson, Jeroen Henneman, Fritz König, Rainer Kriester, Giacomo Manzú, Igor Mitoraj, Jan Meefout, Mimmo Paladino, Charlotte van Pallandt, Jaume Plensa, Eja Siepman van den Berg, Johan Tahon, Shinkichi Tajiri, William Turnbull, Henk Visch, Tony van de Vorst, Ossip Zadkine en Cornelis Zitman

    Den Haag Fotomuseum LEES MEER
    *In december 2002 werd het Fotomuseum Den Haag geopend als jongste museale instelling voor fotografie in Nederland. Het museum is onderdeel van het Gemeentemuseum Den Haag en werkt nauw samen met het Prentenkabinet van de Universiteitsbibliotheek Leiden.
    Per jaar organiseert het Fotomuseum Den Haag circa zes tentoonstellingen over de meest uiteenlopende perioden, disciplines en genres van de fotogeschiedenis, waarbij opvalt dat dikwijls het mensbeeld centraal staat. Door deze brede aanpak – nationaal en internationaal, klassiek en hedendaags, zwart-wit en kleur, toegepast en autonoom – heeft het museum een groot publiek opgebouwd dat zich graag laat verrassen door het gevarieerde en hoogwaardige tentoonstellingsprogramma.
    Actuele namen als Desiree Dolron, Gregory Crewdson en Loretta Lux worden afgewisseld met overzichten van klassiekers als Emmy Andriesse, Edward S. Curtis en Leonard Freed. Onderbelichte en voor velen onbekende reputaties en oeuvres worden door het Fotomuseum Den Haag prominent gepresenteerd, zoals die van Gerard P. Fieret, Willem van de Poll en de Hollandse jaren van modefotograaf Erwin Blumenfeld. Regelmatig worden maatschappelijk relevante fotoprojecten van hedendaagse fotografen getoond, zoals de serie over het Joegoslavië Tribunaal door Friso Keuris, de intieme seksuele omgang tussen oudere mensen door Marrie Bot of de door de mens bedreigde oerlandschappen door Anja de Jong.

    Den Haag GEM v. actuele kunst LEES MEER
    *GEM is een museum voor actuele beeldende kunst, waarin steeds gelijktijdig werk van Haagse, Nederlandse en internationale kunstenaars te zien is. Een grote diversiteit aan disciplines komt aan bod: (video)installaties, schilder- en beeldhouwkunst, multimedia, performance, film, fotografie, tekeningen, digitale kunst, design, etc. Behalve exposities vinden er ook activiteiten plaats als lezingen, discussies, performances, optredens, filmvertoningen en boekpresentaties.
    De naam van het museum: GEM is geen afkorting, maar het Engelse woord voor (klein) juweel - in kapitalen geschreven. Een soort onbekende schoonheid dus, hetgeen we beogen te tonen met de exposities die in GEM worden georganiseerd. De naam geeft ook de verbondenheid met het 'moedermuseum', het Gemeentemuseum, weer. In hetzelfde gebouw is het Fotomuseum Den Haag gevestigd.

    Den Haag Gemeentemuseum LEES MEER
    *De moderne kunst in het Gemeentemuseum geeft een aanstekelijk overzicht van de ontwikkeling van de schilder- en beeldhouwkunst vanaf de 19de eeuw tot heden. Belangrijke kernen van de collectie zijn de werken van Mondriaan, de kunstenaars rond De Stijl en het Bauhaus, het Expressionisme en het Symbolisme rond 1900. Daarnaast is het museum, met haar uitgebreide collecties van onder anderen Israëls, Mesdag, Maris, Mauve, Weissenbruch en Jongkind, hét centrum van de Haagse School.

    Dordrecht Dordrechts Museum LEES MEER
    *De werken die het Dordrechts Museum bezit uit de vroege 20ste eeuw geven een goed beeld van enkele belangrijke ontwikkelingen in de schilderkunst. Icoon van dit gevarieerde cluster is Landschap met vaart van Jan Toorop, een van de belangrijste vernieuwers van de Nederlandse schilderkunst aan het eind van de 19de en begin van de 20ste eeuw. Als eerste Nederlandse kunstenaar experimenteerde hij met pointillisme van de Franse neo-impressionisten Seurat en Signac. Tot dezelfde stroming behoort ook Ferdinand Hart Nibbrig. Andere belangrijke vernieuwers in de collectie zijn bijvoorbeeld de expressionisten Jan Sluijters en Charley Toorop. Daarnast is het magisch realisme goed vertegenwoordigd met schilders als Dick Ket, Pyke Koch en Wim Schuhmacher

    Eelde Museum De Buitenplaats LEES MEER
    *Stap even binnen in een andere wereld: die van Museum De Buitenplaats te Eelde. Het museumgebouw (geopend in 1996 door H.M. de Koningin) is al een bezienswaardigheid op zich: het is een veelbesproken voorbeeld van organische architectuur. Gemetselde muren wisselen begroeide steenstapelingen af. Bloemrijke daktuinen en kleurrijke borders lopen vanaf het gebouw over in ‘groene buitenkamers’: tuinkamers, waarvan de wanden bestaan uit vormsnoei in buxus en taxus.
    Het museumpaviljoen en de museumtuin omlijsten samen de tentoonstellingen en de podiumevenementen. De tentoonstellingen zijn gewijd aan hedendaagse figuratieve kunst, in samenspraak met kunst uit andere richtingen, landen en tijden. Temidden hiervan geniet u van de uitvoerende kunstvormen, van kamermuziek tot complete opera’s, van poëzie tot salsa.
    Regelmatig opent het naastgelegen, particuliere bewoonde Nijsinghhuis zijn deuren. Dit Rijksmonument uit 1654 is de afgelopen decennia verfraaid met interieurschilderingen door Matthijs Röling, Wout Muller, Olga Wiese, Clary Mastenbroek en Pieter Pander. De bewoner-eigenaar is Jos van Groeningen, die samen met zijn echtgenote Janneke van Groeningen-Hazenberg (overleden 2007) het museum stichtte.

    Eindhoven Van Abbemuseum LEES MEER
    *Het Van Abbemuseum bezit een rijke en gevarieerde collectie die met bijna 2700 werken een van de belangrijkste verzamelingen van moderne en hedendaagse beeldende kunst is, zowel in Nederland als daarbuiten, in de Vlaamse en Duitse regio.
    De verzameling bestrijkt de periode vanaf 1900 en bestaat uit een aantal goed uitgebouwde ensembles. Daarbij is vooral de Lissitzky-verzameling van belang, die als basis dient voor ons beleid en een voortdurende bron van inspiratie vormt. Het belang van de verzameling berust tevens op de aanwezigheid van een aantal belangrijke individuele kunstwerken variërend van Hommage à Apollinaire, 1912 van Chagall, Die Macht der Musik, 1918 van Kokoschka, de Prounenraum (1923, reconstructie 1971) van Lissitzky, Voglie vedere i miei montagne van Joseph Beuys (1971) en het Tapis de Sable, 1974 van Broodthaers tot de installaties Categorical Imperative and Morgue, 1999 van Mike Kelley, Aktiengesellschaft, 2002 van Maria Eichhorn, Piccadilly Circus, 2003 van Paul McCarthy en Repetition, 2005 van Artur Zmijewski.

    Eindhoven MU visuele cultuur van nu en later lees meer
    *MU concentreert zich op het hybride hier, nu en straks van de visuele cultuur. Voor iedereen die geïnteresseerd is in hedendaagse kunst die energiek wordt gemixt met design, mode, muziek, architectuur en nieuwe media, is MU een avontuurlijke gids. Bij MU ontmoet en inspireert creatief Eindhoven, Nederland en de rest van de wereld elkaar omringd door een breed publiek. MU initieert en coproduceert. Regelmatig dagen we internationale kunstenaars uit om een droom te realiseren of een eerste grote presentatie te maken, solo of in groepsverband.
    MU laat zien wat kunst kan zijn, in plaats van wat het hoort te zijn. De naam MU is afgeleid van een Japans karakter dat staat voor synergie. Maar in zen heeft het ook een diepere betekenis, die misschien nog beter past. MU staat dan voor ‘niets’ in de goede zin van het woord. Het betekent: ‘niet een, niet nul, niet ja, niet nee’. Het schept de ruimte om niet zwartwit te denken, om vragen onbeantwoord te laten en te zien wat er dan gebeurt.
    MU realiseerde in 10 jaar tijd veel projecten dankzij een wijd vertakt netwerk van contacten. Kunstenaars met wie werd samengewerkt zijn onder anderen Kim Gordon, Susan Cianciolo, Han Hoogerbrugge, Ari Marcopoulos, Peter Sutherland, Swoon, D-Fuse, Scanner, Geoff McFetridge, Miranda July en Harrell Fletcher, Genevieve Gauckler en Eva + Franco Mattes aka 0100101110101101.org

    Enschede RijksMuseum Twente LEES MEER
    *19e eeuw Romantiek in Nederland met Barend Cornelis Koekkoek en Andreas Schelfhout. School van Barbizon, Haagse School en Amsterdamse School met Constant Troyon, Charles François Daubigny, Gustave Courbet, Johan Barthold Jongkind, Jacob en Matthijs Maris, Jozef Israels, Jan Hendrik Weissenbruch, Hendrik Willem Mesdag, George Hendrik Breitner. Impressionisme met Claude Monet en Alfred Sisley. Odilon Redon
    Vroege 20ste eeuw Vooroorlogs Expressionisme met Jan Sluijters, Jacoba van Heemskerck, Leo Gestel en Herman Kruyder. Vooroorlogse abstracte kunst, de Stijl met Bart van der Leck en Gerrit Rietveld
    Na 1945 Na de tweede wereldoorlog Cobra met Karel Appel en Constant. Abstracte, systematische en fundamentele kunst met Jan Schoonhoven, Henk Peeters, Armando, herman de vries, Ad Dekkers, Peter Struycken
    Na 1965 Schilderijen en tekeningen van Ben Akkerman, Jan Roeland, Toon Verhoef, Han Schuil, Joris Geurts, Arno Kramer, Frank Van den Broeck, Francesco Clemente, Sandro Chia, Martina Klein. Ruimtelijk werk van Barry Flanagan, Richard Long, Nicholas Pope, Tony Cragg, Gilbert & George, Carel Visser, Ger van Elk, Cornelius Rogge, Joseph Semah, Juan Muñoz, Jan van Munster, Sjoerd Buisman, Adam Colton, Jos Kruit, Leo Vroegindeweij, Emo Verkerk

    Fijnaart Museum Van Lien Hedendaagse Kunst lees meer
    *FIJNAART (gemeente Moerdijk) - Het echtpaar Van Lien - Put heeft een passie voor kunst. Speciaal voor de beeldende kunst. Die passie leidde tot verzamelen. Het achterliggende idee voor hun aankoopbeleid was en is, dat kunstgeschiedenis alleen bestaat bij de gratie van continuïteit. Hun verzameling bestaat dan ook vooral uit werken uit de laatste jaren van de twintigste eeuw en van nog recentere datum.
    In september 1999 werd deze particuliere verzameling hedendaagse kunst ondergebracht in een stichting.Het werk werd tentoongesteld in Museum Van Lien (het fraai gerestaureerde, voormalige gemeentehuis van Fijnaart) zodat ook anderen de gelegenheid werd geboden mee te genieten van de collectie, die overigens nog steeds groeiende is. Een wisselende opstelling is dan ook de laatste jaren noodzakelijk.Er zijn gratis rondleidingen in groepsverband voor jong en oud, verzorgd door gidsen uit het eigen vrijwilligersteam.
    Daarnaast wordt de museumruimte regelmatig gebruikt om overzichtstentoonstellingen te houden en cursussen en thema-bijeenkomsten te geven. Het combineren van beeldende kunst met andere kunstvormen (met name muziek en theater) wordt daarbij bepaald niet uit de weg gegaan.
    In het museum is verder ook een galerie ondergebracht. De verkopen daar vormen de financiële motor van de stichting.
    DE COLLECTIE
    In de collectie Van Lien – Put zijn drie belangrijke lijnen te ontdekken.
    De eerste is die van de realistische, expressionistische en figuratieve kunst.
    De tweede lijn is die van het abstract expressionisme : abstracte kunst, die vooral uitgaat van de persoonlijke emotie en nauwelijks geometrisch van aard is. Soms raken die twee lijnen elkaar. Zo is een aantal schilderijen in de collectie onmiskenbaar verwant aan zowel de figuratieve als de abstracte kunst.
    De derde lijn is wel van geometrische aard. De kunstwerken, die hiertoe behoren zijn momenteel nog beperkt in aantal.
    De laatste tijd zijn er ook nog een aantal werken aan "de eerste lijn" toegevoegd in technieken, die eerder wat onderbelicht waren in de collectie nl. de grafische technieken zoals bijv. etsen, mezzotinten en litho's. De collectie omvat momenteel ca. 400 werken van meer dan vijftig Nederlandse en Vlaamse kunstenaars.

    Abeling, Johan, Ampe, Dominique, Benninck, Natasja, Berg, Freek van den, Berns, Wouter, Bertram, Claus , Bierenbroodspot, Gertie, Bij, Lolke van der, Boerwinkel, Onno, Bol Kees, Peter en Sarah, Boogaard, Frank R. en Dinie, Brands, Eugène, Busschers, Annemarie, Buul, Olga van, Comyn, Christine, Degenaar, Eugenie, Dijkstra, Siemen, Dobbelman, Theo, Douglas, Ralph, Drukker, Sam, Duriez, Irenée, Elias, Douwe, Elings, Hendrik, Erfmann, Ferdinand, Franken, Anita, Gaasendam, Flip, Graaf, Ard de, Greving, Albert , Harskamp, Peter , Hattink, Els, Heesakkers, Wim, Heyboer, Anton, Hill, Hélène, Hoevenaars, Marjo, Hof, Dike, Hol, Hugo, Homan, Reinder., Hoogdalem, Herman van, Hulst, Willem G. van de, Hupkens, Sofie, Jacobs, Sjer, Jansen, René, JAS, Jedrysko, Marta, Kanis, Romee, Keyzer, Dirk De, Kikstra, Hessel , Knorr, Pieter, Kooi, Jan van der, Kuiper, Hannes, Manders, Toos, Mastenbroek, Clary, Meyer, Kiki, Møhlmann, Rob, Molenkamp, Charlotte, Muller, Wout, Musters, Hans, Nobel, Mieke le ,Pol, Rein, Postma, Gerriet, Roos, Eddy, Santen, Bert van, Schoemaker, Ruud, Schouten, Niels, Schroor, Hester, Shillcock, Robin d'Arcy, Smidt, Elly, Smit, Peter, Soethoudt, Rebecca, Spiegel, Willemijn van der, Stoop, Willem, Takx, Greet, Valk, Jan de , Vandenbranden, Guy, Vanhorck, Hans, Veen, Frans van, Vegter, Joop, Vergouwen, Charles, Weerd, Gerard van de , Wierik, Jan te, Wolff, Bernard de en Wouters, Patty

    Groningen Groninger Museum LEES MEER
    *De verzamelactiviteiten die gedurende die honderd jaar in het gebouw aan de Praediniussingel hebben plaatsgevonden. Zo zal een kleine selectie eigentijdse kunst worden getoond die kenmerkend is voor het beleid van de drie opeenvolgende directeuren: schilderkunst aangekocht tijdens de directoraten van Jos de Gruyter (1955-1963) en Bram Westers (1963-1978) en postmoderne meubels uit de periode van Frans Haks (1978-1995). Daarnaast zal er werk van De Ploeg te zien zijn, en 17e en 18e-eeuwse schilderkunst en kunstnijverheid uit Groningen

    Haarlem De Hallen LEES MEER
    *De Hallen Haarlem toont jaarlijks zo’n twaalf tentoonstellingen hedendaagse kunst, die in drie blokken gepresenteerd worden. In elk blok zijn (inter)nationale, regionale en jonge zich onderscheidende kunstenaars in een elkaar versterkende combinatie te zien.
    Tijdens de zomermaanden programmeert De Hallen Haarlem jaarlijks een tentoonstelling klassiek-moderne kunst, die aansluit op de collectie. Hierin wordt een onderwerp belicht dat een breed publiek aanspreekt.
    De hedendaagse programmering heeft een signalerende functie; het tentoonstellingsbeleid is erop gericht een gevarieerd inzicht te geven in de ontwikkelingen in de internationale hedendaagse kunst. De Hallen Haarlem toont regelmatig solopresentaties van internationaal spraakmakende kunstenaars die nog niet eerder in Nederland hebben geëxposeerd. Bij de tentoonstellingen organiseert De Hallen Haarlem lezingen, workshops, artist talks en rondleidingen. Jaarlijks ontvangt De Hallen Haarlem ongeveer 30.000 bezoekers.
    Het verzamelbeleid van De Hallen Haarlem is gericht op het werk van kunstenaars die de moderne samenleving kritisch onder de loep nemen. Daarbij gaat de aandacht uit naar drie zwaartepunten: werk dat de blik richt op de mens, werk met een aandachtige blik op de samenleving, en werk dat een ontsnapping aan de (bittere) realiteit tracht te bieden. Van deze laatstgenoemde, neo-romantische benadering, is de in 2009 aangekochte film Nummer twaalf (2009) van Guido van der Werve een voorbeeld. De Hallen Haarlem beheert een collectie moderne en hedendaagse kunst, die uit ongeveer 10.000 werken bestaat.

    Heerenveen Museum Belvedere LEES MEER
    *vaste collectie bestaat uit twintigste-eeuwse en eigentijdse Nederlandse beeldende kunst met een accent op de noordelijke regio en Friesland. De sfeer van het museumpark en het gebouw komt terug in de kunstwerken, die in het museum worden getoond. De collectie van het museum kenmerkt zich door een zekere ingetogenheid, gevoeligheid en verstilling en doorkruist uiteenlopende stijlen als realisme, impressionisme, expres-sionisme, constructivisme, nieuwe figuratie.Daarnaast concentreert het museum zich op kunstenaars die zich niet door actuele stromingen laten leiden, maar die zich laten leiden door een diep gevoelde noodzaak zich beeldend te uiten. Het zijn vaak eenlingen en autodidcaten, kunstenaars die zich door hun achtergrond buiten de grote kunstcircuits weten geplaatst. Museum Belvédère is zo een verzamelplaats van beeldende kunst die uitdrukking is van persoonlijke sentimenten. Tot de vaste collectie horen onder andere werken van Hendrik Werkman, Thijs Rinsema, Jean Brusselmans, Jan Altink, Gerrit Benner, Willem Hussem, Roger Raveel, J.C.J. Vanderheyden en Robert Zandvliet

    Heerlen SCHUNCK* LEES MEER
    SCHUNCK*, in het hart van de Euregio in Heerlen gevestigd, is een nieuw soort multidisciplinaire instelling, gewijd aan presentaties, collecties en educatie op het terrein van de hedendaagse beeldende kunst, architectuur, muziek, literatuur en film. En aan alle denkbare "crossovers" tussen de kunsten. De moderne openbare bibliotheek en muziekschool die SCHUNCK* in haar gelederen heeft, werken op eigentijdse wijze aan bevordering van leesplezier en muziekeducatie. SCHUNCK* is een "newseum" dat huist in het monumentale Glaspaleis, in 1935 gebouwd door architect Frits Peutz.
    SCHUNCK* beschikt over een mooie, compacte collectie MODERNE EN HEDENDAAGSE NEDERLANDSE SCHILDERKUNST, die momenteel uit ruim 400 werken bestaat. Binnen het vastgestelde kader (de keuze voor Nederlandse schilderkunst van na 1950) gaan kwaliteit en eigenzinnigheid hand in hand.Daarnaast heeft het museum in de jaren negentig een belangrijk deel van de artistieke nalatenschap van de schilder en graficus Aad de Haas (1920 - 1972) aangekocht. Deze deelverzameling omvat ruim 240 werken (schilderijen, tekeningen, monotypes en grafiek). De rijkdom en reikwijdte van de collecties kunnen helaas, vanwege beperkte ruimte, niet altijd even uitvoerig in beeld worden gebracht. Toch programmeert het museum regelmatig door de collectie geïnspireerde tentoonstellingen, én worden keuzes uit de verzameling elders gepresenteerd, zoals in de hal van het raadhuis van de Gemeente Heerlen. Naast de collectie Moderne en Hedendaagse Nederlandse Schilderkunst na 1950 en de collectie Aad de Haas maakt vanaf 2009 ook de deelcollectie Groot-Wijnands (collectie G+W) deel uit van de verzameling

    Laren Museum SingerLaren LEES MEER
    *kern van de Singer-collectie is de verzameling die het echtpaar William en Anna Singer bijeen bracht. Zij verwierven werken van Franse schilders uit de omgeving van de School van Barbizon, van Amerikaanse kunstenaarsvrienden en traditioneel, impressionistisch werkende Gooise kunstenaars, die ze na hun aankomst in Laren leerden kennen zoals Hein Kever en Evert Pieters. Speciale vrienden waren de Amerikaan Walter Griffin, de Noor Martin Borgord, de Fransman Henri Le Sidaner en de Nederlanders Jacob en Willem Dooijewaard.
    Ook Nederlandse en Franse beeldhouwkunst, aziatica en toegepaste kunst maakten deel uit van de collecties die hen omringden in hun verschillende villa’s. Een belangrijk deel van deze kunstwerken schonk Anna Singer in 1956 aan de Stichting Singer Memorial Foundation te Laren. Het vormt de basis van de huidige museumverzameling.
    Sinds de stichting in 1956 heeft Singer Laren de basiscollectie kunnen uitbreiden door aankopen, schenkingen en bruiklenen, aanvankelijk vooral schilderijen uit de Haagse School en Amsterdamse impressionisten. Aankopen werden mede mogelijk gemaakt door de Stichting Vrienden van het Singer Museum. Grote schenkingen waren vervolgens die van werken van Ferdinand Hart Nibbrig en de collectie Groeneveld-Woerlee. De collectie omvat thans bijna 700 schilderijen, 2000 werken op papier en 180 sculpturen en zo’n 300 werken van toegepaste kunst.
    Singer Laren richt zich in haar collectiebeleid op verwerving van kunstwerken uit het modernisme, zoals neo-impressionisme of pointillisme, expressionisme, kubisme en geometrische abstractie. Belangrijke kunstenaars die tot deze stromingen behoren, hebben in Laren en omgeving gewerkt.
    De laatste jaren is de collectie uitgebreid met aankopen, schenkingen en bruiklenen van o.a. Bart van der Leck, Jan Sluijters, Leo Gestel, Chris Beekman, Jan Toorop, Mommie Schwarz, Else Berg, Gustave De Smet en Herman Kruyder

    Leeuwarden Keramiekmuseum Princessehof lees meer
    *Keramiekmuseum Princessehof bezit een grote en uitgebreide collectie keramiek uit de 20ste en 21ste eeuw. Er is een breed scala aan verschijningsvormen van nationale en internationale hedendaagse keramiek te zien. Het wordt duidelijk dat keramiek een taal van beeldende kunstenaars is geworden. Nieuwe aanwinsten krijgen een prominente plaats en de collectie wordt een paar keer per jaar gewisseld. Een meer dan elf meter lange 'etalagevitrine' toont een selectie van een aantal toonaangevende schilders uit de twintigste eeuw, die op verrassende wijze de keramische kunst exploreerden. Te zien is werk van Pierre Alechinsky, Karel Appel, Alphons Freijmuth, Bart van der Leck, Lucebert, A.R. Penck, Pablo Picasso en Betty Woodman
    Tevens bezit het museum een rijke collectie Nederlandse art nouveau en art deco keramiek. De presentatie laat in grote lijnen de Nederlandse keramiekproductie in de periode 1880-1930 zien. Er is voor een thematische opstelling gekozen, waarmee de verschillen en overeenkomsten tussen de fabrieken onderling sterk naar voren komen. Bezoekers zullen verrast zijn dat er vanaf het einde van de negentiende eeuw in Nederland dergelijk vernieuwend aardewerk werd gemaakt en nog wel van zo’n hoog niveau. Vooral voor kenners en liefhebbers is deze presentatie een genot omdat er zo veel te zien en te vergelijken valt.

    Leiden Museum De Lakenhal lees meer
    *In Museum De Lakenhal wandelt u langs de Nederlandse kunstgeschiedenis vanaf de middeleeuwen tot nu. De 20ste eeuw is vertegenwoordigd met werk van onder anderen Floris Verster, Menso Kamerlingh Onnes, Jan Toorop en Theo van Doesburg. Van Doesburg (1883-1931) verrichtte baanbrekend werk als initiator, promotor en organisator van de nieuwe kunst en richtte in 1917 in Leiden het tijdschrift De Stijl op. In De Lakenhal zijn behalve schilderijen ook glas-in-loodramen van hem te zien en de voorstudies hiervoor, op papier

    Leiden Scheltema voor actuele kunst lees meer
    *Scheltema brengt musici, kunstenaars, wetenschappers en bezoekers met elkaar in contact en biedt ruimte aan jonge en experimentele kunstenaars en gezelschappen. Doorlopend zijn in Scheltema beeldende kunst-, muziek- en theaterprojecten te zien en vinden er repetities, filmvoorstellingen, workshops en lezingen plaats. Tijdens het Scheltema Kunstfestival presenteren Scheltema, De Lakenhal en Veenfabriek twee dagen lang een grensoverschrijdend programma. Scheltema Kunstfestival vindt drie tot vier keer per jaar plaats. Enkele kunstenaars Koen Hauser Gosse de Kort Lyndsey Housden en Yoko Seyama Michiel Pijpe Nicola Kirkaldy en Roos Mascini irenececile Jochem van Tol Rachel Bacon Edwin Oudshoorn Annelies Dijkman

    Maastricht Bonnefanten LEES MEER
    *De internationaal georiënteerde collectie moderne- en hedendaagse kunst van het Bonnefantenmuseum heeft een nog jonge ontstaansgeschiedenis.
    De collectie hedendaagse kunst kan in 4 delen worden opgesplitst.
    Schilderijen, sculpturen & ensembles vanaf 1980 Prominente kunstenaars van de Amerikaanse minimal art en van de Italiaanse Arte Povera domineren deze basiscollectie en vormen een referentiekader voor recentere aankopen. Het museum richt zich in haar verzamelbeleid niet op specifieke media - er is meer dan enkel schilderkunst en sculpturen - maar gaat uit van krachtige individuele posities die kunstenaars innemen. De afgelopen jaren zijn er belangwekkende ensembles gevormd. Na iedere tentoonstelling probeert het museum steeds één of meerdere werken te verwerven van de desbetreffende kunstenaar.
    Collectie Jeanne en Charles Vandenhove Eind 2006 kreeg het museum een langdurig bruikleen van de omvangrijke collectie van de Fondation Charles en Jeanne Vandenhove. De collectie bevat werken van internationaal bekende kunstenaars als Kiefer, Nitsch, Tapies, Warhol en vele anderen.
    Kerncollectie Limburg In 2000 werd een inventarisatie afgerond van '100 jaar kunst in Limburg' en werd de zogeheten Kerncollectie Limburg gepresenteerd, met werken van Limburgers uit de periode 1870-1970

    Maastricht Marres Centrum voor Contemporaine Cultuur lees meer
    *Het programma van Marres stelt indirect de huidige rol van de kunstenaar ter discussie door historische en vrijwel vergeten gedaantes van de auteur – de dandy, de dilettant - uit de 19e en 20ste eeuw als leidraad te benutten voor het tentoonstellingsprogramma. In het afgelopen jaar heeft dit geleid tot een serie projecten, die alle zijn georganiseerd rond het idee van een avant-garde. Voor Marres ligt het belang van een avant-garde allereerst in die zogeheten breuk – een Umwertung aller Werte - met een bestaand waardesysteem binnen de kunst. Desondanks is met het onderzoek naar vroegere historische posities zoals die van de avant-garde tevens het idee van geschiedenis en vervolgens de wijze van geschiedschrijving een onontkoombaar onderdeel van het programma van Marres geworden. Specifiek voor Marres is de manier waarop geschiedenis en geschiedschrijving aan de orde zijn gesteld binnen de verschillende projecten

    Middelburg De Glazen Kast LEES MEER
    *Museum De Glazenkast is een museum voor hedendaagse kunst en cultuur, gevestigd in een VOC pakhuis uit 1651. Museum De Glazenkast verzamelt, beheert, onderzoekt en presenteert Zeeuwse kunst, cultuur en design van na het jaar 2000. De presentaties van de hedendaagse onderwerpen worden op een verrassende en creatieve manier in contrast gezet met het ruim drie eeuwen oude pakhuis. Museum De Glazenkast wil haar publiek op deze manier laten zien wat Zeeland op dit vlak te bieden heeft.
    Het verbinden van mensen: Kunst- en cultuur(beleving) is een hele goede lijmstof voor het verbinden van mensen. Een museum voor hedendaagse kunst als De Glazenkast dient midden in de samenleving te staan. Aangezien de samenleving bestaat uit mensen, generaties en (minderheids)groepen dient zij hierbij een integrerende rol te spelen. voor sommige groepen in de Zeeuwse samenleving is integreren een probleem. Voor deze groepen organiseert Museum De Glazenkast workshops onder begeleiding van een Zeeuwse kunstenaar en een maatschappelijk werker

    Middelburg Zeeuws Museum LEES MEER
    *Ook de collectie hedendaagse kunst van de Provincie Zeeland, met werken van onder meer Marinus Boezem, Piet Dieleman en Jan van Munster, bevindt zich in het Zeeuws Museum

    Nijmegen Het Valkhof LEES MEER
    *De verzameling moderne kunst van Museum Het Valkhof omvat werken van hoofdzakelijk Nederlandse kunstenaars, vanaf de jaren 60 van de 20ste eeuw, met werken van de Nederlandse Pop Art en het Hedendaags Expressionisme. Maar ook met werken van kunstenaars uit andere landen in Noordwest-Europa.
    De collectie bestaat voornamelijk uit schilderijen, collages-assemblages, werken op papier en beeldhouwwerken. Het gaat in hoofdzaak om de Nederlandse kunst vanaf de jaren zestig. Daarnaast koopt het museum selectief werk aan van kunstenaars uit Duitsland, België en Frankrijk.De collectie biedt een representatief beeld van de ontwikkeling van de schilderkunst in Nederland.
    Tegen het einde van de 20ste eeuw is een uitgesproken individualisering in de hedendaagse kunst zichtbaar geworden. Kunstenaars richten zich vooral op hun eigen persoonlijke ontwikkeling, waarbij begrippen als identiteit en levensvisie centraal staan. In de collectie zijn de volgende kunstenaars hiervan een voorbeeld: Frank Van den Broeck, Gérard Garouste, Jean Le Gac, Fons Haagmans, Martin Hendriks, Karel Martens, Rinke Nijburg, Titus Nolte, Willem den Ouden, Arjanne van der Spek, Toon Teeken, JCJ Vanderheyden, David Vandekop
    Tot de collectie moderne kunst behoren enkele werken van vooraanstaande Nederlandse kunstenaars, zoals Gezicht op een stad van Carel Willink en De boogschietwedstrijd van Pyke Koch. Verder heeft het museum representatieve werken van een aantal belangrijke buitenlandse kunstenaars die slechts spaarzaam zijn vertegenwoordigd in de Nederlandse museumcollecties: Jean le Gac, Gérard Garouste, Anthony Cragg, Herbert Egl, Georg Meistermann, Panamarenko, Shinkichi Tajiri en Narcisse Tordoir.
    De collectie bevat representatieve groepen werken van landelijk vooraanstaande kunstenaars: Armando, Marjolijn van den Assem, Frank van Hemert, Benoît Hermans, Frank Van den Broeck, Willem den Ouden, Fred Sieger, Toon Teeken en Elizabeth de Vaal.Als cluster heeft de Nederlandse pop art een unieke waarde. Het omvat werken van Woody van Amen, Gustave Asselbergs, Rik van Bentum, Paul Damsté, Sam Middleton, Shinkichi Tajiri en Jacob Zekveld. Bovendien heeft het museum van Woody van Amen en Gustave Asselbergs uitgebreide en representatieve collecties, die nergens in deze samenhang en op dit niveau zijn vertegenwoordigd

    Otterlo Museum Kroller Muller LEES MEER
    *De uitgebreide collectie schilderijen en tekeningen van Vincent van Gogh van het Kröller-Müller Museum trekt veel liefhebbers uit binnen- en buitenland. De vaste collectie bestaat uit werken van beroemde kunstenaars, zoals Picasso, Renoir, Monet en Mondriaan. Het museum toont hedendaagse kunst en organiseert verrassende tijdelijke tentoonstellingen. De beeldentuin is met zijn 25 hectare en ruim 150 sculpturen één van de grootste van Europa.

    Rotterdam Boijmans v.Beuningen LEES MEER
    *Bezoek Museum Boijmans Van Beuningen en maak een reis door de geschiedenis van de kunst, van de vroege Middeleeuwen tot de 21ste eeuw. Topstukken van meesters als Bruegel, Rembrandt, Van Gogh en Dalí brengen de verschillende kunststromingen in beeld. Hedendaagse kunstenaars onderbreken de opstelling met verrassende interventies.
    Museum Boijmans Van Beuningen toont oude en moderne kunst, toegepaste kunst en design. Het museum bezit een van ’s werelds belangrijkste collecties tekeningen en prenten. Samen met de opzienbarende tijdelijke tentoonstellingen, het restaurant dat uitkijkt op de beeldentuin en de prachtige jaren dertig architectuur staat de collectie garant voor urenlang kunstgenot

    Rotterdam Chabot Museum lees meer
    *Het Chabot Museum in Rotterdam is sinds 1993 gevestigd in een monument van het Nieuwe Bouwen. Het museum, een witte hoekvilla aan het Museumpark is een ontwerp uit 1938 van de architecten Baas en Stokla. Sinds 2000 is het ook een Rijksmonument en het beheert een van de belangrijkste collecties van de schilder en beeldhouwer Hendrik (Henk) Chabot (1894-1949), een Nederlandse expressionist: Henk Chabot (1894-1949) een expressionistische schilder en beeldhouwer jaren 1930-50.

    Rotterdam de Kunsthal LEES MEER
    *Een bezoek aan de Kunsthal is een boeiende tocht langs oude meesters, vergeten culturen, fascinerende foto's, vernieuwend design en hedendaagse kunst. Omdat er altijd meerdere exposities tegelijk te bezichtigen zijn, biedt de Kunsthal een avontuurlijke reis door verschillende werelddelen en kunststromingen.
    Van elitair tot populair De Kunsthal laat cultuur in de meest brede betekenis van het woord zien, van elitair tot populair. Deze aanpak levert een boeiend en afwisselend repertoire aan tentoonstellingen op. Onder meer over Jugendstilmeester Mucha, over Henri de Toulouse-Lautrec, het Impressionisme, de Romantiek, over Willem de Kooning en Henry Moore, over Zwartvoet Indianen, Wonderland en Dinosauriërs.
    Verrassende architectuur In totaal beschikt de Kunsthal over 3300 m2 tentoonstellingsruimte in een opvallend gebouw, ontworpen door de Rotterdamse architect Rem Koolhaas. Alleen al het beleven van deze verrassende architectuur maakt een bezoek aan de Kunsthal de moeite waard.

    Rotterdam Ned. Fotomuseum LEES MEER
    *Het Nederlands Fotomuseum herbergt een schatkamer voor Nederlandse fotografie. In de geklimatiseerde depots van het museum worden 129 archieven bewaard. Deze bevatten drie miljoen negatieven en daarnaast een groot aantal dia’s, afdrukken en documenten over het leven en werk van Nederlandse fotografen als Ed van der Elsken, Cas Oorthuys en Piet Zwart. Het museum verzamelt ook amateurfotografie en beheert bijvoorbeeld de archieven van Katharina Eleonore Behrend en Hein Wertheimer. Dankzij de rijkdom aan onderwerpen, genres en toepassingen omvat de collectie niet alleen de geschiedenis van de Nederlandse fotografie, maar is het ook meer dan een eeuw geschiedenis van Nederland in beelden.

    lees meer
    *TENT. is een Rotterdamse tentoonstellingsruimte waar op 1ooo m2 een beeldende kunstprogrammering is te zien die zich richt op de betekenis van plaats en context. Met groepstentoonstellingen als TRACER (2oo4), NEO-BEGINNERS (2oo6) en WRONG TIME, WRONG PLACE (2oo7) bevraagt TENT. de verhouding tussen locale kunst, de stad Rotterdam en de wereld er omheen. Met andere woorden: Location, Location, Location staat centraal in TENT. En vooral, wat de kunstenaars daaromtrent beweegt. TENT. heeft een cultureel-maatschappelijke blik op hedendaagse grootstedelijke onderwerpen. De programmering van TENT. is gericht op het signaleren van lijnen en verbanden in de Rotterdamse kunstwereld. Kunstenaars brengen hun werk onder de aandacht van TENT. en TENT. trekt er op uit. Door atelierbezoeken af te leggen en veel met kunstenaars van gedachten te wisselen over de relatie ‘productie – presentatie’, komen uiteindelijk de projecten tot stand. Met groot respect voor het publiek, voor wie het pleidooi uiteindelijk bedoeld is

    Rotterdam Witte de With LEES MEER
    *Witte de With Werd in 1990 geopend ALS Centrum voor Hedendaagse Kunst ontmoet de Opdracht OM Hedendaagse kunst en theorie te introduceren in de Rotterdamse en Nederlandse context. De nieuwe Instelling Wilde EEN VOOR Alternatief zijn zowel Klassieke Het Museum voor Moderne Kunst ALS VOOR DE bestaande kunstenaarsinitiatieven. In de loop der Jaren heeft Witte de With Zich niet afschuwelijk Aan Het vervullen van This rol gewijd, MAAR Zich bovendien ontwikkeld TOT opdrachtgever en Producent van Nieuwe kunstwerken. Er ontstond EEN Lokaal, Nationaal en Internationaal Netwerk van Personen INSTELLINGEN en sterven Het instituut volgden en Actief ondersteunden. Van begin af Aan Werden Veel Activiteiten Begeleid door-en vastgelegd in publicaties, sterven Inmiddels EEN Ruime Verspreiding Hebben Gevonden

    Schiedam Stichting Kunstwerkt lees meer
    *Deze stichting bezit een representatieve tentoonstellingsruimte in het centrum. Deze ruimte was ooit de kerk waar dichter Francois Haverschmidt alias Piet Paaltjens dominee was, de Pauluskerk. Deze ruimte heet dan ook Pand Paulus.Iedere maand zorgen aangesloten leden (kunstenaars uit Schiedam, Rotterdam en Vlaardingen) voor interessante exposities. Een enkele keer hebben zij een samenwerkingsverband met het Stedelijk Museum Schiedam.Een van de bekendste leden is Diet Wiegmans. Zijn schaduwprojecten zijn wereldvermaard en ook de film over zijn werk (gemaakt in samenwerking met zijn zoon Mike Redman) heeft al tal van prestigieuze Amerikaanse documentaireprijzen gewonnen, waaronder de beste kunstfilm 2009. Zo ook Sjef Henderickx.

    Schiedam Stedelijk museum LEES MEER
    *CoBrA collectie Stedelijk Museum Schiedam
    Sinds de jaren vijftig verzamelt het Stedelijk Museum Schiedam eigentijdse kunst. Naast aankopen, vormen vooral schenkingen en langdurig bruiklenen van particulieren en instellingen tot op de dag van vandaag een substantieel deel van de collectie. De collectie ontwikkelt en completeert zich mede door dit initiatief. In het Stedelijk Museum Schiedam is een keuze uit de eigen collectie permanent te zien. De presentatie wordt regelmatig gewisseld of aangevuld met nieuwe aanwinsten.De belangrijkste kerncollectie van het Stedelijk Museum Schiedam is de ‘experimentele' en ‘informele' kunst uit de jaren 1945-1960, waartoe circa 250 CoBrA werken van schilders als Karel Appel, Constant, Corneille en vele anderen behoren. De CoBrA-leden laten zich inspireren door de spontaniteit van het kind en ‘primitieve culturen'. Geliefde onderwerpen zijn fantasiedieren en fantasiewezens, neergezet in onvermengde, sprekende kleuren. Enkele kunstenaars verbeelden ook de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog.
    De spontane expressie van de CoBrA kunstenaars leidt tot een geheel nieuwe, experimentele beeldtaal. De kern van de Schiedamse CoBrA-collectie wordt gevormd door het werk van de Nederlandse tak van de CoBrA-beweging: Karel Appel, Eugene Brands, Constant, Corneille, Jan Nieuwenhuijs, Anton Rooskens en Theo Wolvecamp. Daarnaast worden ook de dubbeltalenten Jan Elburg en Lucebert, beiden dichter en schilder, tot de collectie gerekend

    Sittard Het Domein lees meer
    *Museum Het Domein is een relatief jong museum voor hedendaagse kunst en stedelijke historie en archeologie. Vol nieuwsgierigheid, eigenzinnigheid en creativiteit worden hier de geschiedenis van stad en streek en de nieuwste ontwikkelingen in de internationale hedendaagse kunst getoond.
    De afdeling Hedendaagse Kunst, op de benedenverdieping, is voornamelijk gericht op de internationale avant-garde met fotografie, videokunst en cross-overs als herkenbare specialisaties. Vooral jonge helden en hun oudere artistieke voorbeelden staan hier centraal.

    Tilburg Museum De Pont Museum voor Hedendaagse Kunst LEES MEER
    *Bij de officiële start van De Pont, in september 1992, was het allerminst zeker of ons beleid, dat zich richt op een beperkte groep kunstenaars en op langdurige presentaties van zowel de collectie als tijdelijke tentoonstellingen, een formule zou blijken die bij kunstenaars en publiek op belangstelling en waardering kon rekenen. Tot onze vreugde is dat duidelijk wel het geval en De Pont heeft inmiddels niet alleen in Nederland maar ook internationaal een behoorlijke bekendheid opgebouwd.
    Het begin werd gemaakt met twintig kunstenaars, een gezelschap waarmee wij meenden over een redelijke representatie te beschikken van de verschillende houdingen die je onder hedendaagse kunstenaars kunt aantreffen. Dat bescheiden gezelschap is inmiddels, sneller dan verwacht, verdrievoudigd. Het aantal werken in de collectie nam toe met zo'n dertig per jaar, van rond veertig aan het eind van 1992 tot vierhonderdvijftig in 2009. De meeste aankopen worden gedaan uit de tijdelijke tentoonstellingen die we in De Pont organiseren.
    De opzet van deze verzameling is eerder intuïtief dan beredeneerd tot stand gebracht, hoewel er diepgaande discussies met het bestuur van onze stichting aan ten grondslag liggen. Zo'n gevoelsmatige aanpak heeft zijn voordelen, maar ook het nadeel dat de samenhang in de collectie langzamer ontstaat dan wanneer je een bepaalde ontwikkeling of generatie kunstenaars volgt. Wij hebben er echter voor gekozen ons niet op een richting of groep vast te leggen, maar onze pijlen in principe te kunnen richten op elke levende kunstenaar die onze aandacht trekt. Van die door ons gekozen kunstenaars willen we op den duur graag over een aantal kenmerkende werken beschikken die inzicht geven in hun gedachtengoed en de wijze waarop dit wordt verbeeld.
    De collectie onder het kopje 'de verzameling' terug te vinden

    Uden '''Museum voor Religieuze Kunst''' lees meer
    *Het museum herbergt een grote verzameling middeleeuwse beelden, een groep zeer zeldzame monstransen van rond 1500, een omvangrijke collectie volksdevotie, waaronder tienduizenden bidprentjes, en een groot aantal stukken, dat de geschiedenis van de abdij en van de regio belicht. Bijzonder zijn ook de deelverzamelingen iconen en hedendaagse religieuze kunst. Moderne kunst speelt binnen de collectie een prominente rol, maar het is wel een gespecialiseerd museum. Enerzijds verzamelen zij met de zelfde maatstaven als collega’s, leggen ze dezelfde kwaliteitscriteria aan en kiezen voor de zelfde kunstenaars, bijvoorbeeld Marc Mulders, ook in De Pont, of Natasja Kensmil, ook in Jan Cunen Oss. Anderzijds richten zij ons op religieuze thema's

    Utrecht Centraal Museum LEES MEER
    *Bij de indeling van de collectie wordt vanaf 1850 het onderscheid tussen schilderkunst, beeldhouwkunst en werken op papier losgelaten, omdat steeds meer kunstenaars interdisciplinair gaan werken en daardoor het onderscheid niet altijd te maken is.
    De collectie moderne kunst bevat ruim 6000 kunstwerken van ca. 1200 kunstenaars. Hoogtepunten zijn onder andere werken van Erich Wichman, Janus de Winter en Theo van Doesburg, en Pyke Koch, J.H. Moesman, Carel Willink en Charley Toorop).
    Vroeg modernen Utrecht kent een rijke geschiedenis wat betreft het ontstaan van de abstracte kunst en de introductie van de moderne kunst in Nederland. Erich Wichman, Janus de Winter en Theo van Doesburg waren avantgardisten van het eerste uur die vanuit de Domstad de Nederlandse kunstwereld in beroering brachten. Het werk van deze kunstenaars is in de Utrechtse collectie goed vertegenwoordigd. In 1973 vond in het Centraal Museum de tentoonstelling ‘Het nieuwe wereldbeeld. Het begin van de abstracte kunst in Nederland 1910-1925’ plaats. Sindsdien is een deelverzameling bijeengebracht van pioniers van de moderne kunst, zoals Otto van Rees, Jan van Deene, Jacob Bendien, Carel Willink, Douwe van der Zweep en Jacoba van Heemskerck. Van kunstenaars die bij de kunstenaarsgroep De Branding betrokken waren, zoals Herman Bieling, Bernhard Canter, Georges Robèr, Laurens van Kuik en Elisabeth Stoffers, is eveneens een representatieve selectie werken verworvenHet Centraal Museum bezit een uitgebalanceerde kostuumcollectie van circa 8000 stukken. Deze deelcollectie is vanaf 1917 bijeengebracht en is daarmee een van de vroegste openbare kostuumcollecties van Nederland. Wat stijlperiode betreft is de collectie van de vrouwenmode tot aan 1970 vrijwel compleet. De collectie is samengebracht door schenkingen, maar de laatste jaren ook door een actief en gericht aankoopbeleid. Een van de topstukken uit de negentiende eeuw die voor de internationale uitstraling van Utrecht belangrijk zijn, is de hofsleep uit 1809, hoogstwaarschijnlijk gedragen door E.C. Both Hendriksen bij het voorstellen aan koning Lodewijk Napoleon.
    Het Centraal Museum beschikt over een omvangrijke internationale collectie hedendaagse mode: Dries van Noten, Vivienne Westwood, Issey Miyake, G+N, Viktor & Rolf, Aziz Bekkaoui, Junya Watanabe en Keupr/Van Bentm. Vanaf de jaren zeventig richt het collectiebeleid van het Centraal Museum zich op eigentijdse ontwerpers in Nederland, bijvoorbeeld Emmy van Leersum en Frans Molenaar. Zowel couture als confectie vindt de weg naar het Centraal Museum. Internationale labels werden in die periode alleen toegevoegd als ze uit Nederlands bezit kwamen. Vanaf de jaren tachtig werd de toon gezet voor het verzamelen van actuele mode van nationaal en internationaal niveau. Het was toen al niet meer noodzakelijk dat ze uit Nederlands bezit kwamen. In de jaren negentig is de verzamelprioriteit verlegd naar het specifiek volgen van de beweging Dutch Modernism. De ontwerpers sluiten qua stijl en mentaliteit goed aan bij de Nederlandse traditie van vormgeving zoals Rietveld en Droog Design. Inmiddels zijn daar, mede door een bewust aankoopbeleid, internationale toonaangevende namen aan toegevoegd. Ontwerpers als Maison Martin Margiela, Johji Yamamoto, Jean Paul Gaultier, Comme des Garçons en Hussein Chalayan hebben de collectie verrijkt. Nog steeds is het bijeenbrengen van hedendaagse mode, zowel nationaal als internationaal, een van de belangrijkste speerpunten van het Centraal Museum.

    Venlo Van Bommel van Dam LEES MEER
    *Museum van Bommel van Dam gaat terug tot 1969, het jaar waarin Maarten en Reina van Bommel van Dam hun omvangrijke kunstverzameling aan de gemeente Venlo schenken. De oorspronkelijke collectie is er een van heterogene aard. Een gedeeltelijke weerspiegeling van het kunstaanbod in de tijd van haar ontstaan: De vijftiger en zestiger jaren van de twintigste eeuw. Hoofdbestanddeel vormt de schilderkunst met daarbinnen een uitgesproken voorkeur voor abstract-expressionistische tendensen
    Na de Tweede Wereldoorlog beginnen Maarten en Reina van Bommel - van Dam met het verzamelen van kunst. In de loop der jaren kopen ze honderden werken van vooral Nederlandse kunstenaars. Ook verzamelen ze Japanse tekeningen en prenten, Zuid-Amerikaans aardewerk en Afrikaanse beelden.
    In 1969, wanneer de woning in Amsterdam te klein is geworden, schenkt het echtpaar zijn collectie van circa 1200 schilderijen, tekeningen, prenten en beelden aan de gemeente Venlo. Maarten en Reina van Bommel - van Dam stellen als voorwaarde dat de gemeente de geschonken verzameling onderbrengt in een museum. Ook bedingen zij dat ze bij de collectie kunnen wonen.
    In 1971 opent het eerste museum voor moderne kunst in Limburg zijn deuren: Museum van Bommel van Dam

    Venray Odapark, centrum voor hedendaagse kunst lees meer
    *Het Odapark is een ambitieus en eigenzinnig centrum voor nationale en internationale vernieuwende hedendaagse kunst, gelegen in het prachtige groene lege land tussen verstedelijkte gebieden, figuurlijk in de periferie van de steden Eindhoven, Nijmegen/Arnhem, Maastricht en Düsseldorf. Het Odapark beschikt over een 19 hectare groot bosrijk stiltegebied van uitzonderlijke landschappelijke schoonheid. In de loop van de afgelopen eeuw is een rijk geschakeerd parklandschap ontstaan met oude bomen, lanen en stuifduinen. Onderdeel van dit landschap is een beeldenpark. Hierin staan ruim 60 sculpturen van hedendaagse kunstenaars. In het hart van het park staat het 100 jaar oude gerenoveerde Theehuis met haar multifunctionele projectruimtes. Door deze bijzondere combinatie is het Odapark een unieke plek in het Nederlandse culturele landschap. Naast het regulaire tentoonstellingenprogramma van hedendaagse kunst organiseert het Odapark om de twee jaar een grote multidisciplinaire kunstmanifestatie met een leidend thema. Binnen de programmering van deze manifestaties zal er altijd plaats zijn voor dwarsverbanden met andere kunstvormen (cross-over projecten). Deze manifestaties omvatten altijd samenwerking met meerdere culturele organisaties uit de Euregio.
    Het Odapark promoot eigenzinnige kunst die tot nadenken stemt, verontrust, soms een glimlach om de lippen tovert, en vaak ook gewoon heel erg mooi is

    Vledder Museums Vledder LEES MEER
    *Museum Hedendaagse Grafiek
    Het Museum Hedendaagse Grafiek geeft een overzicht van de ontwikkeling van de grafiek met voorbeelden uit verschillende genres en perioden. De grafiek in Vledder is van de beste kunstenaars ter wereld. Ze komen voor in de handboeken over hedendaagse kunst of staan op postzegels. Bram Druil uit Wapse zult u er niet aantreffen
    Museum Hedendaagse Glaskunst Het Museum Hedendaagse Glaskunst richt zich voornamelijk op multipels, al zijn er ook eenmalige werken aangekocht

    Waalwijk Nederlands Leder en Schoenen Museum lees meer
    *De basis voor de collectie is gelegd door voormalig leraar schoenmaken Antoon Hendriks. Vanuit zijn passie voor het vak verzamelde Hendriks, naast schoenen van over de gehele wereld, ook gereedschappen, leesten etc die noodzakelijk zijn voor het met de hand vervaardigen van schoenen. Na de oprichting van het museum in 1954, werden aan de collectie ook machines uit de schoenen- en lederindustrie toegevoegd. Het fabrieksgedeelte van het museum is ingericht als looierij en schoenfabriek, waarin zowel de handmatige als geautomatiseerde fabricage processen aanschouwelijk worden gemaakt. Iedere tweede zondag van de maand en de woensdagmiddagen in de maanden juli en augustus vinden er gratis rondleidingen voor individuele bezoekers in de fabriek plaats waarbij de diverse machines worden gedemonstreerd. Het Nederlands Leder en Schoenen Museum toont met hart en ziel zijn ‘leerrijk’verleden en speelt in op de hedendaagse ontwerpen!

    Zutphen Museum Henriette Polak (gemeentelijk museum) LEES MEER
    *kerncollectie van het Museum Henriette Polak bestaat uit kunstwerken die zijn aangekocht door de stichting Henriette Antoinette en de kunstwerken uit de collectie die aansluiten bij de uitgangspunten van deze stichting. In de jaren zestig begon de stichting Henriette Antoinette met het samenstellen van een verzameling kunstwerken ten behoeve van een nieuw museum. Het betrof vooral kunstwerken van Nederlandse kunstenaars, die destijds buiten de aandachtsgebieden van de avant-garde kunstwereld stonden, maar in de ogen van het stichtingsbestuur medebepalend waren voor de ontwikkelingen in de Nederlandse kunstgeschiedenis. De kunstwerken sloten aan op de voor-oorlogse modern-klassieke kunst, die voortbouwde op de Franse moderne kunst van rond 1900. De traditie van de modern-klassieke kunst is tot op de dag van vandaag springlevend en nog altijd uitgangspunt voor het verzamelbeleid van het Museum Henriette Polak.
    de Stichting Henriette Antoinette heeft de collectie in 1975 overgedragen aan de gemeente Zutphen
    Tot de collectie horen onder meer Mari Andriessen (1897-1979) Jeanne Bieruma Oosting (1898-1994) Johan Buning (1893-1963) Fred Carasso (1899-1964) Constant (1920-2005) Otto B. de Kat (1907-1995) Arie Kater (1922-1977) Wim Oepts (1904-1988) Willem den Ouden (1928) Charlotte van Pallandt (1898-1997) Jaap Ploos van Amstel (1929) Arie Schippers (1952) Joop Sjollema (1900-1990) Henk Pander(1937) Jan Wolkers (1925-2007)

    Zwolle-Heino De Fundatie LEES MEER
    *De collectie van ruim 7.000 objecten is opgebouwd uit een aantal - overwegend particuliere - verzamelingen. De basis voor de collectie werd gelegd door de kunstkenner Dirk Hannema (1895-1984), oprichter van de Stichting Hannema-de Stuers Fundatie, waaruit Museum de Fundatie is voortgekomen. Zijn collectie versmolt in de loop van de tijd met andere verzamelingen, zoals die van het echtpaar De Graaff-Bachiene, kunstenaar Paul Citroen, acteur Henk van Ulsen en longarts Willem Hogervorst. De internationale collectie van Museum de Fundatie omvat oude kunst, moderne en hedendaagse kunst, kunstnijverheid (glas, keramiek en meubels, met name uit de 17e, 19e en eerste helft van de 20e eeuw), niet-westerse kunst en een kleine collectie etnografica


    Home